Column

Jezus, vader, kijk nou toch, onze Jan Roos is veranderd in een boktor!

Toen Jan Roos 8 jaar was, gebeurde het.

Peter Buwalda
Jan Roos. Beeld anp
Jan Roos.Beeld anp

'Ben je boos/ pluk een roos', dichtte mijn moeder wanneer ik vroeger als een nationaalsocialistje tekeer ging omdat ik geen pennywafel mocht, 'zet hem op je hoed/ ben je morgen weer goed.'

Werkte averechts.

Vergelijkbare effecten zien we bij Jan Roos, lijsttrekker van Voor Nederland, bij wie ze bij geboorte een permanent bloemstukje hebben ingemonteerd. 'Nooit meer boos/ zal worden Jan Roos, aldus Shakespeare. 'What's in a name', aldus mijn moeder. Maar wat wil - juist Jan Roos is de meest boze man van Nederland.

Ergo, we hebben geen moer aan de dichtkunst.

Proza is beter. Afgelopen woensdag stond in deze krant een interview met Roos, misschien heeft u het gelezen, misschien niet. Ach, wat erover te zeggen. We aten onze yoghurt onder fascistisch gebulder tegen vluchtelingen, tegen windmolens, tegen de islam, tegen Europa, tegen Sylvana Simons.

Maar het ging ook over Roos zelf, de mensch, en daar kwam Franz Kafka om de hoek kijken. Roos ontving in het pittoreske kunstenaarsdorp Bergen een 'totaal niet rechtse' opvoeding, meldt hij, 'we lazen de Volkskrant, Het Parool, de VPRO-Gids, Vrij Nederland' - tot hij zomaar ineens van gedaante veranderde:

'Mijn moeder zegt dat er iets wonderlijks is gebeurd op een nacht in mijn achtste levensjaar. Daarvoor was ik een leuk, sociaal, zachtaardig jongetje dat een boekje zat te lezen op de hoek van de bank. Je had niet in de gaten dat ik er was. Op een morgen werd ik wakker, ging naar beneden en was wie ik nu ben.'

Een neonazi!

Bijna goed. Maar zo makkelijk maakt Kafka er zich niet van af, die werkt met metaforen, die blijven langer goed, qua houdbaarheid. Bij Kafka begint De gedaanteverwisseling zo: 'Toen Jan Roos uit onrustige dromen ontwaakte, ontdekte hij dat hij in zijn bed in een monsterachtig ongedierte was veranderd.' De papa en mama van Jan Roos schrokken zich bijna dood, natuurlijk. Jezus, vader, kijk nou toch, onze Jan Roos is veranderd in een boktor!

Het geniale van Kafka's verhaal is dat Jan Roos niks in de gaten heeft. Die vraagt zich geen moment af wat zijn ouders doormaken, hun lieve kereltje, in één nacht veranderd in een Hans Janmaat! Dat vinden Vrij Nederland-abonnees erg griezelig, natuurlijk.

Jan Roos niet. Die wil gewoon naar school, in z'n nieuwe populistenlijf, met z'n populistenspencer: hij gaat een spreekbeurt houden over Pim Fortuyn. ('Bijna niemand kende hem toen', zegt Jan Roos trots.) Dit resulteert in de meest geestige opmerkingen uit de bek van onze plots verzuurde centrumdemocraat op leeftijd! 'Veel mensen denken', zegt Jan Roos bijvoorbeeld, 'dat ik alleen maar een lollige jongen ben op zoek naar een grapje.'

Nee, Jan Roos, denkt de lezer, er is echt helemaal niemand meer die denkt dat jij een lollige jongen bent die op zoek is naar een grapje.

Ook laat Kafka Jan Roos de tederste gedachten koesteren over zijn ouders. Dat zijn vader dezelfde politieke ideeën heeft als hij, bijvoorbeeld. Maar zijn vader vermoordt hem. Dit is onze Jan Roos niet meer! En als Jan Roos' populistenlijkje is ingedroogd, wat een paar weken duurt, smijten papa en mama Jan Roos in de kliko.

Een dicht einde. Die heb je ook. Dat is de kracht van de literatuur, mensen, je steekt altijd iets op.

Meer over