Column

‘Ik voel me vaak een buitenaards wezen, van een planeet met leesliefhebbers’

null Beeld

Wacht even, zei hij, toen Tiuri de brief tevoorschijn wilde halen. Heb je me niets te vragen? Plotseling herinnerde Tiuri zich dat hij het wachtwoord moest zeggen. ‘Waarom... waarom is uw schild wit?’ stamelde hij.

‘Omdat in wit alle kleuren zijn’, maakt Kwame mijn zin af.

Ik kijk opzij en glimlach. ‘Inderdaad, precies zo zei de ridder dat! Lees jij anders de rest van het hoofdstuk aan mij voor.’ Even kijkt de tiener verlegen naar beneden en mompelt dan: ‘Oké, als u mijn gestotter niet erg vindt, dan doe ik het wel.’

Het is vrijdagmiddag, ik zit samen met mijn mentorleerling Kwame op een bankje in de zon. Allebei met een boek op schoot. Ik had erover getwijfeld. Moet ik deze 12-jarige brugklasser wel opzadelen met mijn voorliefde voor lezen? Eerder reageerde hij niet bepaald enthousiast. ‘Een boek?’ riep hij vol afgrijzen. ‘Ik lees alleen studieboeken voor school, omdat het moet.’ Daarmee was voor hem de kous af. Vol vuur begon hij over alle Netflix-series en YouTube-filmpjes die hij afgelopen week had gezien. Het is Kwames lust en zijn leven, vrijwel het enige dat hij in zijn vrije tijd doet. Elke week vertelt hij onafgebroken over bloeddorstige zombies, apocalyptische wezens, robotachtige figuren en andere galactische griezels die maar één doel lijken te hebben: de wereld vernietigen. Zijn verhalen volgen lukt maar zelden. Sterker nog, ik voel me vaak zelf een buitenaards wezen. Dit keer niet van Venus, maar van die langzaam uitdovende planeet met leesliefhebbers.

Kwame is overigens niet de enige die zich liever verliest in Netflix dan in een boek. Nederlandse kinderen zijn in de wereld de minst gemotiveerde lezers. Zelfs een groot deel van de Pabostudenten leest niet graag. En dat terwijl juist zij, als toekomstige leraar, een cruciale rol spelen in het kweken van leesliefde bij kinderen. Natuurlijk helpen Netflix, smartphones en social media niet mee. Lezen is een vaardigheid die diepe concentratie vraagt én kilometers maken. Waarom moeilijk doen als je net zo makkelijk een serietje kan kijken? Bovendien, als je ook nog eens vanuit huis of school weinig stimulans ervaart om te lezen, dan is Kwames reactie niet verwonderlijk.

Toch besloot ik het erop te wagen. Ik kocht De brief voor de koning, het legendarische kinderboek van Tonke Dragt, dat inmiddels drie miljoen keer verkocht is en ook voor Netflix is verfilmd. Zou hij niet denken: ‘Wat moet ik met een zestig jaar oud, 450 pagina’s dik boek?’ schoot er door me heen, toen ik Kwame vorige week aan het eind van onze wandeling het boek gaf. ‘Eerst lezen we het boek, en als je uit hebt bekijken we samen de film’, beloofde ik. ‘Dan mag jij zeggen wat je het leukst vond.’ Schoorvoetend ging hij akkoord. ‘Volgende week de eerste twee hoofdstukken, oké? ’ Echt overtuigd leek hij niet. Dat wordt volgende week een boek zonder vouwtjes, vreesde ik.

Vanmiddag, een week later, staat Kwame al te wachten bij de deur. Onder zijn arm het boek.

‘Zal ik het tot na de wandeling in mijn rugzak doen?’ vraag ik. Hij knikt. Ik neem het boek aan en werp er snel een nieuwsgierige blik op. Kwame ziet het. ‘Sorry’, zegt hij verlegen. ‘Ik heb de eerste twee hoofdstukken niet gelezen’. Dan verschijnt een brede lach op zijn gezicht. ‘Maar de eerste vijf wel!’

Meer over