ColumnPeter Buwalda

Gedreven door waarheid en rechtvaardigheid zijn misdaadjournalisten de laatste helden

null Beeld
Peter Buwalda

Verdomme, ik was vergeten dat ik een column moest schrijven, ik dacht urenlang dat het maandag was, ik had een heel sterk maandaggevoel, bijna niet van af te komen, misschien hou ik er halverwege weer mee op, omdat ik tegen mezelf roep: ‘Wat doe je, gek, het is helemaal geen donderdag, het is máándag. Moehaha’ – en dat allemaal omdat we gisteren via uitzendinggemist Zomergasten hebben gekeken.

Geweldige show, vind ik. Beste programma ooit. Belangrijkste ook. Een instituut. Bijna eng wie er allemaal geweest zijn. Mulisch, Viktor, Rolf, enzovoort. Alleen de top van de top. Hele dikke spoeling, een soort gouwe snert van ingekookte parels.

Ik kijk altijd. Ik heb de afgelopen zestig jaar maar één keer niet gekeken, een zondagavond waarop ik onmogelijk thuis op de bank kon zitten, in ontologische zin, bedoel ik, en dat was toen ik zelf…

Burp.

Maar niet getreurd, gisteren was er een andere zomergast, ook wel eens interessant natuurlijk, ik kijk eigenlijk zelden, en dat was John van den Heuvel, de befaamde misdaadjournalist die onder permanente politiebewaking staat.

Boeiende avond. Maar kort. Ik vond het snel voorbij gaan, zozeer hing ik aan die man z’n lippen. Ik blijk een zwak te hebben voor misdaadjournalisten. Ik was al een bewonderaar van Peter R. de Vries, aan wie ik ooit een fancolumn wijdde. En nu overkwam me hetzelfde bij Van den Heuvel. We waren een uurtje onderweg, en ik zeg tegen Jet: op deze man zou ik stemmen. Ik schrok ervan, wat nu, ik voel nooit die aanvechting, waarin natuurlijk een deel van het antwoord school: hedendaagse politici zijn óf professionals die al sinds hun 18de flyeren en partijcongressen bezoeken, óf het zijn populistische buitenstaanders die van Nederland een fascistische staat willen maken.

Van den Heuvel is anders. Om te beginnen wil hij helemaal geen politicus worden, wat hem onverdacht maakt. Voorts is hij dapper, om het zacht uit te drukken. Ik zit erover na te denken, maar eigenlijk zijn misdaadjournalisten de laatste helden. Types als John en Peter verrichten levensgevaarlijk recherchewerk zonder wapen, laat staan een compleet politiekorps. Toch zijn ze niet roekeloos, anders leefden ze niet meer. (Vroeger was Van den Heuvel agent, maar dat was niet gevaarlijk genoeg. Toen werd hij ME’er, ook te veilig. Toen werd hij infiltrant bij drugsdeals, maar ja, dan ligt er een arrestatieteam in de bosjes. Dus werd hij misdaadjournalist.)

Wat drijft hem, dacht ik steeds. Geen (wacht)geld, in elk geval. Spanning? Misschien, al kreeg ik de stellige indruk dat John een rothekel aan criminaliteit heeft. Leuke mensen dus ook niet. Ik kwam toch uit op waarheid en rechtvaardigheid.

Wat me ook opviel, was dat Van den Heuvel niet stoer deed. Hij is bijvoorbeeld tegen drugs, een onpopulair standpunt, omdat hij talloze drugsdoden heeft gezien en de business van binnenuit kent. Vind ik wat anders dan Buma die met zijn vingertje zwaait. Ondertussen checkte hij tijdens de uitzending elf keer zijn telefoon. Ik denk niet dat premier John door de Kamer moet worden teruggeroepen van vakantie.

Hij heeft ook een klein hartje. Over een geadopteerd Chinees meisje uit Spoorloos, wier Nederlands adoptieouders brieven en cadeautjes van haar Chinese ouders verstopten, sprak hij ontzettend lief. Die John toch, dacht ik.

Ik zou hem zo op Trump en Poetin afsturen.

Meer over