GeneratiegesprekJip van den Toorn en Pauline Barendregt

‘Ik sloeg de krant open en dacht: o jee. Kan dit? Mag dit? Die reactie is precies wat Jip beoogde’

null Beeld Sanne De Wilde
Beeld Sanne De Wilde

Na het misbruik in haar jeugd wilde Pauline ­Barendregt er alles aan doen om haar dochter een veilig thuis te bieden. Volkskrant-­cartoonist Jip van den Toorn leerde van haar een belangrijke les: hoe ­heftig een onderwerp ook is, humor kan een ­manier zijn om het bevattelijk te maken.

Krantenlezers denken nogal eens dat Jip van den Toorn een man is. ‘Ik heb al langer moeite met Jips werk omdat het duidelijk vanuit een mannelijk perspectief wordt gemaakt’, reageerde iemand een tijdje geleden op Instagram.

De cartoonist en haar moeder Pauline Barendregt moeten er aan de eettafel in Amsterdam weer smakelijk om lachen.

Van den Toorn: ‘Jij hebt toen zelfs gereageerd!’

Barendregt: ‘Anoniem, ja. Ik voelde onrecht. Als iets níét opgaat voor Jip, dan is het dat. ‘Jip van den Toorn is een vrouw, dus het zal wel meevallen met haar mannelijke perspectief’, schreef ik eronder.’

Waarom denken mensen vaak dat je een man bent?

Van den Toorn: ‘Het is gissen, maar misschien omdat ik ook platte en harde grappen maak? Of kritisch ben? De meeste cartoonisten zijn natuurlijk mannen van boven de 50…’

Barendregt: ‘... met een bril en een peuk in een donkere kamer.’

Nee, erg vindt ze de verwarring niet. In haar werk speelt de 27-jarige juist met dit soort verwachtingen. Neem de twee geborduurde kussens die de afgelopen maanden werden tentoongesteld in Museum de Fundatie in Zwolle: de een met flink behaarde mannenbillen, de ander met het mannelijk geslachtsdeel. Inappropriate Grandma heet het werk, ongepaste oma. In 2018 won ze met ‘de piemelkussens’, zoals de cartoonist ze zelf noemt, een World Illustration Award en in 2019 waren ze onderdeel van het portfolio waarmee ze de Fiep Westendorp Stimuleringsprijs won.

Van den Toorn: ‘In de kunstgeschiedenis is zo veel vrouwelijk naakt gemaakt door mannen, terwijl mannelijk naakt gemaakt door vrouwelijke kunstenaars nauwelijks te vinden is. Bewust heb ik voor borduren gekozen, een kunstvorm die we met vrouwen associëren. Het materiaal vertelt zo óók een verhaal, voegt een dimensie toe. Als ik de piemel gewoon had getekend, was het lang niet zo grappig geweest.

‘Juist dat grappige maakt het pijnlijk. Er zijn zo veel blote borsten en vagina’s te zien in de kunst, maar een piemel is dan plotseling lachwekkend. Blijkbaar voelt het voor mensen ongemakkelijker om het mannelijk lichaam te objectiveren dan het vrouwelijk lichaam.’

Barendregt: ‘In de tijd dat Jip die kussens maakte, was ze ook nog veel aan het oppassen om bij te verdienen. ‘Wat ben je aan het borduren?’, vroegen de kinderen. ‘Een varkentje!’, zei ze dan.’

Jip van den Toorn was nog geen week oud toen ze in 1993 haar televisiedebuut maakte. Haar vader is acteur Dick van den Toorn, die op dat moment in de VPRO-comedy We zijn weer thuis van Wim T. Schippers speelde. De eenmalige rol van baby Lola Raaspit werd speciaal voor haar geschreven, vertelde vader Dick destijds tegen het Algemeen Dagblad. ‘[Wim] vond aanvankelijk dat hij dat niet kon maken. Zo’n klein kindje, daar voelde hij zich schuldig over. Maar ik zeurde door. Doe haar nou in de serie!’

Voordat Van den Toorn aan haar wekelijkse beeldcolumn voor de Volkskrant begint, belt ze vaak met haar vader. Niet per se voor advies, maar om erachter te komen welke kant ze níét op wil. ‘Hij komt altijd met vage suggesties: ‘Als je nou de coronacrisis samenpakt met de klimaatcrisis, en racisme op de achtergrond’, een soort zoekplaatjes. Die gesprekken dwingen me beter onder woorden te brengen wat ik zelf eigenlijk vind.’

