Dagboek van een huisartsJoost Zaat

Ik mis overzicht over het aantal patiënten dat thuis palliatieve zorg krijgt

null Beeld

Onvermoeibaar leggen Jaap van Dissel en ­Diederik Gommers Tweede Kamerleden elke week uit hoe het zit met het reproductie­getal en de modellering. Voorspellen gaat ­tegenwoordig beter dan met koffiedik, maar de onzekerheidsmarges zijn groot. Ondanks would-be-virologen en bierviltjesberekenaars in de Kamer en daarbuiten vaart de zorg in dikke mist die heel langzaam oplost. In het veld begrijpen we dat. Als huisarts weet ik vrijwel nooit iets zeker en daar kan ik best mee uit de voeten. We improviseren en ploeteren door.

Binnen een week stonden er in mijn regio twee enorme, ingerichte sporthallen waarin we als huisartsen patiënten zien met mogelijke corona. Alleen in de periferie van de regio zien huisartsen mogelijke coronapatiënten nog in hun eigen praktijk, omdat de afstand te groot is. Zo besparen we materiaal en mensen. In rap tempo ontwikkelen we protocollen, nieuwsbrieven en een rudimentaire manier om gegevens te verzamelen. Overal schalen verpleeghuizen en ziekenhuizen op naar aparte covid-19-units en palliatieve units en richt de thuiszorg coronateams in.

Maar een overzicht en centrale aansturing ontbreken. In de Kamer en ook in de krant gaat het over ic- en ziekenhuisbedden, maar ik mis staatjes over de hoeveelheid bedden op corona-afdelingen in verpleeghuizen en haastig ingerichte vleugels van verzorgingstehuizen. Ik mis overzicht over het aantal patiënten dat thuis palliatieve zorg krijgt. Die zorg is even essentieel als ic-bedden.

Een directieve centrale aansturing van de acute- en ic-zorg, prima, maar ‘het grote sterven’ gebeurt elders. Ik vraag mijn regionale crisisteam of ze iets weten over tekorten aan midazolam, het slaapmiddel dat ik straks voor patiënten nodig heb. Even later belt mijn apotheker dat die flesjes hard gaan. Misschien zijn er nog maar 14 duizend in heel Nederland. Per terminale ­patiënt heb je er meerdere nodig. ‘Hoeveel moet ik inslaan?’, vraagt hij. Ik heb werkelijk geen idee. Voor het eerst kan ik daar niet tegen. Ik moet even naar de pimpel­mezen in mijn tuin kijken en daarna fietsen in de zon.

Tijdens de coronacrisis schrijven de huisartsen Joost Zaat en Danka Stuijverop werkdagen beurtelings over hun ervaringen in de praktijk.

Meer over