Columnmax pam

Hoe heftiger het geklaag over het ontnemen van vrijheden, hoe langer het zal duren voordat die terug zijn

Max Pam columnist artikel Beeld -
Max Pam columnist artikelBeeld -
Max Pam

Robin Fransman, de lockdownscepticus die vorige week op 53-jarige leeftijd aan corona is overleden, heb ik niet gekend. Zijn vader Rob Fransman, inmiddels 82 jaar, ken ik wel. Rob was een van de Nederlandse Nebenkläger in het Demjanjuk-proces, dat ik tussen 2009 en 2011 voor deze krant heb verslagen.

In 1943 werd Rob van zijn ouders gescheiden en dook onder in een plaats, die nota bene Zwijndrecht heette. Zijn ouders zwijnden minder en werden door Het Zwijn in Sobibor vergast. Rob ontkwam aan de Holocaust. Tijdens het proces in München keken we samen naar Demjanjuk, die steeds het toneelstukje ‘Kampbewaker voor dummy’s’ opvoerde. Het enige woord dat Demjanjuk sprak tijdens de 92 zittingen was: ‘Hoiberg’. Niemand wist wat hij bedoelde.

Na het proces hielden Rob en ik contact. Wij dronken samen koffie. Onlangs ben ik bij hem in de straat komen wonen. Als ik nu langs zijn huis fiets, zie ik dat de gordijnen dicht zijn. Ik ben uitgenodigd voor de sjivve, de zevendaagse rouwperiode die volgt op de joodse begrafenis. Af en toe krijg ik het bericht om toch niet te komen, aangezien iemand positief getest is. Rob zelf is ongetwijfeld gevaccineerd en ik hoor hem tandenknarsen, vermoedelijk zelfs huilen, terwijl ik hem ken als een levenslustige, goedlachse man.

De straat waar wij wonen ligt niet ver van het Museumplein, waar elk weekend de een of andere demonstratie tegen de coronamaatregelen plaatsvindt. De demonstranten zie ik vaak door de buurt lopen, ongeveer zoals voetbalsupporters na een verloren wedstrijd. Sommigen dragen nog een half verkruimeld spandoek bij zich.

‘Fuck Janssen ik wil dansen.’

Het is onder deze omstandigheden niet aan mij kritiek te leveren op Robs zoon Robin. Die heeft het vast en zeker goed met de samenleving voor gehad, al raakte zijn idee van vrijheid net zo verkruimeld als dat van het spandoek. Vrijheid is ook een kwestie van geduld. Als je ondergedoken hebt gezeten in Zwijndrecht, weet je daar alles van. Wie nu op het Museumplein in naam van de Holocaust gaat demonstreren, heeft eigenlijk geen idee. En vooral geen geduld. De pandemie gaat slechts langer duren, als je zonder prik wilt dansen. Hoe heftiger het geklaag over het ontnemen van vrijheden, hoe langer het zal duren voordat wij die vrijheden hebben herwonnen. Wie het heeft gezegd weet ik niet, maar het is waar dat geduld, te vaak getergd, verandert in razernij. Dat zie je nu gebeuren.

Geduld is niets voor de jeugd. Een kwestie van nature en een kwestie van nurture. Zo las ik gisteren – alweer een eeuw geleden – dat jongeren niet de tijd hebben om op hun boodschappen te wachten. De flitsbezorger brengt ze binnen tien minuten bij u thuis. Nu! Bezorgers van Gorillas staan al in de starthouding om op hun Formule 1-fietsen te springen. Hoogstpersoonlijk scheurt King Kong bij u langs om uw bestelling af te leveren. Eerlijk gezegd heb ikzelf voor de meeste zaken ook geen geduld. Voor een rood stoplicht wachten, terwijl er niets aankomt – zonde van je tijd. Mediteren? Hoepel op met die onzin, doe dat maar in je eigen tijd. Dat is de paradox waarvoor zelfs Einstein geen oplossing heeft: hoe sneller je wilt, hoe langer het duurt.

Vorige week werd bekend dat juist bij het Janssen-vaccin de langetermijnwerking erg gunstig is. Dus je zou zeggen: ‘Geef Janssen, eerder dansen.’ Maar zo werkt het natuurlijk niet. ‘Het leven is gewoon een tango met de dood’ – schreef Herman van Veen niet zoiets? Hij heeft helemaal gelijk, terwijl ik niet eens zo van zijn muziek houd.

Hitler wilde ook te snel. Een aanval op twee fronten tegelijk en hij zou ze allebei winnen. Hij eindigde in de sneeuw, vastgelopen en doodgevroren. Het kost mij geen moeite me voor te stellen wat Rob Fransman zou vinden van al die Holocaustvergelijkingen die onder antivaxers zo gangbaar zijn. Op Twitter word je er bijna mee doodgegooid. Robs zoon kwam op voor de vrijheden van zijn vader, die zijn vader vermoedelijk niet eens als vrijheden herkende. Nobele vaderliefde met een tragisch einde, want ‘nooit komen rampen eenzaam als verspieders’.

De dood van de zoon liep vast in een politieke discussie: lockdown, of alles opengooien. Op het Museumplein lieten demonstranten zich in elkaar slaan voor een zinsbegoocheling die zij aanzagen voor de vrijheid. De opstand der helden die geen helden zijn. Vanmorgen ben ik nogmaals langs het huis van de vader (en de moeder) gereden. Gordijnen dicht, de auto waar de vader zo trots op is voor de deur. Rob, gecondoleerd en gecondoleerd. Met lege handen kom je ter wereld en met lege handen verlaat je de aarde weer.

Meer over