Met haar moeder is het andersom. ‘We lijken erg op elkaar. Ik vind het frustrerend als zij iets niet goed vindt, dan schiet ik meteen in de onbegrepen-puberrol.’

Barendregt: ‘Eerst reageert ze geïrriteerd, maar later zie ik in de krant dat ze er toch over nagedacht heeft.’

Pauline Barendregt (52) is creatief directeur van het Nederlandse designmerk Fatboy. Na de kunstacademie begon ze als modeontwerper, stuurde vervolgens tien jaar lang het internationale designteam van jeansmerk G-Star aan en heeft nog altijd een adviesbureau op het gebied van merken en design.

Die carrière stond niet bepaald in de sterren geschreven. Barendregt is namelijk óók de vrouw op wier jeugd Kim van Kooten haar romandebuut en bestseller Lieveling (2015) baseerde, het verhaal van een meisje dat vanaf haar 5de levensjaar wordt misbruikt door haar stiefvader, het verhaal ook van een kind dat volledig op zichzelf aangewezen is door haar wankele, egocentrische moeder en asociale familie. Het tegenovergestelde van de fonkelende moeder-dochterband die hier boven de eettafel zweeft, zeg maar.

De roman duwt je hart door je strot, maar is ook zeer geestig, in het bijzonder door de beschrijvingen van de grofgebekte oma en de situering in het Rotterdam van de jaren zeventig. ‘Ik ben blij dat er veel humor in zit’, zegt Barendregt. ‘Want dat is mijn manier om erover te praten.’

Van den Toorn: ‘Dat is iets wat ik van haar geleerd heb: hoe complex of heftig een onderwerp ook is, humor kan een manier zijn om het bevattelijk te maken. Daar heb ik ook veel aan bij mijn beeldcolumns.’

Van den Toorn studeerde in 2016 af aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht en begon al snel te illustreren voor kranten en opiniebladen in Nederland en België. In april 2020 werd ze gevraagd een wekelijkse beeldcolumn te maken voor de Volkskrant op zaterdag. Haar nieuwe werk viel zodoende samen met de coronacrisis, een dankbare bron van inspiratie.

Haar talent valt op. Hoewel ze nog niet zo lang cartoonist is, werd haar tekening ‘Horrorfilm anno 2020’, waar een vrouw vol afgrijzen naar twee zoenende mensen in een film kijkt, genomineerd voor de Inktspotprijs 2020. Eind mei exposeerde ze op de Illustratie Biënnale een selectie van haar coronacartoons.

null Beeld Jip van de Toorn
Beeld Jip van de Toorn

Onlangs was een van haar tekeningen ook te zien in het Joods Historisch Museum als onderdeel van Zijn joden wit?, een tentoonstelling over de vraag waarom er zo weinig aandacht is voor antisemitisme binnen de huidige antiracismebeweging. Een cartoon over de Zwarte Pietendiscussie is het, met een man die zich verkleed heeft als joodse karikatuur en een lesbisch stel dat hem misprijzend gadeslaat, inclusief huilend kind. ‘Omdat Zwarte Piet niet meer mocht, had oom Rob een alternatief bedacht’, staat erbij.

Er was lof voor de cartoon, maar krantenlezers reageerden ook geschokt. Sommigen dachten dat ze adviseerde Zwarte Piet door een orthodoxe jood te vervangen, terwijl ze met de satirische omkering juist wilde laten zien hoe verwerpelijk ze het gebruik van racistische stereotypen voor een kinderfeest vindt. Het Centrum Informatie en Documentatie Israël (Cidi) mailde ongerust en geschokt, ook op sociale media roerden critici zich. ‘Iemand van joodse komaf zou dit mogen doen om een punt te maken’, reageerde een vrouw op Instagram. ‘Maar een witte gast? Teleurstellend.’

Als Barendregt op zaterdagochtend de krant van de mat pakt, wacht ze altijd even voordat ze naar de beeldcolumn bladert. Soms weet ze wat haar dochter van plan was, maar soms ook niet. Te spannend vindt ze het dan. Eerst nog maar een kop koffie dus, misschien even voorzichtig kijken, een voorproefje. Is-ie goed? Ja, vaak vindt ze hem heel goed. Dan ziet ze een mooie combinatie van licht en zwaar, ze vindt de beeldcolumns gelaagd en grappig en intelligent. Maar die ochtend schrok ze.

