ColumnArnon Grunberg

Ik verloor me in de fantasie dat de grasmaaiende robotjes mijn kinderen waren

null Beeld

Het hotel aan de Lago di Caldaro oftewel de Kalterer See in Zuid-Tirol – de Eerste Wereldoorlog laat honderd jaar na dato wonden achter in de vorm van milde taalstrijd – beschikte over een gazon dat elke avond om klokslag zeven uur gemaaid werd door drie robotjes. Ik verwonderde me erover dat deze objecten zoveel liefde in mij opriepen. Soms leken ze me te begroeten met hun koplampjes, een enkele keer verdwaalden ze tussen de eenden. Op de tweede dag verloor ik me in de fantasie dat de grasmaaiende robotjes mijn kinderen waren en ik voerde hardop gesprekken met hen.

’s Avonds tijdens het eten zat ik met mijn logeetje, die de robotjes komisch vond, naast een familie van grootindustriëlen, die deden denken aan de film The Damned van Visconti. Een patriarch, een zus van de patriarch, kinderen, kleinkinderen, aanhang. Er was een Mexicaan bij, die op Maradona leek en duidelijk een hekel had aan deze familie. Het wachten was op een ontploffing.

Verder was er een kleindochter met een tragische uitstraling, ik vreesde dat ze op een nacht het meer in zou lopen.

Mijn logeetje zei: ‘Ik moet je elke avond uitleggen hoe de familieverhoudingen in elkaar steken. Mijn moeder had het al na één avond begrepen.’

‘Dan ga je de volgende keer met je moeder op vakantie’, antwoordde ik.

In de Süddeutsche las ik dat een voormalige minister-president van de Duitse deelstaat Brandenburg beweerde dat de ‘erotiek van de democratie’ in het oosten van Duitsland niet aanslaat.

De avond viel over het Lago di Caldaro, de op Maradona lijkende Mexicaan zonderde zich af, een baby huilde, de patriarch bestelde toen bijna al zijn familieleden van tafel waren gegaan nog een fles wijn.

De erotiek van de ondergang zal op den duur altijd sterker zijn dan de erotiek van de democratie.

Meer over