Paulien Cornelissein 150 woorden

Ik kan ook genieten van kinderen die lusteloos iets dreinen over Sinte-Maarten-mikmak

null Beeld
Paulien Cornelisse

Vroeger, toen ik klein was, bestond er nog geen Sint-Maarten. Tenminste, niet waar ik woonde. Het was een feest waar we weleens van hadden gehoord. Iets van ver weg.

Inmiddels is Sint-Maarten opgerukt, sterker nog, het is een absolute hoogtijdag geworden.

Het fijne van Sint-Maarten is dat je kunt observeren hoe kinderen zich al dan niet afmaken van het verplichte liedje. Ik hou van verlegen kinderen die over een mentale drempel moeten stappen, omdat aan de andere kant van die drempel een minimarsje ligt. Maar eigenlijk kan ik ook genieten van kinderen die lusteloos iets dreinen over Sinte-Maarten-mikmak, de blik strak gericht op het snoep.

Een paar jaar geleden was er een groepje jongens dat bij twee deuren tegelijk aanbelde. Op deze manier konden ze meer klanten in één keer bedienen, en kregen ze dubbel uitbetaald. ‘Die gaan het ver schoppen in het bedrijfsleven’, dacht ik gemeen. Terwijl die jongens eigenlijk het concept ‘theater’ hadden uitgevonden.

Meer over