ColumnAaf Brandt Corstius

Ik was al jong gegrepen door het consumentisme

null Beeld

Vroeger dagdroomde ik regelmatig dat ik na sluitingstijd een warenhuis in mocht en daar dan de hele nacht mocht blijven. Ik zou op alle banken zitten, in alle bedden slapen, alle saucijzenbroodjes opeten en na afloop mocht ik alles wat ik wilde mee naar huis nemen. Dit geeft aan dat ik al jong gegrepen was door het consumentisme, wat vervolgens weer aangeeft hoe moeilijk de afgelopen tijd voor me was.

Een winkel ingaan is voor mij, heb ik geanalyseerd, vooral een vorm van meditatie. Ik hoef helemaal niet iets te kopen, eigenlijk is kleding heen en weer schuiven in een rek vaak al genoeg. Een beetje wat sommige mensen met een rozenkrans doen.

Ik leefde dan ook op toen de kledingwinkel bij mij om de hoek mailde dat je nu op afspraak mocht langskomen, en ik had al een tijdvenster uitgekozen toen ik plotseling besefte dat ik dan de enige persoon in de winkel zou zijn. Dat was heus vaker voorgekomen, want ik winkel het liefst om 10 over 2 ’s middags, en dan is verder vaak niemand in die winkel. Maar nu zou ik gegarandeerd de enige zijn. Ik zou een cappuccino krijgen, stond er ook in de mail.

Die cappuccino gaf de doorslag. Ik ging dit niet doen. Als ik de winkel een halfuur voor mezelf had en ook nog cappuccino kreeg, dan stond dit gelijk aan vier onnodige vestjes en één veel te dure broek kopen. Puur uit schaamte, angst en plichtsbesef.

Maar toen kwam de mail van de kringloopwinkel. Ook zij werkten met tijdvensters, van een kwartier. Nu even goed nadenken, dacht ik. De kringloopwinkel heeft geen winstoogmerk. Of: niet echt. Hij heeft wel allerlei andere oogmerken, onder meer: mensen werk verschaffen. Daar zou ik aan bijdragen als ik er een kwartier in mijn eentje ronddwaalde. Verder was er in elke kringloopwinkel wel een onooglijk vaasje van 1,50 euro te krijgen. Dat vaasje kon ik dan mooi kopen als ik verder niets vond. Het vaasje vormde dan mijn aflaat voor mijn tijdslot.

Opgetogen ging ik naar de kringloop. De medewerkers deden al even opgetogen open. De geur was opgetogen muf. Ik zag meteen een onooglijk vaasje dat ik straks als trofee naar de kassa kon brengen.

Daarna waarde ik doelloos rond en bereikte bijna de meditatieve staat die ik in de tijd van het normale winkelen altijd bereikte. Ik voelde de klok wel een beetje tikken, maar dat was niet zo erg. Wie wil er nou eigenlijk meer dan een kwartier in een winkel rondlopen?

Ik kocht een jurk voor vier euro, en een jasje voor mijn dochter dat thuis te klein zou blijken te zijn. Wat een kwartier.

Meer over