verslaggeverscolumnMargriet oostveen in Utrecht

Hoe sluiswachter Rashied Saeedi de visdeurbel tot een internationaal succes maakt

null Beeld

Rashied Saeedi bleek de ideale Utrechtse sluiswachter om de eerste visdeurbel ter wereld met groot enthousiasme tot een internationaal mediasucces te maken. Hij weet ook als geen ander hoe het is om over grote afstand te migreren, net als de vissen doen, ook zijn tocht ging door rivieren. Maar hij kon niet zwemmen, Rashied was maanden op de vlucht.

De visdeurbel is een digitale deurbel die sinds maart is verbonden aan een onderwatercamera bij de Utrechtse Weerdsluis. Hier zwemmen in het voorjaar duizenden vissen van de Vecht stroomopwaarts naar de Kromme Rijn om eitjes te leggen, via de Oudegracht, die door het centrum van Utrecht stroomt. Bij de Weerdsluis moesten ze altijd wachten tot de sluiswachter de tweehonderd jaar oude sluis af en toe met de hand open draaide voor een plezierbootje. Hongerige reigers en aalscholvers wisten dat ook.

Nu hangt hier onder water dus een camera. De livebeelden zijn te zien via de website visdeurbel.nl. Handig voor onderzoekers, die bekijken wat er langs komt: winde, snoekbaars, ruisvoorn, snoek, paling, brasem, blankvoorn, baars. Iedere belangstellende die op de beelden ook vis ziet, kan op een digitale deurbel drukken. Dat sein gaat naar de sluiswachter, die de sluisdeuren dan voor de vissen kan openen.

Sluiswachter Rashied Saeedi Beeld Margriet Oostveen
Sluiswachter Rashied SaeediBeeld Margriet Oostveen

Rashied doet niets liever, al zijn er grenzen: de visdeurbel is eind maart in gebruik genomen, twee weken later hadden gastvrije Europeanen de bel al ruim 30.000 keer ingedrukt. Inmiddels staat de teller op ruim 93.500.

Ik kom een ochtend in zijn sluiswachtershuisje koffie drinken terwijl Rashied de namen van zijn favoriete Utrechtse bruggen declameert: ‘De Rode Brug! De Oranjebrug! De Zuiderbrug! De Socratesbrug! De Nelson Mandelabrug!’ Toen hij bij de havendienst begon, fietsten ze nog langs die bruggen om ze te openen.

Hij vluchtte in 1998 als politieofficier, 31 jaar oud, over land, water, land en water vanuit de Afghaanse provincie Nimroz voor de Taliban. Je bent overgeleverd aan smokkelaars die je doorgeven, zegt hij, van de ene in de andere hand, ‘als een doosje’. ‘Een nachtmerrie: je hebt dorst maar krijgt geen water, je hebt honger maar er is geen eten. Je hebt geen rechten. De vluchtroutes die mensen richting Nederland nemen zijn verschillend ‘en ze zijn allemaal levensgevaarlijk’.

Even wachten! Rashied loopt weer naar buiten, draait aan het grote wiel en opent de sluis. De Duitse tv kwam een dag eerder nog om te filmen. ‘Waarschijnlijk maken de vissen hetzelfde mee in andere Europese landen. Maar die hebben geen visdeurbel.’

Krijgen we het over het Europese grensbewakingsagentschap Frontex, dat mede namens ons migrantenbootjes terug in zee duwt en vluchtelingen in elkaar slaat. ‘Als mensen het vluchten één keer zelf zouden meemaken…’, begint Rashied. Hij zat ’s nachts in een sloep, ze moesten een wild stromende rivier over. ‘Vijftien mensen, de sloep stak nog net boven water.’ Hij wordt nog steeds niet goed.

Maar hij haalde Nederland, ‘Kok was premier.’ De eerste twee jaar tot zijn vluchtelingenstatus waren eenzaam, ‘je mag dan niks’. Eerst stampte hij het Nederlands in zijn hoofd, zijn inburgeringsboekje heette Nieuwe Buren (‘Haha!’). Na twee jaar vond hij werk op de chemokar van de gemeente en daarna namen ze hem aan bij de havendienst. Waar hij moest leren varen, met de gemeenteboten de grachten over. Hij heeft klappertandend van angst zijn zwemdiploma A gehaald, zijn vaarbewijs, en alle cursussen voor de bruggen.

Rashied mag inmiddels stemmen, ‘altijd op een vrouw’: zes zussen heeft hij in Afghanistan en ze zijn allemaal lerares, terwijl daar alweer scholen worden gebombardeerd omdat ze meisjes onderwijzen, ‘onschuldige meisjes!’

Rashied noemt het dan ‘ongelooflijk dat zoveel mensen zich betrokken voelen bij de vissen. Toch?’ De visdeurbel zou maar tot eind mei blijven, maar wordt wegens succes geprolongeerd.

Als het om mensen gaat zijn we een tikje harder geworden, zeg ik.

‘De táál werd harder’, vindt Rashied, ‘maar Nederland is van nature een maatschappij die niet snel zal veranderen.’ Hij kent nog veel mensen die zich inzetten voor vluchtelingen, ‘ik klaag niet.’ Dan, bezwerend: ‘Wij zijn een tolerant land. Met een best beschaafd volk.’