laat het stoppen

Het irritantste aan de zelfscankassa: de Controle Door Een Medewerker

null Beeld

Moderne verschijnselen; we komen erin om. Maar we hoeven ons er toch niet altijd bij neer te leggen? Er zijn zaken waar we ons tegen ­kunnen – nee, móéten – verzetten. Deze week: de controle.

Cécile Narinx

Er is veel veranderd de afgelopen jaren, en er is ook een heleboel (massatoerisme!) weer zoals het ooit was. Maar nu de pandemiedampen optrekken en het ergste voorbij lijkt, is er een nasleep die niet, nooit, never meer gaat verdwijnen: het zelf afrekenen zonder hulp van kassamedewerkers. Collega Laat-Het-Stopper Frank Heinen schreef er in het najaar van 2020 met het schuim op de mond een verrukkelijk mopperstukje over: hoe hij stond te stuntelen en zuchtend werd gadegeslagen door een, ik citeer, hulpsatan uit 5 vwo. Heel herkenbaar, toentertijd. Maar inmiddels zijn we bijna twee jaar verder en volwassener, en moet ik mezelf toch even op de borst kloppen: het zelf scannen is een tweede natuur geworden. Een streepjescode uitlezen of zo’n scanpistool richten en laten piepen vind ik eigenlijk hartstikke leuk. Het geeft de sensatie van waterpistolen en laserguns, en zoals iedereen weet is een kinderhand snel gevuld.

Toch zijn er ook nadelen die aan het zelf afrekenen blijven kleven. Ik benoem de drie ergerlijkste: A) de snoeiharde robotstem van de kassa van Jumbo die na gedane zaken op stadionvolume ‘BEDANKT VOOR HET WINKELEN BIJ JUMBO!!!!!’ schalt, op piekuren in canon uit wel zes zelfscankassa’s tegelijk. B) De korte bon, die ik om de supermarkten en het milieu niet nodeloos te belasten, altijd braaf verkies boven de lange bon, dwarrelt altijd weer weg, met lang zoeken en oncharmant bukken tot gevolg. C) De Controle Door Een Medewerker. Die is met grote afstand het irritantst.

Die controle vindt geheid plaats als er alcoholische versnaperingen moeten worden afgerekend, of zoals de kassadisplay van Albert Heijn cryptisch meldt: een ‘leeftijdgebonden product’. Ik moet bij leeftijdgebonden producten eerder denken aan Zwitsal billenzalf of Kukident kleefpasta. Waarom het beestje niet bij de naam alcohol noemen? Of het echt goed aanpakken, en de pop-up iets confronterends laten meedelen als: ‘Hee drankorgel! Kun je het weer niet laten?’ En dan een smiley, politieagent- of bier-emoji.

Toch is de dreiging van zo’n controle al bijna reden genoeg om geen drank meer te kopen bij de supermarkt. Het vreet namelijk tijd, want het is wachten geblazen tot er een ongemotiveerde teenager mijn kant op komt sloffen om te checken of ik wel 18plus ben. Ik probeer dit tijdrovende proces sluw voor te zijn door als ik wijn of bier in de mand heb dat als eerste te scannen en dan tijdens het verder scannen getergd richting servicecorner te blijven turen, zodat de dienstdoenden al vanaf meters afstand kunnen zien dat ik qua leeftijd (en trouwens ook qua vreugdeloosheid) hun moeder had kunnen zijn, en hun fiat kunnen geven.

De andere controle is minder voorspelbaar. Het betreft hier – misschien dat slimmeriken die alles thuis laten bezorgen dit fenomeen niet kennen – de lukrake steekproef waarbij vier items gescand moeten worden. Deze vindt, of de duvel ermee speelt, altijd plaats als ik haast heb. Ik sta dan nerveus met de nagels op het betaalstation te roffelen, want ook hierbij duurt het nodeloos lang tot iemand van het groepje bijbeunende blagen, dat steevast met de ruggen richting klanten staat te beppen, doorheeft dat er assistentie is vereist en ze een keer wat moeten dóén voor hun geld. Verschijnt er dan ten langen leste een zwijgend grietje met hertenwimpers, monumentale wenkbrauwen en acrylnagels, dan plukt ze vol afgrijzen – alsof het een dampende hoop stront is – met die nagels in mijn o zo zorgvuldig ingepakte boodschappentas, pakt hem tergend langzaam uit, scant vier items, sjokt weer servicecornerwaarts, en laat mij rücksichtsloos achter met de hele uitgepakte mieterse bende. En een bokkenpruik.

Meer over