OpinieBrieven

Geef studenten recht op colleges bekijken

De lezersbrieven van maandag 7 december.

Eerstejaarsstudenten tijdens een hoorcollege (voor de coronacrisis). Beeld  Raymond Rutting / de Volkskrant
Eerstejaarsstudenten tijdens een hoorcollege (voor de coronacrisis).Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Brief van de dag

Iedere zondagavond bingewatch ik drie colleges. Maandagochtend om tien uur worden ze namelijk verwijderd van de studieomgeving. Downloaden is verboden.

Faculteiten spelen tegenwoordig vader en moedertje ten opzichte van studenten. De gegeven verklaring: ‘Als we dit niet doen, dan kijken alle studenten pas op het einde van het semester de colleges.’ Wat een ongelooflijk dedain en wantrouwen volgt uit deze uitleg.

Ik kan heus zelf wel bepalen of ik een college op tijd terugkijk. Het is me ook gelukt om me in te schrijven voor een studie en om maandelijks collegegeld over te maken. En al zou ik de colleges pas op het einde van het semester bekijken, is dit nog mijn eigen verantwoordelijkheid. Als het gegeven onderwijs zo goed is, waar maak je je dan zorgen over?

Ik vermoed dat er een andere reden ten grondslag ligt: angst. Angst dat studenten niet de waarde van een college inzien. Angst om een plekje te krijgen tussen NLziet, NPOplus en Netflix. Angst om relevantie te verliezen. Angst op slechte resultaten bij tentamens.

Deze angst maakt de docenten blind voor wat er daadwerkelijk gebeurt. Massaal worden colleges van de webpage naar laptops gedownload. Er worden in appgroepen volledige college-reeksen verspreid. Studenten zijn creatief en houden niet van regels. Als de colleges gewoon bekijkbaar waren gebleven, was hier geen behoefte aan geweest.

Daarnaast voelen wij als studenten de angst van de docenten. Wij doen alsof een flutpraatje ongelooflijk interessant is, om te verbergen dat we zelf nog een paar weken achterlopen met onze leerstof. Wat een gekkigheid. Een wederzijds wantrouwen, ontstaan door eenzijdige angst.

De oplossing is vrij eenvoudig. Het zou verboden moeten worden. Geef studenten het recht om een heel semester lang naar eigen inzicht de colleges te bekijken. Docenten zijn iets heel simpels vergeten: wij hebben al ouders. Er is geen behoefte aan nog een setje, dat erop toeziet of alles gaat zoals het zou moeten gaan. Laat ons met rust en geef ons waar we recht op hebben: colleges.

Sjoerd Bakker, Nijmegen

Pisnicht

Een interview met Youp van ‘t Hek kan blijkbaar niet geschreven worden zonder dat de pisnicht ten tonele verschijnt. Youps mening hierover mag algemeen bekend zijn, maar toch gaat het alinea’s lang over dit onderwerp. Niemand zal Youp van mening doen veranderen.

In dezelfde krant trof ik het artikel ‘waarom we het zo moeilijk vinden om met kankerpatiënten te praten’. Daarin staat de prachtige zin: ‘Het leven is een rare bokswedstrijd, niet degene die de klap uitdeelt bepaalt hoe hard die is, maar degene die de klap ontvangt.’ Dus Youp kan wel vinden dat iedere homo zich het moet laten welgevallen om voor pisnicht uitgescholden te worden, sterker nog, hij moet er gewoon om kunnen lachen, indachtig de kop van het artikel. Maar Youp gaat daar dus helemaal niet over. Hij geeft wel de klap maar bepaald niet hoe hard die aankomt. Daar gaat de pisnicht zelf over.

Frans Leliveld, Amsterdam

Youp

Waarom zouden we om homo’s moeten lachen? Ik lach toch ook niet om Youp van ‘t Hek?

Richard Bakker, Rotterdam

Voorlinden

Interessant artikel over de tentoonstelling van Joop van Caldenborgh in zijn museum Voorlinden (V, 4/12) waarin tot twee keer toe gewag wordt gemaakt van een ‘pre-Colombiaans kleedje’. Het blijft lastig. Hoe vaak wordt niet Columbia geschreven (en gezegd) als het land Colombia wordt bedoeld? De datering van het kleedje heeft slechts via een omweg iets met het land Colombia te maken. Het kleedje stamt namelijk uit de tijd voordat Columbus voet zette op het continent. Het wordt daarom pre-Columbiaans genoemd. Het land Colombia is natuurlijk vernoemd naar Columbus. Dat dan weer wel.

Han Roffelsen, Valkenburg

Forum

76 procent van de 37.000 leden van Forum voor Democratie hebben gestemd voor het aanhouden van Thierry Baudet als partijleider. Nu weten we in ieder geval dat 28.120 leden geen moeite hebben met zijn antisemitische en homofobe uitspraken. Na de verkiezingen weten we hoeveel Nederlandse stemmers zich hier niet aan storen. Misschien is er een journalist die kan uitzoeken hoe dit zich verhoudt tot de NSDAP in de jaren dertig. Ik hoop dat we op tijd een manier vinden om dit de kop in te drukken.

Anneke Overbosch, Ulicoten

Excuses

Sinterklaas is op weg naar huis, met een ongetwijfeld opgelucht gemoed. In het Sinterklaasjournaal heeft hij immers zijn excuses aangeboden voor het feit dat hij jarenlang kinderen in de zak liet stoppen voor straftransport naar Spanje.

Al veel eerder, bij zijn televisie-aankomst in Harlingen in 1966, gaf hij zijn zak de zak door deze in zee te werpen. Sinterklaasfan Godfried Bomans zag het met genoegen gebeuren. Hij vond de revolutionaire actie van de Sint een ‘barometer van het religieuze klimaat’, dat minder guur begon te worden.

In een andere context sneed hij het probleem aan van het vonnissen van het verleden met normen van het heden. ‘Het heden oordeelt altijd onrechtvaardig over het verleden, omdat het op die golflengte niet meer is afgestemd. De mensen van toen waren dit wel. Het vreemde geruis dat wij nú op die frequentie vernemen, projecteren wij op hún toestellen en daar zit een grote onbillijkheid in.’

Of het heden altijd onrechtvaardig oordeelt over het verleden is de vraag – ‘vaak’ is wellicht een beter woord. Maar toch. Bomans schreef dit in de Volkskrant in 1966. Niet alles uit het verleden is achterhaald of verwerpelijk.

Gé Vaartjes, Boskoop