Barendregt: ‘O jee, daar gaan we, dacht ik. Kan dit? Mag dit? Die reactie is ook precies wat Jip beoogde met haar omdraaiing. Het beeld roept emotie op, vervolgens ga je erover nadenken. Toen kwam ik erachter dat ik de cartoon wél goed vond, terwijl mijn eerste reactie was: wat heftig. Als moeder voel je dat natuurlijk nog sterker.’

Van den Toorn: ‘Toen je me belde op zaterdagochtend, was je nog wel een beetje negatief. Of geschrokken, vooral.’

Jip van den Toorn: ‘We lijken erg op ­elkaar. Ik vind het frustrerend als zij iets niet goed vindt. Dan schiet ik meteen in de onbegrepen-puberrol.’ Beeld Sanne De Wilde
Jip van den Toorn: ‘We lijken erg op ­elkaar. Ik vind het frustrerend als zij iets niet goed vindt. Dan schiet ik meteen in de onbegrepen-puberrol.’Beeld Sanne De Wilde

Barendregt: ‘Ik denk dat ik iets beter dan Jip kan inschatten wat zoiets mogelijk teweegbrengt. Realiseer je je dat wel, zei ik tegen haar. Dan kan ze er nog voor kiezen het wel te doen, maar ze moet niet lichtvoetig met dit soort statements in de krant omgaan. Aan de andere kant: ze is een angry young woman, ze duikt er gewoon in, head first. Dat vind ik ook mooi.’

Van den Toorn: ‘Ik heb veel gemaild met ongeruste mensen. Interessante gesprekken waren dat. Volgens mij hebben we hetzelfde doel, schreef ik, we zijn allebei tegen racisme, hoe zou jij dit aanpakken zonder dat het je pijn doet? Als illustrator werk je nu eenmaal met stereotypen omdat je anders niets communiceert. Je maakt ook een stereotype van een bloem, want als je die abstract tekent, begrijpt niemand wat je hebt gemaakt. Maar ik wil niet een soort Youp van ’t Hek zijn die zegt: ben je gekwetst? Fuck it. Ik wil ook leren van kritiek.’

Barendregt: ‘Maar woke en humor is best een lastige combinatie.’

Van den Toorn: ‘Nou, dat weet ik niet. Het draait er vooral om niet seksistisch of racistisch te zijn.’

Barendregt: ‘Ik vind het goed dat jij een zo inclusief mogelijk beeld probeert neer te zetten, dat je daar ook echt bewust mee bezig bent. Maar soms ben ik bang dat je het jezelf te moeilijk maakt, dat je boodschap verwatert. Kom op Jip, denk ik dan.’

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Wanneer waren jullie het oneens?

Van den Toorn: ‘Voor de VPRO Gids maakte ik een illustratie bij een artikel over de voordelen van testosteron. Dus ik tekende een piemelfeest: piemelballonnen, een piemeltaart. Iemand die ik ken is non-binair. Hen stuurde op Instagram een berichtje met de vraag of ik er de volgende keer ook vulva’s bij kon tekenen, omdat er ook transpersonen zijn die een vulva hebben, en toch een aardige hoeveelheid testosteron. Daar wil ik dan wel over nadenken. Ik had er bijvoorbeeld een vagina-ballon bij kunnen tekenen, met een asterisk: ‘*dit kan ook’. Misschien zet het mensen aan het denken en draagt zo’n tekening bij aan normalisering.’

Barendregt: ‘Maar dan wordt het wel erg ingewikkeld. Je bent een stuk beter voor de wereld bezig, maar ook minder effectief als boodschapper. Voor elke groep zijn er uitzonderingen. Als je die allemaal wilt vangen, draai je jezelf vast. Dat vind ik dan wel millennialgeneuzel, ja. Tegelijkertijd wil ik absoluut geen knorrende Gerard Cox zijn. Ik vind deze tijd interessant en leer veel van de discussies met Jip. Ik dacht al erg inclusief te zijn, maar zij confronteert me met mijn blinde vlekken.’

Hoe pak je dat inclusieve aan in je cartoons?

Van den Toorn: ‘Als illustrator heb je altijd een keuze: teken je een poppetje, dan kun je bepalen welke kleur dat krijgt. Teken je een gezin, dan kun je kiezen waaruit dat gezin bestaat. Ik probeer vaak verschillende huidskleuren te gebruiken, en niet heteronormatief te zijn. Niet omdat ik bang ben dat ik het niet goed doe of mensen kwets, maar omdat ik de wereld wil laten zien waarin ik leef.

