ColumnEva Hoeke

Je hoeft niet vóór Joyce (ex van Dion Graus) te zijn om haar toch te helpen

null Beeld Aisha Zeijpveld
Beeld Aisha Zeijpveld

Aan de ontbijttafel lazen we het zoveelste zotte verhaal over PVV-Kamerlid Dion Graus. Dit keer stond niet hijzelf of zijn liefde voor dieren of ridders centraal, maar zijn ex-vrouw Joyce, die hij jarenlang zou hebben ‘uitgeleend’ aan zijn particuliere beveiligers voor gedwongen seks. Ze had aangifte gedaan, maar in 2019 had de officier van justitie geoordeeld dat er een onvoldoende bewijs was om Graus voor de rechter te krijgen. Nu Joyce honderden nieuwe documenten en geluidstapes had ingeleverd bij het Openbaar Ministerie was de hoop dat dat alsnog zou lukken.

Ik had de krant nog niet dichtgeslagen of activist en kunstenares Tinkebell hing aan de lijn: of ik mijn handtekening wilde zetten onder een crowdfundingsactie voor juridische bijstand aan Joyce? Omdat er veel is verbeterd sinds #MeToo, maar het nog altijd verdomd lastig is om daders van zedenmisdrijven veroordeeld te krijgen? Tinkebell, op z’n Tinkebells: ‘We zijn er klaar mee steeds te moeten toezien hoe daders hiermee wegkomen. Doe je mee?’

Nou, daar moest ik even over nadenken. Niet over Tinkebell, haar heb ik hoog.

Maar die Joyce hè, wat was dat eigenlijk voor figuur? Ging ik echt iemand steunen die in Dion Graus een leuk mens had gezien? Die voor de PVV werkte, sterker, nog steeds werkt, een club die anderen systematisch steun onthoudt? Hoe betrouwbaar achtte ik deze Joyce? Een oude reflex deed zijn werk: iemand die eerst jarenlang in kamp A zit en zich daar ineens rücksichtlos van afkeert – waar ik vandaan kom noemen we dat aandachtzoekers, en dan zeg ik het netjes.

Dit waren mijn eerste gedachten, niet de mooiste, maar goed, ik ben dan ook net een mens. Daarna schakelde ik mijn onderbuik uit en zette ik alsnog een krabbel, om de eenvoudige reden dat ik mijn solidariteit niet wil reserveren voor mensen met wie ik het eens ben, die op mij lijken of met wie ik vriendinnen zou willen worden. Simple comme bonjour. Nog heel even dacht ik aan de mogelijkheid dat deze Joyce in de toekomst nog weleens een of ander raar konijn uit de hoge hoed kon gaan toveren, een draai, een ontkenning zelfs, maar dan nog leek bijstand me geen gunst die iemand verleend moet worden, maar een recht. Wat uiteindelijk recht was zou ik vervolgens graag overlaten aan de daartoe bevoegden, áls ze het maar zou krijgen.

Zo stiefelden we kalmpjes het weekend uit, toevallig net de week in waarin de Amerikaanse talkshowhost Oprah Winfrey haar veelbesproken interview hield met de Britse prins Harry en zijn echtgenote Meghan. Nou daar zaten ze hoor, in de poepsjieke achtertuin van een Californische mansion, als slachtoffers van een kil, eeuwenoud systeem in plaats van de geprivilegieerde, steenrijke elite die ze in werkelijkheid zijn, géén mensen om meelij mee te hebben kortom. Of toch? De ongekende vernederingen die Meghan al jarenlang ondergaat, eerst het seksisme met volgens Harry ‘raciale ondertonen’ van de Britse tabloids en nu ook nog van The Firm zelf, leken ineens opvallend veel op de zaak van Joyce, wier baas Wilders haar verhaal al jaren bij de kattenbak legt en een Tweede Kamer die tot nu toe ook weinig amok heeft gemaakt. De poppetjes zijn misschien anders, maar het systeem is hetzelfde: met zijn allen tegen één persoon.

De Gofundme-actie voor Joyce staat op moment van schrijven op ruim 21 duizend euro, lang niet genoeg voor een fatsoenlijke rechtszaak – kennelijk voelt u dezelfde reserves als ik aanvankelijk had. Mocht u niettemin hechten aan rechtvaardigheid en een grijpstuiver over hebben, dan weet u wat u te doen staat.

Meer over