gastcolumnNuri Kurnaz

Geroofd erfgoed moet onmiddellijk en onvoorwaardelijk terug naar Indonesië

Voorwerpen uit de Lombokschat. Beeld Imageselect/World History Archive
Voorwerpen uit de Lombokschat.Beeld Imageselect/World History Archive

Je hebt wel eens van die dingen die heel Nederlands ogen op het eerste gezicht, maar dat eigenlijk niet helemaal zijn. De kroket, tulpen of de Koninklijke familie bijvoorbeeld. Alsook het schoolvoorbeeld: koloniale collecties van Nederlandse musea. Wat moet er mee gebeuren? Gaat het om rechtmatig bezit van Nederland of moeten de objecten terug? Een samenwerkingsverband van tien universiteiten, musea en internationale partners gaat zich er over buigen.

Voorzichtig wordt in kaart gebracht welke objecten eerlijk zijn verworven en welke zich ten onrechte laten bewonderen in onze exposities. Wie zich afvraagt waarom er zo weinig culturele objecten zijn te vinden in Afrika komt al snel uit bij het koloniaal verleden. Iemand die geïnteresseerd is in kunstvoorwerpen uit Congo kan beter naar België reizen om ze te bestuderen. Daar heb je er immers meer dan in Congo zelf. President Macron wees in een staatsbezoek aan Burkina Faso in 2017 op deze scheve verhoudingen. Afrikaans erfgoed, stelde hij, mag zich niet alleen in particuliere collecties en Europese musea bevinden. Het moet een plaats krijgen in Parijs, maar ook in Dakar, Lagos, Cotonou.

Houding gekanteld

Bij ons gaat het debat voornamelijk over Indonesië. Daar is de leegroof mede dankzij het koloniaal bestuur in Batavia niet zodanig uit de hand gelopen als in Afrika. Dan nog heeft Indonesië tijdens de onafhankelijkheidsonderhandelingen in de jaren veertig al duidelijk gemaakt voorwerpen terug te willen. Destijds was daar amper draagvlak voor. Directeuren van musea bemoeilijkten de procedure eerder dan dat zij naar een compromis zochten. Inmiddels is die houding gekanteld. In de jaren zeventig zijn objecten zoals de Lombokschat al deels teruggegeven en men kijkt vanuit een ethischer oogpunt naar de kwestie. Het debat wordt verder aangewakkerd door Afrikaanse activisten en restituties van Frankrijk. Dat maakt vaart in de kwestie noodzakelijk. Met elk nieuw adviesrapport wordt de gewetensvraag dringender.

De onrechtmatig verkregen roofkunst moet onvoorwaardelijk terug. Althans, dat is het advies van de Adviescommissie Nationaal Beleidskader Koloniale Collectie. De beslissing van minister Van Engelshoven en het kabinet volgt later. Na allerlei onderzoeken en adviesrapporten gaat het allemaal nog steeds te traag. Nu wordt er vooral gepraat over restitutie zonder daadwerkelijke restitutie. Alvorens over te gaan tot actie, moet het allemaal nog heel goed uitgezocht worden is het bezwaar. Tussen verhandelde voorwerpen en bloedige oorlogsbuit zit natuurlijk nogal een verschil. Niemand suggereert om alles zomaar terug te geven. Daarbij onderkent elk adviesrapport het onderscheid tussen eerlijk verkregen objecten en onrechtmatig verkregen objecten. Het debat gaat over de onrechtmatig verkregen voorwerpen. Ondanks brede steun van musea is de teruggave daarvan nu dus nog steeds niet toegezegd door Nederland.

Morele verplichting

Daartoe heeft Nederland wel een morele verplichting. Aangezien Indonesië is beroofd van zijn cultureel erfgoed is de kunstroof simpelweg culturele plundering geweest. De vraag die nu rijst is of we de onrechtmatig verkregen(!) gevallen gaan teruggeven. Waarom laat dat antwoord überhaupt zo lang op zich wachten? Het is schandalig dat wij daar nog steeds over treuzelen. Uiteraard neemt herkomstonderzoek tijd in beslag en moet alles goed uitgevogeld worden. Het neemt niet weg dat onrechtmatig verkregen objecten bij vaststelling met het eerste de beste vliegtuig terug moeten naar land van herkomst. Huidig onderzoek kan evengoed onder die toezegging plaatsvinden.

Het argument hiertegen is dat Indonesië er niet om zou vragen. Wat voor bureaucratisch en ingewikkeld proces een dergelijk verzoek is wordt gemakshalve vergeten. Daarnaast zou Indonesië niet beschikken over een museale traditie om alles adequaat te conserveren. Dit getuigt nog steeds van een neokoloniale houding; Nederland besluit wanneer Indonesië bekwaam genoeg is om het onteigend erfgoed zelf te conserveren. Die neokoloniale insteek moeten we van af. De collecties moeten gedekoloniseerd worden en alle onrechtmatig verkregen objecten moeten onmiddellijk en onvoorwaardelijk terug.

Waarheen dan precies? Niet elk object zou toebehoren aan de Indonesische staat. Een individuele nazaat kan best rechtmatig eigenaar zijn. Waar alles terechtkomt en wie uiteindelijk eigenaar wordt is echter niet een dossier voor het ministerie in Nederland. Dat vraagstuk moet vergezeld met de objecten en kennis over de herkomst zo snel mogelijk worden overgedragen aan het ministerie in Indonesië. Dat heet onvoorwaardelijk teruggeven. Dat is erkenning.

Nuri Kurnaz is historicus. In december is hij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Nuri Kurnaz Beeld vk
Nuri KurnazBeeld vk
Meer over