CommentaarArnout Brouwers

Hernieuwde samenwerking VS en Europa begint met nederigheid

Een militaire training van de NAVO in Bulgarije.  Beeld AFP
Een militaire training van de NAVO in Bulgarije.Beeld AFP

Westerse democratieën moeten ook in 2021 hun waarden op het wereldtoneel verdedigen.

Komend jaar kan belangrijk worden in de westerse reactie op een nieuwe geopolitieke realiteit: de aankomst van China als wereldmacht. Met het aantreden van Joe Biden zien politici in de VS en Europa kansen nieuwe spelregels af te spreken die niet op China’s autocratische voorkeuren zijn geënt.

Of de ‘Atlantische wereld’ tot een betekenisvol antwoord kan komen op Xi Jinpings autocratische uitdaging, is allerminst zeker. Maar de inzet is hoog: blijven fundamentele vrijheden deze eeuw de standaard, of gaan ook oude democratieën hun waarden (deels) inleveren in de hoop hun welvaart veilig te stellen?

De hoop dat China’s waardensysteem van buitenaf kan worden ‘hervormd’, is naïef gebleken. De vraag voor democratieën op alle continenten is of zij in staat zullen zijn hun waarden in eigen huis te handhaven. De minimale vereiste daarvoor is hechtere samenwerking.

Het begint met de bestrijding van de uitholling van democratieën van binnenuit. De Trump-jaren hebben de Amerikaanse democratie op de proef gesteld en wereldwijd de aantrekkingskracht van het democratische model aangetast. Maar ‘Trumpisme’ is geen exclusief Amerikaans fenomeen. Ook Europese democratieën lijden eraan. En wat te denken van het Verenigd Koninkrijk, waar corrupt Russisch geld diep is geïnfiltreerd in de City en delen van de Conservatieve Partij?

Realityster Trump is niet de bron van het kwaad, maar een symptoom van de democratische crisis. Twijfel onder grote groepen kiezers over ‘oude politiek’, aangewakkerd door de echokamers van de sociale media waar feiten er niet meer toe doen, drijft veel mensen in de richting van extreme ‘oplossingen’.

Maar er is ook goed nieuws. Trump heeft Europeanen eindelijk doen beseffen dat ze in de wereld na de Koude Oorlog zelf verantwoordelijkheid moeten nemen voor hun lot. Ze kregen de afgelopen jaren te maken met een China dat met powerplay over individuele landen heen walst − én met tal van nabije crises. Dat versterkte het besef dat de Europese Unie nodig is voor het behoud van nationale soevereiniteit en dat er geen alternatieven meer zijn voor zelfredzaamheid. Dat wordt ‘strategische autonomie’ genoemd, maar het begint met zelfrespect en zelf nadenken.

Wie dat doet, kan als Europeaan maar tot één conclusie komen: samenwerking met de machtigste democratie ter wereld is een van de beste manieren om je invloed in de wereld te vergroten. Een machtsmiddel, kortom, dat Europeanen niet links kunnen laten liggen. Daarom is het goed dat de EU een ambitieuze agenda heeft vastgesteld − van klimaat tot handel en veiligheid − voor het herstel van de samenwerking.

Dit moet gebeuren zonder illusies, maar ook zonder misplaatste arrogantie − de afhankelijkheid inzake veiligheid van de VS zal nog lang blijven − zelfs als de Europeanen wel serieus in hun defensie gaan investeren.

En zonder koudwatervrees. Veel Europeanen zijn bang te worden meegesleurd in een ‘koude oorlog’ met China. Om die te voorkomen, moet worden geïnvesteerd in een gezamenlijke benadering gericht op spelregels. De Duitse poging er snel nog een investeringsverdrag met China door te drukken, dat niet tegemoetkomt aan terechte zorgen over Oeigoerse dwangarbeid, is daarbij een slecht voorteken.

Tot slot: sommigen in de Biden-regering rekenen op herstel van onvoorwaardelijk ‘Amerikaanse leiderschap’. Dat oogt als misplaatste nostalgie. Gezien de ‘thuissituatie’ is nederigheid voor beide kanten een mooi uitgangspunt voor hernieuwde samenwerking.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Meer over