ColumnArnon Grunberg

Je vraagt je af: voor wie doe ik het allemaal? Voor de beveiligingscamera’s

Arnon Grunberg Beeld x
Arnon GrunbergBeeld x

Vermoedelijk heb ik in totaal drie maanden van mijn leven op terminal 4 van JFK doorgebracht, en dan laat ik andere vliegvelden buiten beschouwing. Noodgedwongen hield hij van vliegvelden, mogen ze over me zeggen, zoals anderen van huisdieren.

Ik vond het eigenlijk terecht toen de directeur van terminal 4 me uitnodigde voor een rondleiding achter de schermen.

Eerst bezochten we de ruimte waar de beveiliging wordt geregeld, een bedompt hok. In principe kan elke beweging van iedere reiziger indien gewenst worden gereconstrueerd. Men vraagt zich af: voor wie doe ik het allemaal? Voor de beveiligingcamera’s. Je kunt beveiligingscamera’s ophangen in het eigen huis. Dan zie je wat daar gebeurt tijdens je afwezigheid. Verfrissend.

Vervolgens gingen we naar de ruimte waar TSA, onderdeel van het ministerie van Homeland Security, koffers controleert. (Dat ministerie werd geboren na 9/11 en een Amerikaanse vriend placht te zeggen dat hij bij de woorden Homeland Security altijd aan de Sovjet-Unie moet denken.)

Er zijn drie mogelijkheden. Uw koffer is in orde. Uw koffer moet nader worden bekeken. Uw koffer moet handmatig worden geopend.

Dat doen medewerkers van TSA liefdevol, wel zei de directeur: ‘Sommige mensen stoppen een accu van een auto in hun koffer. Die blijft hier achter. Er zijn grenzen.’ Hij liet me zien waar de in beslag genomen accu’s lagen.

Tot slot gingen we naar de toren. De sneeuw was vrijwel verdwenen. ‘We hebben hem doen smelten’, zei de directeur. ‘Niet duurzaam, maar we hadden even geen andere mogelijkheden.’

Hij wees op de vliegtuigen. ‘Het lijkt drukker dan een halfjaar geleden, maar die vliegtuigen zijn halfleeg. De verwachting is dat pas in 2024 het vliegverkeer weer op het niveau van 2019 zit. Vier verloren jaren.’

Een medewerker in de toren haalde zijn lunchtrommeltje tevoorschijn.

Onze verloren jaren. Breek ons de bek niet open.

Meer over