ColumnBert wagendorp in Zegveld

Hoe een zes eeuwen oude bakkerij kreunt onder de gasprijs

null Beeld
Bert Wagendorp

Aan de Hoofdweg in Zegveld, provincie Utrecht, staat, pal tegenover de protestantse kerk, de zaak van bakker Jan de Leeuw (63) en zijn echtgenote Annalies (64). Het is een kleine winkel, waar nog een ouderwets belletje klingelt als je naar binnen gaat en waar het wit-roze interieur met de etalagekasten en de toonbank met een glanzende koperen stang je minstens een eeuw terugvoeren in de tijd – 118 jaar, om precies te zijn, want in 1903 verhuisde het meubilair van een Belgische bonbonwinkel naar Zegveld.

De bakkerij gaat nog veel verder terug: het is waarschijnlijk de oudste bakkerij van Nederland. Volgens Jan de Leeuw, in zijn schaarse vrije tijd een enthousiaste amateur-historicus, wordt er op deze plek aan de Hoofdweg sinds 1600 brood gebakken, bewijzen archiefstukken. Maar vermoedelijk gaat de geschiedenis nog verder terug. In een hoek van de winkel ligt een kleine molensteen, gebruikt voor het malen van meel, die dateert uit de vijftiende eeuw en die is aangetroffen onder de vloer van de bakkerij, waar ook de fundering van een oven van rond 1400 werd gevonden.

Gedurende ruim vier eeuwen waren er 29 bakkers actief in de bakkerij achter de winkel – de vader van Jan nam de winkel ruim 75 jaar geleden over en zijn zoon kwam begin jaren tachtig in de zaak.

‘Ik ben bakker’, zegt De Leeuw. Annalies legt uit wat hij daarmee bedoelt – veel meer dan alleen zijn beroep. ‘Je moet deeg aan je handen hebben.’ Ze zijn bezig met de bolletjes (sesam, maanzaad) die Annalies op zaterdag verkoopt op de Streekmarkt in het nabijgelegen Woerden. Die moeten eerst rijzen op de bakblikken, voor ze de Livako De Boer-oven ingaan. Hoewel de bakkerij geen ramen heeft kan Jan aan de bolletjes zien of het buiten regent. Alles gaat op het gevoel, ‘ik heb geen computer’.

Hij zet de gasoven aan, waar per bakbeurt 200 broden in passen en die flink buldert. ‘Hoor je het?’ vraagt Annalies. ‘Daar gaat een hoop gas doorheen hoor.’ Toen ze in november de gasrekening kregen, schrokken ze zich een ongeluk. Vergeleken met mei 2020 was die vier keer zo hoog. Ze hadden een variabel contract en waren opeens honderden euro’s per week meer kwijt aan gaskosten.

Dat gas kon niet uit. Annalies: ‘Dit wordt zinloos, zeiden we tegen elkaar. Elk brood dat we verkochten kostte geld. Je kunt die kosten niet doorberekenen aan de klanten. Er is een grens aan wat de mensen voor een brood willen betalen. Anders gaan ze naar de supermarkt.’

Dus er zat niets anders op dan de oven, die eeuwenlang zes dagen per week had gebrand, twee dagen per week uit te laten. Op maandag en dinsdag bakken ze bij bakkerij De Leeuw geen vers brood meer en verkopen ze diepgevroren brood. ‘De klanten begrijpen het’, zegt Annalies. Een energiezuiniger oven? ‘Een nieuwe electrische oven kost een ton’, zegt Jan, ‘dat ga ik niet meer terugverdienen.’

Annalies de Leeuw in de winkel Beeld x
Annalies de Leeuw in de winkelBeeld x

Gas is overigens niet de enige kostenpost die omhoog is gegaan. Alle grondstoffen zijn duurder geworden, meel ook.

Ze draaien vooral op de specialiteit van bakkerij De Leeuw VoF: superlekkere stroopwafels; 24 uur per week zijn Jan en Annalies in de weer met die delicatesse – saai werk, vindt Jan. Het gaat nog op een ouderwetse manier: een oeroud dubbel wafelijzer, waarin de stroopwafels twee minuten worden gebakken, ‘je moet niet naar ons uurtarief vragen.’ Mensen op de markt klagen wel eens over de prijs: 6,50 per pakje van tien. Maar dan heb je ook wat. ‘Niemand kan die stroopwafels van ons namaken,’ zegt Jan.

‘Ik houd me aan een oud principe van mijn vader’, zegt hij: ‘Je moet er geen geld uit laten gaan wat er niet eerst in is gekomen.’

Ze houden het vol door de uren die ze in de bakkerij en de winkel draaien: 60 tot 80 per week per persoon. Op dagen dat ze nog wel bakken, staat Jan de Leeuw om half drie op en ontsteekt hij een uur later de oven.

‘De winkel is mijn sociale leven’, zegt Annalies. ‘Ik wil dat je dit er even nadrukkelijk bij zet: we gaan níet stoppen.’

Ooit wel, natuurlijk. Er is geen opvolger: wie wil er nog warme bakker worden, met de lange werkuren die daarbij horen? ‘Dit is ons overkomen’, zegt Jan. ‘Maar ik heb altijd geweten dat wij de laatste generatie zouden zijn.’ Binnen afzienbare tijd zal de combinatie bakkerij-winkel er niet meer bestaan. De hoge energieprijzen versnellen een proces dat al veel langer aan de gang was.

Er is één troost: ‘Eigenlijk ben ik erg lui van aard’, zegt Jan de Leeuw.

bert.wagendorp@persgroep.net

Meer over