‘Ik maak trouwens ook graag grappen over mijn omgeving. Over millennials die woke willen zijn, zoals de vrouw die ’s nachts wakker ligt omdat ze zich afvraagt of chinees afhalen cultural appropriation is. Dat vind ik leuker dan iemand een pisnicht noemen. Daar is niets grappigs aan.’

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Twee jaar geleden verhuisde Van den Toorn naar Berlijn. Voor de cultuur van de stad, en het uitgaan. Haar werk kan ze immers overal doen.

In Berlijn staat ze vijf keer per week in de ring, waar ze aan MMA doet, mixed martial arts, ook wel bekend als kooivechten. En ja, dan staat ze dus als enige vrouw – petieterig, blond en met haar open, vriendelijke gezicht – tussen bonken van kerels: taxichauffeurs, dokters, drugsdealers, advocaten en uitsmijters, ook die van de Berghain, de legendarische Berlijnse club met strikt deurbeleid, waar ze tegenwoordig dus hartelijk wordt ontvangen.

De liefde voor het vechten begon zes jaar geleden met kickboksen. Al snel werd ze gevraagd voor wedstrijden. ‘En Jip denkt dan: cool, dat ga ik doen’, zegt Barendregt. ‘Staat ze plotseling op een affiche. De eerste keer dat ze een boksgala zag, stond ze in de ring.’

Van den Toorn: ‘Het komt wel goed, dacht ik.’

Barendregt: ‘Ik kan daar niet naar kijken. Ik vond het goed dat Jip ging kickboksen, het is een fijn idee dat ze zich ’s nachts op straat goed kan verweren. Maar op zo’n gala gaat het er toch om elkaar zo hard mogelijk de hersens in te slaan. Dan heb ik zo’n mooi kindje gemaakt en wordt ze misschien wel in elkaar gemept, terwijl allemaal toeschouwers staan te joelen. Dat is een soort nachtmerrie.’

Van den Toorn: ‘Ze bleef thuis en heeft nog nooit zo snel haar kledingkast opgeruimd.’

Barendregt: ‘Alles op kleur gevouwen.’

Hoe ging dat eerste gevecht?

Van den Toorn: ‘In het begin was ik overrompeld door de agressie, door alle mensen die naar me stonden te schreeuwen alsof ik een gladiator was. Op een gegeven moment besefte ik dat ik alles moest geven om te overleven, dat het ging om het hier en nu – heel zen eigenlijk. Toen werd het fantastisch. Ik had een heel ervaren tegenstander, maar het eindigde in gelijkspel. Ik voelde me euforisch na afloop.

‘Het vechten is zo beestachtig, zo puur. Wanneer heb je dat nou, dat je als twee mensen tegenover elkaar staat en moet bepalen wie de beste is? Het mooie is ook dat ik mensen ontmoet die ik anders nooit zou ontmoeten. Daar heb ik ook veel aan bij het tekenen, omdat je als illustrator al snel een geïsoleerd leven leidt. Die contacten helpen mijn oogkleppen af te zetten.’

Barendregt pakt haar telefoon erbij om iets te laten zien. Het is een foto van een foto, een oud portret van de twee in zwart-wit. Allebei breeduit lachend, allebei met blond, bijna wit haar én allebei met de pony die ze nu, ruim twee decennia later, ook nog hebben.

‘Jip is hier 3 jaar, ik ben 27, zo oud als Jip nu is. Dick en ik waren toen net uit elkaar. Ik wil dit goed doen, besloot ik. We zijn nu met z’n tweeën, we gaan het samen cheffen. Tegelijkertijd had ik geen goed voorbeeld van huis uit, het was learning by doing. Door mijn persoonlijke geschiedenis wist ik vooral hoe het níét moest.’

Barendregt is 5 jaar als haar moeder bij een veel oudere, rijke man intrekt. Om het huis schoon te maken, zo luidt het aanvankelijke verhaal, maar al snel trouwt haar moeder met de man. Al snel begint ook het misbruik, als hij wel erg veel tijd neemt om de kleuter in bad te doen en af te drogen. Aan haar moeder heeft Barendregt weinig.

