ColumnSheila Sitalsing

Hoe Rutte III vier jaar lang leurde met miljarden voor het bedrijfsleven

null Beeld

Soms, wanneer je ziet dat het niet moeilijk is om mondkapjes voor veel te slijten aan de overheid en wanneer je ziet dat er met een snufje VOC-mentaliteit best veel gemeenschapsgeld valt door te sluizen naar privéfilantropieprojectjes, zou je denken dat de sluizen hier openstaan voor het bedrijfsleven. Dat staan ze ook, in het diepst van Mark Ruttes gedachten. In werkelijkheid loopt het demissionaire kabinet al vier jaar lang te leuren met een paar miljard aan overheidsgeld die voor het bedrijfsleven bestemd zijn; pogingen om het cadeau te overhandigen mislukten telkens.

Eerst is er het wonderlijke plan om de dividendbelasting af te schaffen. De VVD komt ermee aanzetten in de formatie van Ruttes derde kabinet, de drie coalitiepartners vinden het niks, de ene zegt dat hij ‘het niet heeft bedacht’, de andere rept van ‘meloenen doorslikken’. Het plan blijkt neer te komen op een gift van de Nederlandse gemeenschap aan voornamelijk Shell en Unilever van 1,9 miljard euro. En we zijn weliswaar een gul volk dat belastingontwijkingsroutes financiert en elkaars huizenbezit betaalt via de hypotheekrenteaftrek, maar dit gaat te ver. Na de gebruikelijke circusacts van de premier – ‘Overtuigd van het nut in al mijn vezels’, ‘Lobby door Unilever? Geen actieve herinneringen’ – gaat het plan in de kliko.

Het geld ligt er nog. En het moet naar ‘het vestigingsklimaat’, Binnenhoftaal voor beleid met een aanzuigende werking op gelukzoekende ondernemers. Dus komt er het plan om dan maar de vennootschapsbelasting te verlagen, naast strooigoed voor expats, innovatie en nog wat dingen. Goed voor 1,9 miljard euro per jaar.

Dan komt corona. Miljoenen aan NOW, Tozo, Togs, TVL en andere noodsteun gaan naar ondernemers. De beloofde verlaging van de vennootschapsbelasting verdwijnt van de agenda.

Poging nummer 3 wordt in de nazomer van 2020 aangekondigd en heet de BIK, de Baangerelateerde Investeringskorting, goed voor 2 miljard euro per jaar: ondernemingen die investeren, hoeven minder loonheffing te betalen. Elke instantie die is aangesteld om langer dan vijf minuten over overheidsbeleid na te denken – het Centraal Planbureau, de Raad van State, oppositiepartijen in het parlement – schiet het plan af als ineffectieve en dure onzin.

Het duurt nog best lang voordat het kabinet, inmiddels demissionair, terugkrabbelt. Afgelopen vrijdag pas kwam de ­mededeling dat de BIK niet doorgaat, omdat de Europese Commissie de korting als illegale staatssteun ziet.

Poging 4 is verlaging van de premie die werkgevers moeten storten in het Algemeen Werkloosheidsfonds, een pot waaruit werkloosheidsuitkeringen worden betaald. De bedoeling is dat ondernemers het geld dat ze zo uitsparen nuttig gaan aanwenden, aan investeringen die banen opleveren, en aan ‘innovatie’ natuurlijk, want Den Haag is dol op innovatie.

Ook op deze route is ongetwijfeld van alles aan te merken, maar Rutte III is op de valreep de miljarden kwijt; eventuele troep ruimen we later wel op. Wat rest, is verwondering over het gemak waarmee regeringen dure regeling op ineffectief plan stapelen om lobby’s te honoreren, hobby’s te bedrijven, clubs te vriend te houden, beloningen uit te delen.

Terwijl het voor ondernemers zo veel eenvoudiger kan: vraag de overheid om alle regelingen die niets uithalen te schrappen (en dat zijn er opzienbarend veel, vraag maar aan de Rekenkamer) en verheug je over hoeveel geld er overblijft voor dingen die wel nuttig en effectief zijn.

Of begin een mondkapjeshandel.

Meer over