ColumnHarriët Duurvoort

Ik moest aan je denken omdat bij de toeslagenaffaire mails met ‘zwartjes’ rondgingen

null Beeld

Lieve papa, ik moest aan je denken. Ik bied ik je mijn excuses aan. Omdat ik er nooit iets van wilde geloven. Eigenlijk jou altijd de schuld gaf. Jij had psychiatrische problemen. Wij waren de ouders en jij het kind.

Jij beweerde altijd dat de Belastingdienst racistisch was. Dat ze jou op een manier behandelden die alleen maar daarop was terug te voeren. Je was al woke toen het nog niet woke heette, alleen maar woedend. Drie eeuwen slavernij om nu derderangsburger te mogen zijn, bij voorbaat verdacht, zei je. En ik werd er kwaad om. Natuurlijk was er racisme, vond ik. Maar je verschuilde je er ook achter. Racisme was geen excuus om je verantwoordelijkheden te verzaken. Waarom moesten wij opgroeien met altijd die angst voor deurwaarders?

Ik heb je brieven lang bewaard. Pas vorig jaar, je was toen al dertien jaar dood, heb ik ze in een opruimronde weggedaan. Van elke brief die je naar de Belastingdienst of deurwaarders stuurde, had je prachtige kopieën gemaakt. Ze stonden vol vlammende aanklachten over racisme. In jouw mooie Nederlands, met van die plechtige oud-Surinaams-Nederlandse woorden als ‘alhier’. Ze verdienden het gebundeld te worden, denk ik nu.

Op elk epistel volgde een geautomatiseerd antwoord met de mededeling dat de incassokosten wegens niet tijdig betalen opnieuw verhoogd waren. Kosten hoger dan wat over zou blijven om te eten, maar dat terzijde.

En toen kwam de dag dat je je flat kwijtraakte. Gelukkig had ik net een studentenkamer waar je kon intrekken, dus dakloos ben je nooit geweest. Na dagen kwamen we erachter dat alles wat je bezat in een loods was opgeslagen in ongeveer honderd dozen. We moesten je paspoort vinden en andere belangrijke papieren. Doos voor doos openen, er zat niets anders op. Alles was er lukraak ingesmeten. Het paspoort vonden we uiteindelijk, besmeurd, omdat het in een doos zat met vuile vaat.

Ik moest natuurlijk aan je denken nu blijkt dat er bij de toeslagenaffaire mails met ‘zwartjes’ rondgingen. Of een ‘nest Antillianen’. Dat de algoritmen op basis waarvan de dienst is geautomatiseerd, al vooringenomen zijn voorgeprogrammeerd. Tweede nationaliteit? Check. Verdacht.

Ontwrichtend. Want dat een overheidsinstelling racistisch zou kunnen zijn, dat vond ik jouw paranoia. Een gevoel dat samenhing met je gevoelens van onvrede en teleurstelling over je migratie, over dromen die in duigen waren gevallen, over je eigen ervaringen met racisme.

Maar dat dit bij de overheid kon spelen en dan onberispt zou blijven, nee, dat geloofde ik niet. Niet in Nederland. Door de toeslagenaffaire ben ik aan het twijfelen gebracht. Zelfs over jouw worstelingen met je inkomstenbelasting. Wat als je ergens, ook toen, gelijk had? Wat als ze je vanwege je afkomst onterecht hard hebben aangepakt? Totdat je zo doorgedraaid was dat je incassobureaus met politiek geladen betogen ging bestoken?

Ook de slachtoffers van de toeslagenaffaire hebben alles verloren. Ook in vieze dozen moeten zoeken. En veel erger. Hun kinderen uit huis geplaatst, zelfmoord. Wat doet het met de kinderen uit die affaires om te beseffen dat in Nederland, waar artikel 1 van de grondwet behelst dat gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden, door de Belastingdienst met voeten werd getreden?

De toeslagenaffaire had niet alleen gekleurde slachtoffers. Elke casus is een drama voor een gezin. Het staat niet eens op zichzelf. De participatiesamenleving is een aanval op arme, kwetsbare burgers in het algemeen. Het hardvochtig en daarbovenop bevooroordeeld uitvoeren van antifraudebeleid, mensenlevens kapotmaken om soms een paar duizend euro, zoals laatst de vrouw in de bijstand met hoge woonlasten die ‘frauduleus’ boodschappen ontving van haar moeder, zodat ze kon eten. Terwijl grote jongens buiten schot blijven. Het bedrijfsleven gepamperd wordt met fiscale douceurtjes. En Rutte maar lachen.

Maar het is business as usual. Drie verantwoordelijke bewindslieden in de toeslagenaffaire zijn doodleuk lijsttrekker. Het wegkijken, de handen in onschuld wassen, een traantje wegpinken voor de camera, heeft alweer plaatsgemaakt voor onbeschaamde, glanzende borstklopcampagnes. Niemand trok persoonlijk consequenties. Niemand heeft beseft dat er maar één actie is die past als je politiek verantwoordelijk bent geweest voor dit beschamende, ongrondwettelijke schandaal. Namelijk excuses maken en met de staart tussen de benen het politieke toneel voorgoed verlaten.

Vreet je niet zo op, papa, daar in de hemel.