ingezonden brieven

Jett Rebel vergeet voor het gemak één ding, dat festivals vooral een feest voor het virus zijn

De ingezonden lezersbrieven van vrijdag 6 augustus.

Jett Rebel tijdens een optreden op Eurosonic in Groningen, januari 2019. Beeld Redferns
Jett Rebel tijdens een optreden op Eurosonic in Groningen, januari 2019.Beeld Redferns

Verwend

Het is mooi dat Jett Rebel van zich laat horen. Ik geloof direct dat hij met passie muziek maakt, maar het komt hem goed uit zo voor zijn albumrelease.

De grote festivals kunnen niet doorgaan en direct huilt iedereen. Natuurlijk, er gaan banen verloren. En waarschijnlijk gaan er organisatoren failliet. Maar was er de laatste jaren niet een stortvloed aan festivals?

Toen alles nog gewoon was, voor corona, was het bijna onbetaalbaar om naar een festival te gaan. Dan heb ik het niet over de toegangsprijs (gemiddeld 250 euro voor drie dagen met artiesten), maar vooral de bijkomende kosten. Ruim geschat ben je voor een Lowlands, Pinkpop of North Sea Jazz Festival op zijn minst 500 euro kwijt. Dan is het nog de vraag of je bepaalde acts kan zien, omdat er geen plek meer is in de tent of zaal.

Prijzen die voor een gemiddelde buschauffeur of bouwvakker niet te betalen zijn. Maar dit zijn wel de mensen die werken en belasting betalen. Belasting waarover de muzieksector zit te zeuren en te dreinen om subsidie. Dus hou op met zeuren en ga weer muziek maken. Kom met liedjes, nieuwe albums, met creatieve ideeën. Zorg voor elkaar. Wees niet zo verwend.

Tom Verhulst, werkzaam in de muzieksector, Hoofddorp

Uit het hart

Het betoog van Jett Rebel (O&D, 4/8) komt recht uit zijn hart. En het snijdt hout. Het wordt hoog tijd dat de politiek zich dit aantrekt en met de sector gaat organiseren hoe het wel kan.

Peter Nierop, Leusden

Bij de boxen

Jett, ik weet hoe moeilijk het is voor jullie artiesten om je kop boven water te houden, en ik zie hoe lastig het is het publiek erbij te houden.

Ik zie nu een aantal avonden verschillende Nederlandse acts of in Nederland wonende buitenlandse artiesten, Patrick McCallion bijvoorbeeld, hun best doen op het podium van Paradiso in Amsterdam voor een handjevol publiek, wel gelukkig dat het weer kan. Maar helpt dit?

We weten allemaal dat de podia en festivals niet alleen kunnen draaien op de Nederlandse inbreng, pas zodra de buitenlandse acts weer op de podia staan, weten we dat het weer goed gaat. Helaas zal deze weg nog lang zijn met ook het oog op toestemming en verzekeringen.

Voor jou Jett, hoop ik dat je voor een volle Paradiso kan spelen op 19 januari 2022. Ik zal erbij zijn als Rutte niet meer tegenwerkt. En natuurlijk moet het buitenland meewerken, zodat we ook weer van al die buitenlandse acts kunnen genieten.

Jett! Ik zal links vooraan bij de boxen staan (of zitten) als je op het podium van Paradiso staat! Aan mij zal het niet liggen.

Henny Goedemans, Amsterdam

Eigen hachje

Jett Rebel schrijft de frustraties van zich af over de mislukte festivalzomer. In de kop staat treffend ‘Iedereen is bezig met zijn eigen hachje’. Jett laat door zijn opiniestuk helder zien dat ook hij daarmee bezig is.

Uiteraard is er kritiek te leveren op het cultuurbeleid van het kabinet. Maar Jett vergeet voor het gemak één ding, dat festivals vooral een feest voor het virus zijn: perfecte superspread events. Dáárom sta je onderaan in het lijstje van versoepelingen.

Steven Hoven, Zoutelande

Corona

Wat vreselijk jammer dat je in deze tijd niet kunt doen waar je goed in bent en waar je mensen een plezier mee doet. Ik zie echter in je hele verhaal niet één keer het woord corona staan. Corona is een, misschien is je dat niet ontgaan, door de hele wereld woedende dodelijke pandemie. En dat coronavirus lacht zich kapot als er grote groepen mensen bij elkaar zijn. Dat zag je pas geleden, toen hele hordes zich op onverantwoorde wijze te buiten gingen.

We zouden allemaal toch wat verder moeten kijken dan ons eigen straatje. Of, beste Jett, is dit toch een verhaal uit puur eigenbelang?

Jan Dinjens, Venray

Cultuurconsument

Ik ben ‘het publiek’, de cultuurconsument waarover Jett Rebel opmerkt: ‘Het breekt mijn hart dat de regering de cultuursector systematisch de kop indrukt. Maar het doet bijna nog meer pijn dat het publiek niet opkomt voor ons’. Hij heeft gelijk, waar blijven we? Één van de problemen is dat we zo veel categorieën publiek hebben: de festivalbezoeker is mogelijk niet betrokken bij kamermuziekconcerten.

Ik ben het echter niet eens met Rebels verklaring dat massale steun uitblijft, omdat iedereen bezig is met ‘z’n eigen hachje en dat we daarom in groten getale stemmen op iemand die dat lijkt te beschermen’. Bij de achtereenvolgende verkiezingen konden mensen niet kiezen voor kunst! Voor de politiek is kunst zelden een keuze geweest. Visie op en steun voor kunst en cultuur moeten al jaren met een lantaarntje gezocht worden, en worden zelden gevonden. En dat staat – schrale troost – los van covid.

Mirjam Sweijd, Amsterdam