Ze is 14 als het misbruik uitkomt. Ook haar zus, die dan al het huis uit is, blijkt slachtoffer te zijn. Moeder en dochter verlaten de villa, maar al snel stort de moeder in. Maandenlang moet de tiener het in haar eentje rooien. Uiteindelijk gebeurt het onvoorstelbare: ze gaan terug naar de man. Ze redden het simpelweg niet met z’n tweeën. Het misbruik stopt, maar Barendregt verlaat het huis zo snel als ze kan. Op haar 17de vertrekt ze naar Amsterdam, om nooit meer terug te keren.

Scenarioschrijver Kim van Kooten, die Barendregt leerde kennen toen hun kinderen bij elkaar in de klas zaten, wilde een roman schrijven, maar ze had nog geen verhaal, vertelde ze eens. Ik heb er wel een voor je, zei Barendregt daarop. Het werd het boek Lieveling, dat in 2015 direct de bestsellerlijst aanvoerde. Het is een nadrukkelijke samenwerking. Barendregt vertelde haar levensverhaal, Van Kooten maakte er een roman van. Bij de verschijning van het boek deden de twee ook samen de interviews.

Daarin vertelde je dat je als meisje al vroeg plannen maakte: zo ga ik het later doen als mijn leven echt begint. Wat zag je voor je?

Barendregt: ‘Een huis met een tuintje. Dat stond voor mij voor veiligheid, een plek om plezier te hebben. Dick en ik waren jong toen we trouwden, ik was ook nog best jong toen ik Jip kreeg. Kennelijk had ik haast om een eigen familie te stichten. Dan is het niet je plan om op je 27ste alleenstaande moeder te zijn, maar ik besloot: we gaan er wat leuks van maken, we gaan lol hebben. Ik kon en kan het goed vinden met de vader van Jip, maar hij is veel losser, niet van de structuur. Dus ik moest wel wat compenseren, haar kaders bieden. Daardoor ben ik veel sneller volwassen geworden. En gefocust: ik moest het goed doen voor ons samen, haar veilige basis zijn.’

Hoe wist je wat goed was?

Barendregt: ‘Ik ben altijd meer een beschouwer dan een deelnemer geweest. Heb veel naar andere mensen gekeken: hoe doen zij het, wat kan ik daarvan leren? Wat ik al jong wist, natuurlijk door mijn eigen ervaringen: je moet je kind niet met je shit opzadelen. Dat is echt een no-go. We zijn altijd close geweest, maar zij was het kind en ik was de moeder. Dat is veel veiliger, denk ik. Jip deelde alles met mij, maar ik deelde mijn problemen niet met haar. De laatste jaren is die band pas gelijkwaardiger geworden, zijn we echt vrienden.’

Jullie vormden een hecht duo, tot je 21 jaar geleden je huidige echtgenoot ontmoette en met hem twee kinderen kreeg. Was het moeilijk om plotseling met meer te zijn?

Barendregt: ‘Jip zei juist opgetogen: ‘Vroeger waren we met z’n tweeën, nu met z’n vijven.’ Voor haar voelde het als rijkdom.’

Van den Toorn: ‘In de supermarkt probeerde ik haar altijd al te koppelen aan mannen.’

Barendregt: ‘Houdt u van appelsap, meneer? Mijn moeder houdt ook heel erg van appelsap.’

Van den Toorn: ‘Ik wilde graag een broertje. Als we in een restaurant aan het eten waren, ging ik alle tafels langs om een praatje te maken.’

Barendregt: ‘En dan dacht ik: o jee, wat is Jip nu weer aan het doen?’

Jouw moeder was altijd met haar uiterlijk bezig, blijkt uit Lieveling. Sexy en aantrekkelijk zijn was het belangrijkste voor een vrouw, volgens haar. Ik kan me voorstellen dat jij je dochter juist iets anders mee wilde geven.

Barendregt: ‘Zelf ben ik nooit echt bezig geweest met sexy zijn, maar ik vind het ook niet vervelend als vrouwen dat wel doen. In die zin was er dus geen reactie op mijn moeder. Wat voor mij veel belangrijker was: onafhankelijkheid. Zorg dat je je eigen pad kunt kiezen.’

Van den Toorn: ‘Je eigen geld verdienen, niet financieel afhankelijk zijn van een man of wie dan ook, want dan neem je vaak niet de juiste beslissingen. Ze heeft me geleerd een stoere vrouw te zijn, je eigen shit te regelen. Daar hebben we inmiddels ook discussies over. Tijdens het kerstdiner bijvoorbeeld, toen mijn moeder vertelde dat ze rond de bevalling van mijn broertje maar twee weken zwangerschapsverlof heeft opgenomen.’

