Ander commentaarBiden en China

Joe Biden wil laten zien waar het hem in de wereld om gaat

Was het een meesterzet van president Joe Biden, de levering van nucleair aangedreven onderzeeërs aan Australië, of een afleidingsmanoeuvre, na de beschamende aftocht uit Afghanistan? Dit vragen columnisten en commentatoren in internationale bladen zich af.

De Australische premier Scott Morrison tijdens een ontmoeting met de Amerikaanse president Joe Biden. Beeld AFP
De Australische premier Scott Morrison tijdens een ontmoeting met de Amerikaanse president Joe Biden.Beeld AFP

Biden bracht het aanhalen van de banden met Australië en Groot-Brittannië in het anglofone samenwerkingsverband Aukus als een eerste succes van zijn nieuwe beleid. Geen onwinbare, uitzichtloze oorlogen meer in strategisch gezien onbelangrijke achtertuinen als Afghanistan, maar weer de hoofdrol opeisen in de werkelijke machtsstrijd op het wereldtoneel en rivaal China weerwerk geven. Dat de Fransen uit hun vel sprongen, omdat zij duikboten aan Australië zouden verkopen, nam hij op de koop toe.

Robert Kaplan is ronduit enthousiast in een opiniestuk in The Washington Post. ‘De regering-Biden heeft zojuist de opmars van China in het Indo-Pacifische gebied tot staan gebracht.’ Geen wonder voor de vermaarde auteur die al in de jaren negentig verslag deed van in zijn ogen onbegrijpelijke en bloedige conflicten waarvan de VS zich verre moeten houden en al jaren pleit om de aandacht weer te richten op het beteugelen van de andere grootmachten, Rusland en China. Zijn laatste boeken gaan over de machtsstrijd in de Zuid-Chinese Zee en de Indische Oceaan.

Engelstalig

Kaplan is ook zeer te spreken over de twee favoriete bondgenoten, beiden Engelstalig en met een gedeelde geschiedenis van eeuwen. De nucleaire onderzeeërs zijn heel geheim en exclusief en de VS hielden die tot nu toe angstvallig voor zichzelf. Dat de Australiërs ze wel mogen, zegt iets, het onderstreept de verwantschap. Biden betrekt de Australiërs ook weer bij het zware werk van militair machtsvertoon; ze hadden de gewoonte zich te verschuilen achter de Amerikaanse militaire overmacht en ondertussen zaken te doen met de Chinezen, vindt Kaplan. En bovenal laat Biden zien aan de andere landen in de regio die beducht zijn voor al te grote Chinese invloed (Japan, Zuid-Korea, Taiwan natuurlijk, Vietnam, Singapore) dat zij weer kunnen rekenen op de VS. Kaplan stelt met instemming vast: deze deal is belangrijker dan Afghanistan.

Zelfs The Economist geeft Biden wat krediet voor Aukus, nadat het Britse blad van het vrije-marktdenken hem fors de mantel had uitgeveegd na het chaotische vertrek uit Kabul: ‘Biden’s debacle’ stond onlangs groot op het omslag. Laf en onnodig, die terugtrekking. Maar hij richt terecht de Amerikaanse aandacht op China; Aukus ‘is een stap naar een nieuw evenwicht in het Pacifisch gebied.’

Zo komt de ouverture van Bidens oude baas Obama tien jaar geleden ‘weer boven water’: op bezoek in Australië kondigde Obama aan dat de landen rond de Grote Oceaan de Amerikaanse prioriteit zouden krijgen, maar daar was onder Trump niets meer van te merken. China maakte daar gebruik van en probeerde met allerlei kleine conflicten zijn wil op te leggen aan landen in de regio, ook Australië na een ruzietje over de bron van het coronavirus.

Diplomatiek offensief

Maar The Economist vindt dat militair machtsvertoon in dienst moet staan van een diplomatiek offensief: de banden aanhalen met de bondgenoten in de regio en China meer aanspreken op de autoritaire tendensen. Een te harde confrontatie met China is echter gevaarlijk, waarschuwt het blad. De landen in de regio hebben hun economische voorspoed mede te danken aan handel met China. De belangen van de meeste westerse bedrijven bij de Chinese markt en industrie zijn enorm. In de mondiale strijd tegen klimaatverandering is samenwerken met het regime van Xi cruciaal. Dus Biden moet een veel bredere strategie ontvouwen voor de omgang met China, meent The Economist. Bidens toespraak in de Verenigde Naties vindt het blad maar mager.

Tom McTague van The Atlantic ziet al wel ‘Joe Bidens nieuwe wereldorde’ gloren. Hij heeft het over ‘grootse strategische bewegingen’: weg uit Afghanistan, China confronteren, oude angelsaksische allianties boven de Europese Uuie stellen. Biden wil duidelijk laten zien dat hij de Amerikaanse macht weer wil laten voelen in de wereld, een breuk met zijn voorganger Trump en diens ‘America alone’, schrijft McTague. Die macht was weggeglipt in de afgelopen twintig jaar.

Hoogmoed

De oude wereldorde, die van de jaren negentig toen de westerse democratieën en de vrijhandel het model voor de hele wereld leek, werd neergehaald op 11 september 2001 door de terroristen van Al Qaida. Wat volgde waren jaren van Amerikaanse ‘hoogmoed en imperiale zelfoverschatting’, met de oorlogen in Afghanistan en Irak. China werd niet meer als rivaal gezien en in 2001 uitgenodigd mee te doen aan het mondiale economische systeem, in de verwachting dat het vanzelf westers zou worden. Maar terwijl de Amerikanen lastige oorlogen voerden, groeide China uit tot ‘een steeds machtiger en draconischer tegenstander’. Trump wilde daar niets tegenover stellen, Biden neemt nu het heft in handen.

Het lijkt een terugkeer naar de oude orde van Amerikaanse dominantie, schrijft McTague, maar de VS ‘moeten zich nu aanpassen aan de nieuwe wereld van Chinese macht’. Daarom heeft hij het over Bidens ‘nieuwe wereldorde’. Dat lijkt wel wat voorbarig, na één spraakmakende onderzeeërverkoop, een nieuwe alliantie van oude vrienden en een paar toespraken.

Meer over