ColumnMargriet Oostveen

Hoe studenten hun vertrouwen in de politiek verloren (en aan de drugs raakten)

null Beeld
Margriet Oostveen

Nederland barst van de slimme studenten die graag meedenken over Nederland. Maar in twee coronajaren is er lang niet naar ze geluisterd. Gevolg: het vertrouwen van studenten op het hbo en de universiteit in de politiek nam af. Ruim driekwart voelt zich nu niet meer door de politiek vertegenwoordigd. En bijna driekwart verwacht niet dat dit nog verandert.

Het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) publiceert er vandaag het onderzoek Gedaald welbevinden, geknakt vertrouwen over. Opvallend: de meeste cijfers komen van Lieve Mark, een initiatief van studenten zelf.

Martijn Janse is medeoprichter. Hij bracht zijn lockdowns met vijftien jongens door in een studentenhuis in Leiden en is inmiddels summa cum laude afgestudeerd in de theoretische natuurkunde. Zoals de meeste studenten hielden ze zich in zijn huis ‘overtuigd’ aan de coronaregels. Maar de eerste coronabesmetting bracht er een ketting van nieuwe besmettingen. ‘Toen we daardoor samen al drie weken in quarantaine zaten, hebben we afgesproken dat we allemaal nog een week zo veel mogelijk afzonderlijk op onze kamer zouden blijven.’ Een maand quarantaine in totaal, ‘dat hakte erin’.

Media bleven intussen berichten over feestende studenten die onverantwoorde besmettingsrisico’s zouden nemen. Op coronapersconferenties werden studenten lange tijd nauwelijks genoemd. Mark Rutte zei nogal vrijblijvend benieuwd te zijn naar ideeën van jongeren. Om te laten zien wat er echt speelde, is Martijn toen met zes studenten uit Delft, Leiden, en Utrecht studenten gaan enquêteren. Ze schreven voorstellen aan de premier (‘Lieve Mark’). Een draaiboek van dertig pagina’s voor een fieldlab op een studentensociëteit. Drie ministeries langs, niemand luisterde.

Pas dankzij kinderarts Károly Illy veranderde er uiteindelijk iets. Die haalde Lieve Mark als adviseur bij het OMT. Ze schreven twee memo’s met argumenten om de introductieweken voor het huidige studiejaar niet weer af te blazen. Nu met succes.

Vijf enquêtes verspreidde Lieve Mark via appgroepen tussen oktober 2020 en december 2021, midden in de laatste lockdown. Opgeteld zijn die door ruim 14 duizend jongeren beantwoord, in meerderheid uitwonende studenten aan de universiteit. Het NJI heeft een aantal uitkomsten nog eens in focusgroepen gewogen. Met als centrale vraag: ‘Herken jij je in deze resultaten?’

Vorige week sloegen studenten zelf al alarm over hun toegenomen gebruik van harddrugs, zoals cocaïne. Lieve Mark vroeg ruim zevenduizend studenten ook naar gebruik van verdovende middelen: ruim een kwart (28,3 procent) van de ondervraagde studenten die hun leven begin 2021 een onvoldoende gaven, was meer drugs gaan gebruiken. En onder studenten die hun leven een voldoende gaven was dat 18,5 procent.

De focusgroepen bevestigden dit beeld. De groep die meer gebruikt, woont vaak in studentenhuizen. ‘Je kunt er niet aan ontsnappen’, zei een student tegen de onderzoekers. ‘Als mensen weggingen naar een club of kroeg, kon je sneller onder die groepsdruk uit’. En een ander: ‘Verveling speelt ook een rol. Dan ‘helpen’ drugs.’

Het is wel zo dat veel meer mensen zich verveelden, zeg ik tegen Martijn Janse. Ook jongeren in slechtere omstandigheden. En de meeste studenten blijven dan nog steeds van de drugs af. Waarom kunnen de gebruikers in studentenhuizen dat dan niet? Martijn vindt dit een ‘te eenvoudige’ redenering: ‘Net als zeggen: ‘Gaat het niet zo goed met je? Dan moet je gewoon meer lachen!’’

Het gedaalde vertrouwen in de overheid en politiek hangt volgens het NJI samen met het mentale welbevinden van studenten. In december 2021 gaf 22 procent van de studenten hun leven een zware onvoldoende, tegenover 8 procent de winter vóór corona. ‘Jongeren tussen 18 en 25 jaar zijn echt het hardst van iedereen geraakt door de coronamaatregelen’, zegt onderzoeker Anita Kraak van het NJI. ‘Omdat je op die leeftijd veel contact nodig hebt en moet kunnen experimenteren en oefenen met je rol in de samenleving’. Het cruciale gevoel een bijdrage te kunnen leveren, noemen onderzoekers agency. ‘En die is ze afgepakt’.

Anita Kraak ziet nog iets belangrijks: in Nederland ligt steeds meer nadruk op presteren, ‘maar dat zien we vooral als cognitief presteren’. Wat jongeren voor de samenleving als geheel kunnen betekenen, kreeg veel minder aandacht, ‘die ontwikkeling hebben we tegengehouden door het coronabeleid.’

Dat is slecht voor studenten. En waarschijnlijk nog slechter voor de samenleving.