Opinie

Juncker weet niet wat hij met de EU wil

Ondanks zijn doortastendheid weten we niet waar we met Jean-Claude Juncker aan toe zijn.

Jean-Claude Juncker, baas Europese Commissie. Beeld Elyxandro Cegarra / Demotix
Jean-Claude Juncker, baas Europese Commissie.Beeld Elyxandro Cegarra / Demotix

Toen Jean-Claude Juncker in november 2014 aantrad stond de EU er slecht voor. Samen met de financieel-economische crisis woedt een vertrouwenscrisis in Europa.

Eén deel van de Europese bevolking is het vertrouwen verloren vanwege de hoge werkloosheid en hoopt op steun van de Commissie. In de lidstaten waar het beter gaat bestaat de vrees voor een overdrachtsunie waardoor zij voor de kosten van de achterblijvers opdraaien. Daarnaast voelen regeringen zich bedreigd door neigingen tot Europese centralisatie. Verdere integratie betekent namelijk ook dat nationale regeringen en parlementen aan belang inboeten.

Met de directe verkiezing van Juncker door het Europees Parlement (EP) is het EP nog meer op een echt parlement gaan lijken. Dat wakkert natuurlijk de vrees in de lidstaten aan voor de groeiende invloed van het EP op de Commissie.

Om de Europese federalisering in te dammen, schreef de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans in de Financial Times dat het EP niet te belangrijk moet worden en de Commissie evenzeer naar de lidstaten moet luisteren. Ook de eis van Groot-Brittannië voor een bescheiden EU drukt zwaar op de schouders van Juncker. Kortom, de een vraagt meer van Juncker en dan ander wil juist minder.

Vertrouwen herwinnen

Juncker is zich terdege bewust van zijn taak om het vertrouwen in de EU te redden. Omdat de Unie kraakt in haar voegen, presenteerde hij zijn nieuwe team onomwonden als 'The Last Chance Commission'. Zijn mandaat is de laatste kans om het vertrouwen in de EU te herwinnen.

De vraag is echter hoe hij dit kan bewerkstelligen binnen zijn regeerperiode van vijf jaar. Aan de positieve kant van de balans staat dat Juncker politiek hoog heeft ingezet bij de vluchtelingencrisis. Naast zijn ambitieuze plannen, is Juncker ook niet bang om binnen vier weken de lidstaten al grove achterstalligheid te verwijten in het nakomen van de beloftes over vluchtelingenopvang en extra middelen. Binnen de EU kan alleen een politicus dat doen die lef en gezag heeft. Zijn voorganger Barroso mistte daarvoor de status in de omgang met regeringsleiders.

Een andere, voor Nederland, belangrijke ontwikkeling is de focus van de Commissie op hoofdzaken en betere regelgeving. Onder het motto 'groot op grote dingen; klein op kleine dingen' wil Juncker het imago bestrijden van eindeloze Europese bemoeizucht. Bovendien heeft Timmermans, als eerste vicevoorzitter en commissaris voor 'betere regelgeving', de taak gekregen om niet minder dan een cultuuromslag tot stand te brengen in de Brusselse Bubbel. Zodoende wil Juncker de handen vrijhouden voor zijn beleidsprioriteiten.

Doorpakken

Met gevoel voor politiek momentum legt Juncker met ongekende Europese snelheid plannen op tafel voor het bestrijden van de economische crisis, klimaatcrisis en de vluchtelingencrisis. Om slagvaardig te kunnen optreden in crisissituaties moeten EU instellingen de handen ineen slaan samen met de lidstaten en doorpakken. Dat Juncker hier het gewicht voor heeft blijkt uit de aanpak van de vluchtelingencrisis. Het akkoord werd genomen zonder steun van Tsjechië, Slowakije, Hongarije en Roemenië. Dit is politiek ongebruikelijk voor zo'n zwaar besluit, maar Juncker wil tonen dat Europa wel problemen kan oplossen en meerwaarde heeft. Als er nu iemand is die dit dossier kan trekken dan is hij het en het EP werkt soepel met hem mee.

Toch laat Juncker ook twijfel bestaan en wel over de cruciale vraag naar de koers van de EU. Hij wil de grote problemen aanpakken in plaats van navelstaren over Europa. Echter, hij draagt ook zijn verleden als federalist met zich mee. Sinds zijn kandidaatstelling als 'president' van de Commissie pleit Juncker voor een politiekere Commissie onder de vleugels van het EP, nauwe samenwerking met het EP, meer Europese middelen, en, om maar wat te noemen, een Europese kustwacht. Achter zijn dadendrang blijft zijn visie op de Europese finalité verscholen. Waar Barroso openlijk voor Europese federatie pleitte kiest de politiek fijnzinnige Juncker voor omfloerst taalgebruik over een eventuele Europese fiscale stabilisatie functie (lees: een Europese minister van financiën).

Met Juncker staat de EU duidelijker dan ooit op een tweesprong. Enerzijds toont hij begrip voor de angsten van lidstaten voor een Europese superstaat, duwt hij de Europese samenwerking richting pragmatische oplossingen en wil hij de Europese meerwaarde afdwingen. Anderzijds draagt Juncker actief bij aan de politisering van de EU, mede door versterkte samenwerking met het EP. Zolang het onduidelijk blijft welke richting Juncker op wil met de EU verdient hij na één jaar nog niet meer dan het voordeel van de twijfel.

Adriaan Schout en Hedwich van der Bij zijn verbonden aan Instituut Clingendael.

Meer over