ColumnDanka Stuijver

Haar demente moeder stichtte afgelopen week al vijf maal brand – toch was er geen crisisbed

null Beeld

De dochter van een 89-jarige patiënte belt. Haar demente moeder, die met hulp van thuiszorg en mantelzorg zelfstandig woont, gaat de laatste maanden achteruit. Ze wordt opstandig en achterdochtig. Eergister werd zij in pyjama twee straten verderop gevonden. De afgelopen week stichtte ze vijf maal brand in de keuken. Ze kan niet meer alleen zijn.

De crisisdienst wordt gevraagd de patiënte te beoordelen en, aangezien het gaat om een onvrijwillige opname, een inbewaringstelling (IBS) aan te vragen. Maar de crisisdienst komt pas als de huisarts een crisisbed in een verpleeghuis heeft gevonden. De huisarts belt en belt. Ze voelt zich machteloos en moedeloos worden. De zorgverzekeraar zoekt mee. Van Groningen tot Zeeland, van Den Helder tot Maastricht: geen bed. De dochter vraagt vertwijfeld: ‘Maar dit… kan toch niet?’ Noodgedwongen meldt zij zich af op werk om 24/7 bij haar moeder te blijven. Maar voor hoelang?

Tweederde van de 90-plussers woont nog zelfstandig. Dat noemen we stimuleren van zelfredzaamheid en zelfstandigheid, maar met 70 duizend mensen op de wachtlijst voor een verpleeghuis en onvoldoende nieuwe woonvormen hebben zij geen andere keus. Steeds vaker komt het thuis wonen neer op kwetsbare ouderen die balanceren op een slap koord bij windkracht 10. Dat is wachten tot de bom valt. Of de patiënt. En dan moet er acuut iets gebeuren. Maar wat? In sommige regio’s zijn alle zes thuiszorgorganisaties overbelast en is het zoeken naar een bed in een instelling als het zoeken naar een speld in een hooiberg.

Tijdens deze pandemie bewegen we hemel en aarde om onze kwetsbare ouderen te behoeden voor ziekte en dood. Maar met welk perspectief? Zodat ze straks eenzaam en alleen kunnen sterven op de laminaatvloer van hun keuken terwijl ze tevergeefs om de hulp roepen die niet beschikbaar is?

Over tien jaar zijn er 2 miljoen 75-plussers tegenover een beroepsbevolking van 10 miljoen. Het personeelstekort is tegen die tijd zo nijpend dat zowel zorg thuis als in een verpleeghuis schaars is. Het aantal mantelzorgers zal toenemen. Parttimeprinsjes en -prinsesjes die met de bijkomende rol van mantelzorger meer dan fulltime werken.

Hoewel er vanuit de politiek investeringen zijn gedaan in de ouderenzorg, voelt het als het verstevigen van langdurig verwaarloosde dijken. Het water loopt ons over de schoenen en met een paar extra zandzakken gaan we het niet redden. Welke andere mogelijkheden zijn er?

Digitaliseringsprojecten moeten de ruimte krijgen, maar in de ouderenzorg blijven ‘handen aan het bed’ nodig. Steeds meer ondernemers beginnen bedrijven die zorgvuldig gescreende ‘zorgnanny's’ leveren. Vaak afkomstig uit Oost-Europa. Gezien de kosten niet voor iedereen weggelegd. Er zijn goedkopere opties: een dienstplicht in de vorm van een zorgplicht. Elke 18-jarige een jaar betaald laten werken in de ouderenzorg. Goed voor wederzijds begrip en respect. Studenten in de zorgsector (artsen, verpleegkundigen, fysiotherapeuten et cetera) worden hiervan vrijgesteld mits zij een jaar ‘community service’ bieden (zoals gebruikelijk in Zuid-Afrika). Daarbij werken ze een jaar lang in een sector of regio waar de nood het hoogst is.

Betaal mensen in de WW of de bijstand om een paar uur per week ‘te zorgen’. Met de hoop dat ze zien hoe leuk het is en willen blijven werken in deze sector. Kijk ook naar immigranten. In opvangcentra zitten gezonde mensen jarenlang te wachten. Vaak afkomstig uit culturen waarin het zorgen voor ouderen en kwetsbaren onderdeel is van het dagelijks leven. Door op deze manier te participeren in de samenleving en het arbeidsproces, biedt hen dat tevens een vorm van inburgering. Inclusief een lesje Nederlands van eenzame ouderen met alle tijd van de wereld.

Aan bovengenoemde voorbeelden zitten haken en ogen. Natuurlijk krijgt niet iedereen de verantwoordelijkheid over medicijnverstrekking of de lichamelijke verzorging, maar bij veel taken kunnen ook ongeschoolde handen een handje helpen. Bijvoorbeeld bij het afbellen van een lijst verpleeghuizen op zoek naar een vrij bed.

Voor de demente vrouw werd na een week bellen en touwtrekken een bed gevonden. Op anderhalf uur rijden van haar dochter.

Ga tijdens het komende (virtuele) kerstdiner het gesprek aan: wie gaat er straks voor opa en oma zorgen? Anticipeer waar mogelijk. Want hoewel niemand het wil, vrees ik dat de komende jaren steeds vaker gaat gelden: Wie zich op de zorg verlaat, wordt verlaten.

Danka Stuijver is huisarts.

Meer over