Columnkustaw bessems

Het gaat beter met de cijfers; hét moment om een worstcasescenario uit te denken

null Beeld
Kustaw Bessems

Ze stonden helemaal onderaan, de New York Mets. Het was 1973 en de legendarische catcher Yogi Berra, inmiddels trainer van de Mets, kreeg de vraag of het seizoen voorbij was. Zijn repliek: It ain’t over till it’s over. De Mets legden alsnog een spectaculaire weg naar de winst af.

De luide roep om snelle, verdere versoepelingen is begrijpelijk. Waarbij in alle tumult wel veel misverstanden de ronde doen. Over de huidige beperkingen wordt nogal eens gesproken alsof die puur uit voorzorg zijn ingevoerd, vanwege de zeer besmettelijke omikron-variant, maar vergeten wordt dan dat er op het moment dat ze ingingen nul marge meer was in de Nederlandse ziekenhuizen. Het kabinet had weinig keus.

Sowieso een van de wonderlijkste mythes over het coronabeleid: dat de virusbestrijding steeds boven andere maatschappelijke belangen gaat. In werkelijkheid hebben de toonaangevende medische adviseurs nooit in iets anders geloofd dan het virus maximaal laten rondgaan, met slechts code zwart als grens. En zij poogden wel degelijk met grondrechten, economie en welzijn rekening te houden, maar dan zonder er verstand van te hebben. Het kabinet behandelde de besluitvorming vervolgens als een keuze tussen elkaar uitsluitende belangen: doen we een kilo virus eraf of een kilo economie erbij? Tot op de dag van vandaag ontbreekt het eraan dat mensen uit verschillende disciplines proberen die verschillende belangen in samenhang met elkaar te behartigen.

Er ontstaat ruimte. Doordat omikron minder mensen ernstig ziek maakt, doordat de meeste ouderen onlangs hun derde prik hebben gekregen en doordat een groot deel van de bevolking door dubbele vaccinatie of doorlopen ziekte enige bescherming geniet.

Goed dat er meer open gaat dus. Als er íets van de rampen van deze pandemie is geleerd, gebeurt dat stapsgewijs en met veel nadruk op relatief lichte maatregelen, zoals veelvuldig testen en het dragen van mondneusmaskers (wanneer worden die tests en maskers eindelijk eens gratis?). Het wordt vast een fijn voorjaar en hoe hard ik het probeer te onderdrukken, ook ik mijmer alweer bij het idee van ‘ons oude leven’. Maar hier zit meteen het gevaar. Een verantwoordelijke overheid dient zich nu de woorden van Yogi Berra aan te trekken. Want het ís pas voorbij als het voorbij is.

Weliswaar hoor je Jan en alleman met een plechtig gezicht zeggen dat we ‘moeten leren leven met het virus’. Maar vraag door wat dat inhoudt en de oogst is meestal griezelig mager. Iets met meer bedden, wordt meestal gemompeld. Waarbij er steevast aan voorbij wordt gegaan dat zelfs een dubbel zo grote zorgcapaciteit tijdens de afgelopen coronagolven een druppel op de gloeiende plaat was geweest. En voorlopig zit de zorg juist nog met gigantische personeelstekorten en een file van onuitgevoerde operaties.

Dus mochten wij binnenkort weer genieten van eten, drinken, muziek en elkaar, dan behoort die overheid waakzaam te zijn. Eén voorbeeld: wat als het virus zich nog verder aan de werking van het vaccin ontworstelt? Als de kwetsbaren weer slecht beschermd zijn en er niet tegenop is te boosten? Opnieuw strenge restricties, opgelegd door een regering die bij het grootste deel van de murw gebeukte bevolking geen vertrouwen geniet? Het nachtleven eeuwig dicht? Bedenk dat corona zich niet afspeelt in een vacuüm. Op de achtergrond: oprukkend extremisme, tanende bestaanszekerheid en oorlogsdreiging.

Juist nu het beter gaat, moet de overheid elk denkbaar scenario uitdenken, ook de worstcasescenario’s. Hopelijk om ze ooit ongebruikt in de prullenbak te gooien. Maar voorkom tot die tijd dat we een andere uitspraak kunnen aanhalen die aan Yogi Berra wordt toegeschreven. Zijn mooiste: It’s like déjà vu all over again.

Mailen? k.bessems@volkskrant.nl

Meer over