Bericht uitIstanbul

In Istanbul is afval scheiden geen groene hobby maar een manier van overleven

Afvalverzamelaar aan het werk in Istanbul.  Beeld Alamy Stock Photo
Afvalverzamelaar aan het werk in Istanbul.Beeld Alamy Stock Photo

Als brave, milieuvriendelijke burger werk ik graag mee aan de scheiding van het huishoudelijk afval in Istanbul. Een paar keer per week breng ik de diverse soorten naar het verzamelpunt van de gemeente aan de overkant van de straat.

Helaas is het systeem niet zo geraffineerd als in Nederland. Er staat een glasbak, en een container voor al het andere afval. Dat is alles. Sommige andere verzamelpunten in de wijk hebben ook een bak voor plastic, metaal en karton, maar op veel plekken ontbreekt die.

Gelukkig is er een oplossing: de toplayici. Dat is Turks voor ‘de verzamelaar’. De verzamelaar neemt al het afval dat geschikt is voor hergebruik in en verkoopt dat door. Het is een beroepsgroep aan de onderkant van de samenleving in de informele economie: zwaar werk, weinig inkomsten.

De verzamelaars van mijn straathoek hebben de gemeentecontainers aangevuld met drie eigen bakken, kunststof zakken eigenlijk: een voor plastic, een voor metaal en een voor papier en karton.

Verzamelaar Ismail Aktag hangt er vaak rond. We begroeten elkaar steevast en maken een praatje. Dat lukt steeds beter doordat ik sinds enige tijd Turkse les heb. Op Ismail kan ik mooi mijn woorden en zinnetjes oefenen. Dus op zijn ‘Hoe gaat het?’, zou ik naar waarheid ‘Goed’ kunnen antwoorden, maar liever grijp ik de kans om mijn favoriete Turkse uitdrukking te gebruiken. ‘Söyle böyle’, (spreek uit ‘sjeujle beujle’): zo-zo. Ook heeft Ismail me geleerd plastic flessen te pletten voor ze in de zak te gooien – dat scheelt ruimte.

Op de blinde muur tegenover de verzamelplek hangt sinds een paar weken een gigantische poster waarop de Netflix-serie Kagittan Hayatlar (Papieren levens) wordt aangeprezen. Een man met een baard en een jongetje zitten vertrouwelijk tegenover elkaar aan een tafeltje met een transistorradio. De serie gaat over een toplayici in Istanbul die zich ontfermt over de 8-jarige Ali, zoontje van een gewelddadige vader.

Wie een idee wil krijgen van het verzamelaarsbestaan moet maar eens een aflevering bekijken. Vaak zijn de mannen in beeld terwijl ze het zwaarste deel van hun werk doen. Van de kunststof zak, die in een metalen frame met wieltjes hangt, wordt een soort karretje gemaakt. Daarmee haasten ze zich door de drukke straten van Istanbul. In de opslagplaats wordt het afval gewogen en met een machine tot handzame blokken geperst. Elke afvalsoort heeft zijn kiloprijs.

Als ik de 51-jarige Ismail met een tolk wat uitgebreider spreek, krijg ik het verhaal te horen van een alleenstaande man die drie jaar geleden door veel pech op de onderste tree van de samenleving belandde en er nu als dakloze maar wat van probeert te maken. ‘Andere mensen in mijn positie gaan bedelen, maar dat is mijn eer te na’, zegt hij.

Van de overheid krijgen toplayici als hij geen steun, maar last heeft hij evenmin van de mannen van de gemeentereiniging. ‘We laten elkaar begaan.’ Vaak weet hij nog een mooie plastic fles of een goed stuk metaal uit de gemeentecontainer te vissen. ‘Die is van mij!’, roept Ismail dan opgetogen.

Verder is het elke dag ploeteren. Op mijn vraag hoe het met hém gaat, krijg ik een uitgebreid antwoord, dat kan worden samengevat met: söyle böyle.

Rob Vreeken is Volkskrantcorrespondent in Turkije.

Meer over