Barendregt: ‘Ik ben zwanger, maar jullie zullen er geen last van hebben, dacht ik destijds. Ik heb me aangepast aan de mannenwereld. Ik wilde geen onderscheid, dus ik regelde het. Niet zeiken, zo zijn de kaarten nu eenmaal geschud, dus hoe ga ik het doen? Door de gesprekken met Jip denk ik nu: dat sloeg nergens op.’

Van den Toorn: ‘Ik vind het knap hoe zij carrière heeft gemaakt, ze is een enorme powerwoman, maar het zou anno 2021 niet meer nodig moeten zijn om je aan te passen aan de mannelijke norm.’

Barendregt: ‘Ik heb nooit last gehad van een glazen plafond.’

Pauline Barendregt: ‘Ik leer veel van de discussies met Jip. Ik dacht al erg inclusief te zijn, maar zij ­confronteert me met mijn blinde vlekken.’ Beeld Sanne De Wilde
Pauline Barendregt: ‘Ik leer veel van de discussies met Jip. Ik dacht al erg inclusief te zijn, maar zij ­confronteert me met mijn blinde vlekken.’Beeld Sanne De Wilde

Van den Toorn: ‘Maar dat heb je wel! Je hebt zó hard moeten werken. Die twee weken zwangerschapsverlof…’

Barendregt: ‘Ja, als iemand van mijn team dat nu zou doen, zou ik dat belachelijk vinden. Nu ik zelf aan het roer sta, ben ik er bewust mee bezig: we vullen het vaderschapsverlof aan tot 100 procent, zodat de mannen uit het team bij hun vrouw en baby kunnen zijn. Ik heb zelf andere keuzes gemaakt, maar Jip heeft gelijk dat het niet nodig had moeten zijn.’

Van den Toorn: ‘Voor mij is het ook een zoektocht, het is niet zo dat ik mijn moeder de les lees over haar ouderwetse ideeën. Toen ik begon met vechten, dacht ik ook: dit is een mannelijke sport, ik moet laten zien dat ik geen tutje ben, niet te vrouwelijk doen. Daar ben ik van afgestapt. Vrouwelijkheid moet niet iets zijn waardoor je minder serieus wordt genomen. Nu knok ik ook in leuke shirts en strakke leggings, en met roze bokshandschoenen.’

Vertelde je haar vroeger over de gebeurtenissen in je jeugd?

Barendregt: ‘Nooit tot in detail. Ze mocht alles vragen, maar ik wilde haar er ook niet mee belasten. Ik ben blij dat het boek er is, dat Jip het heeft gelezen. Ik had het haar namelijk niet mooier en completer kunnen vertellen dan Kim heeft gedaan. Ik wilde mensen inzicht geven in hoe een kind denkt als het in zo’n situatie zit. Dan ben je gewend om vijf passen vooruit te denken om veilig te zijn. Eigenlijk ben je aan het schaken om controle te hebben en misbruiksituaties te vermijden. Al heel jong leer je om mensen aan te voelen en te anticiperen.

‘Het belangrijkste vond ik dat lezers begrijpen waarom een kind niets zegt. Als je jong bent, denk je namelijk dat de wereld zo werkt, dat het normaal is. Op het moment dat je je realiseert dat het niet klopt, schaam je je dood. Je voelt loyaliteit en verantwoordelijkheid. Logisch dus dat een kind zwijgt. Daarom is het des te belangrijker dat de omgeving er scherp op is, dat je beseft dat er iets aan de hand kan zijn met een kind uit jouw omgeving. Ook nu, want het is van alle tijden.’

Hoe vond jij het als dochter om het boek te lezen?

Van den Toorn: ‘Natuurlijk wist ik al veel, maar tussen weten en meevoelen zit wel een verschil. Als er iets heftigs gebeurt met iemand die dicht bij je staat, om wie je veel geeft, maak je het abstracter. Dat heb ik ook altijd gedaan met het levensverhaal van mijn moeder. In een boek leef je juist mee met de hoofdpersoon, je kruipt in iemands huid, zeker als ze ook nog eens erg op jou lijkt. Daarom was het boek voor mij wel confronterend. Komt het ooit nog goed, vroeg ik me aan het eind bijna af. Het mooie is: ik ben slechts een paar jaar daarna geboren, dus ik ben zelf onderdeel van het antwoord. Wij samen zijn het antwoord.’

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn
Meer over