ColumnThomas von der Dunk

Het kabinet-Rutte IV is een blamage

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus. Beeld volkskrant
Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus.Beeld volkskrant
Redactie

De Volkskrant ontving recent ettelijke brieven, waarin lezers zich beklagen over het kritische gehalte van commentaren op het kabinet. Dat snap ik.

Als je, al dan niet dankzij een door Wopke Hoekstra getipt belastingparadijsje, jarenlang gezellig in je eigen bubbel hebt geleefd. Als je in die gelukzaligheid nooit gestoord bent door enig overheidsfalen dat jouw bestaan ruïneert (toeslagenschandaal, gasbevingen) of jarenlang in de wacht zet (wooncrisis, zorgcrisis, onderwijscrisis). Als je grootste politieke pijnpunt zodoende daaruit bestaat dat je niet meer ongelimiteerd op de snelweg mag racen, en je meest existentiële angst dat je niet meer mag barbecueën, beide zo treffend door Mark Rutte verwoord.

Ruttocratie

Kortom: als je niet het slachtoffer bent van een decennium ruttocratie, dan is het inderdaad heel vervelend om er bij het ontbijt wel eens op gewezen te worden dat voor veel burgers Nederland de afgelopen jaren helemaal niet zo'n 'gaaf land' gebleken is. Dat zou je namelijk kunnen noodzaken om je stemgedrag te verbeteren, en dat heb je natuurlijk liever niet.

Het kabinet-Rutte IV is dan ook een blamage. Het is allereerst een blamage voor de kiezer, die dit mogelijk heeft gemaakt. Ik heb het hier al eens eerder geconstateerd: onder de vorige liberale premier - een van de beste die Nederland ooit heeft gehad - is het algemeen kiesrecht ingevoerd; de continuering van de huidige - een van de beroerdste die Nederland ooit heeft gehad - geeft dagelijks argumenten om het weer af te schaffen.

Het aantreden is niet alleen een blamage voor de kiezer, het is ook een blamage voor de politiek. Bijna een jaar na het aftreden van Rutte III vanwege het grootste politieke schandaal sinds 1945 krijgen we aan de leiding een kopie van het oude. Ja, Hoekstra en Kaag hebben, als een soort Hollandse Poetin en Medvedev, van ambt geruild. Maar opnieuw vormen die drie partijleiders ondanks al hun brokken weer de top van het kabinet.

Nieuwe bestuurscultuur? Dat had tenminste gevergd dat ze fractieleider waren geworden. En van dat nieuwe zal ook dáárom weinig van terechtkomen, omdat de continuering van de oude constellatie voor controlfreak Rutte de ideale is.

Verzuchting

Bij veel commentatoren, die eigenlijk vonden dat Rutte na die motie van afkeuring de eer aan zich zelf moest houden - eer, wat is dat? - valt nu de opgeluchte verzuchting te vernemen: nu ja, we hebben tenminste weer een kabinet.

Dat sentiment is precies waarop de VVD met haar maandenlang traineren van de formatie heeft gegokt: het hele land zolang gijzelen met hardnekkig pogen Rutte terug het torentje in te chanteren, tot iedereen murw gebeukt zegt: in godsnaam dan maar. En dan bezorgd dat het kiezersvertrouwen tot een ongekend dieptepunt is gedaald.

Het richtingloze geschutter in de coronacrisis brengt dit als geen ander aan het licht. Dat ongeveer nergens de coronaregels zo beroerd worden nageleefd, dat steeds meer mensen hun schouders ophalen bij de zoveelste oekaze van Rutte, komt, behalve door de Oranjes, omdat Rutte in die elf jaar, anders dan Kok of Lubbers, buiten zijn vaste groupiesclubje nooit een begin van gezag heeft opgebouwd. En dat komt omdat hij nooit - ik herhaal: nooit - de ruggengraat heeft getoond om tegen de primitiefste sentimenten van zijn achterban in te gaan, als het staatsbelang dat vereist. Pas als die om was, ging hij dat ook.

Geen eigen inhoud

Bij de VVD had prolongatie van Ruttes premierschap opnieuw prioriteit boven elke inhoud. Dat is logisch, want de VVD heeft geen eigen inhoud. Omwille van de macht past Rutte, trots op zijn visieloosheid, de inhoud steeds aan. Lees het in feite vernietigende zelfportret dat VVD’ers in De Volkskrant over de ziel van hun partij schetsen.

De nu tot minister omhooggevallen partijvoorzitster Christianne van der Wal over die ziel: ‘dat is de positiviteit. Wij zien problemen als een kans, wij zijn altijd bereid om te veranderen.’ Ik weet niet of de Groningers met hun ingestorte huizen hun problemen ook als een kans zien.

Een tweede lichtgewicht, de Amsterdamse gemeenteraadslijsttrekker Claire Martens bevestigt dit: ‘Voortschrijdend inzicht. Daar gaan wij pragmatisch mee aan de slag. Wat ik persoonlijk jammer vind, is dat we dat vaak zien als draaien, als zwak. Het is juist sterk dat je kunt toegeven dat je in de oplossing van het klimaatprobleem nooit voorop hebt gelopen, maar dat dit gaat veranderen. Je moet maar durven.’

Je moet inderdaad maar durven. Decennialang hebben Rutte en zijn partij elk serieus klimaatbeleid gesaboteerd en de voorstanders ervan geridiculiseerd. Dat hier eerst een diep excuus op zijn plaats is, snapt in dat gezelschap kennelijk niemand. Excuses, wat zijn dat? Die zou Claire vast persoonlijk jammer vinden, want dat past niet bij Christiannes positiviteit. Die wordt nu verantwoordelijk voor stikstof. Citaat uit de NRC van 3 januari, over het reduceren van de boerenbijdrage daaraan: ‘Moeten, dat komt in ons woordenboek niet voor.’

Karakterdefect

Daar hebben we dus niets aan: zij kampt met hetzelfde karakterdefect als Rutte - gebrek aan moed. Geef mij dan maar de nieuwe CU-minister van Landbouw Henk Staghouwer, die als Gronings gedeputeerde niet voor de trekkerterreur bezweek.

Zet die ook tegenover de nieuwe VVD-staatssecretaris van Defensie Christophe van der Maat, die het in Brabant voor FDF wel in zijn broek deed en ijlings met FvD een bondje sloot. Die was in Kabul al op de vlucht geslagen als de Taliban zich tot het door zijn partij als traditie gekoesterde afschieten van rotjes hadden beperkt.

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus.

Meer over