ColumnDe twaalfde man

Het voetbal heeft er een attractie bij: er gaat niets boven de VAR

null Beeld
Paul Onkenhout

De KNVB zette deze week een filmpje online waarin de gebeurtenissen werden getoond die vooraf gingen aan de rode kaart voor Jerry St. Juste in de wedstrijd Ajax – Feyenoord. Het was, zo bleek snel, het hoogtepunt van de klassieker. Iemand zei ‘poh.’

We mochten een kijkje nemen in wat de control room van het ARAG KNVB Replay Center wordt genoemd, in Zeist. Daar zaten twee mannen in sportkleding voor tv-schermen. De ene was Video Assistant Referee (VAR) Danny Makkelie, de andere diens onbekende assistent, de AVAR.

We konden het duo volgen vanaf het moment dat St. Juste in de vijfde minuut een overtreding op Ajacied Tagliafico beging. De scheidsrechter, Björn Kuipers, strafte hem met een gele kaart.

Oh, gele kaart, zei de VAR of de AVAR. Meteen daarna liep de spanning hoog op: ‘Ik twijfel, heel misschien rood.’ De onbeholpen charge van St. Juste werd in de control room nogmaals bekeken. Poh, zei een van de videoscheidsrechters.

Het kwam er kalm uit, ondanks de ernst van de overtreding. De VAR gaf ermee aan dat hij de overtreding had waargenomen en de ernst ervan inzag, maar liet tegelijkertijd merken dat hij zich niet gek liet maken en voor hetere vuren had gestaan.

Ik vind het rood, klonk het in de control room. Daarna was er contact met scheidsrechter Kuipers.

VAR: ‘Björn, Danny hier.’

Scheidsrechter: ‘Ja, ja?’

VAR: ‘Ik zit op een rode kaart.’

Scheidsrechter: ‘Moet ik kijken?’

VAR: ‘Ja, ik wil dat je gaat kijken.’

In de Johan Cruijff Arena loopt Kuipers naar de kant, naar het tv-scherm. De VAR zegt dat hij eerst het ‘point of contact’ zal tonen, daarna de ‘snelheid.’ Bij het eerste beeld: ‘Dit is het raakmoment Björn. Eerst op het bovenbeen….. En daarna gaat hij door op de kuit.’

Kuipers slaat het voorstel af om de overtreding nog een keer te bekijken. Ik heb ‘m gezien, zegt hij. Hij loopt het veld in, fluit, maakt soepeltjes het bekende gebaar van het tv-scherm zodat iedereen weet dat er iets zit aan te komen, pakte een gele kaart, maakt een gebaar dat hij deze intrekt en toont een rode kaart – de magistrale apotheose van een heerlijk staaltje teamwork en technisch vernuft.

Sinds dit seizoen worden alle wedstrijden in de eredivisie gadegeslagen door de VAR. Op de VAR wordt vaak gemopperd. Het zou willekeur in de hand werken. Ook zijn er mensen die vinden dat het ten koste gaat van de ‘romantiek’ in het voetbal.

Dat is allemaal onzin. De mannen in de control room van het ARAG KNVB Replay Center blijken niet onfeilbaar, het blijft immers mensenwerk, maar het voetbal is schoner en eerlijker geworden dan ooit tevoren. Bedriegers lopen tegen de lamp, arbitrale fouten worden gecorrigeerd.

Volkskrant-verslaggever Guus Peters mocht afgelopen weekeinde van de KNVB een kijkje nemen in de control room, tijdens Groningen – PSV. Hij schreef dat de VAR in de eerste negen speelronden in de eredivisie 27 keer met succes had ingegrepen – een overtuigend getal, maar de aantrekkingskracht van deze reportage zat vooral in de fijne details.

Zo blijken er 48 tv-schermen te zijn in de control room. De VAR en de AVAR mogen tijdens de wedstrijd niet eten of drinken, alleen water. Dit is óók topsport. Serdar Gözübüyük, de VAR van dienst: ‘Het is niet zo dat we hier met een bak popcorn de wedstrijden zitten te kijken.’

Hoe meer je te weten komt over de VAR, hoe beter het wordt. De spanning nadat het spel is stilgelegd, het wachten op de beslissing en het ijzingwekkende moment dat de scheidsrechter het oordeel bekend maakt, inclusief dat toffe gebaar waarmee hij een tv-scherm nabootst: het voetbal heeft er een attractie bij. Er gaat niets boven de VAR en we gaan er nog heel veel plezier aan beleven.

Meer over