Column

Export van het Chinese model

Er is een historische strijd gaande tussen het ontwikkelingsmodel van China en dat van de VS en andere westerse landen. De uitkomst ervan zal het lot van een groot deel van Eurazië langdurig bepalen. De groei in China is afgenomen van 10 tot 7 procent. Chinese leiders proberen in antwoord hierop de overgang van een export-georiënteerde groei naar groei gebaseerd op binnenlandse consumptie en diensten te versnellen.

Francis Fukuyama en senior fellow aan Stanford University
Een containerschip in de Ningbo Zhoushan haven, Zhejiang provincie, China. Beeld reuters
Een containerschip in de Ningbo Zhoushan haven, Zhejiang provincie, China.Beeld reuters

Maar de Chinese plannen hebben ook een grote externe dimensie. In 2013 kondigde president Xi Jinping het 'Eén Gordel, Eén Weg'-initiatief aan dat de economische kern van Eurazië grondig moet veranderen. De Eén Gordel-component bestaat uit treinverbindingen van het westen van China door Centraal-Azië naar Europa, het Midden-Oosten en Zuid-Azië. De Eén Weg-component bestaat uit havens en faciliteiten om het oceaanverkeer vanuit Oost-Azië te vergroten en deze landen aan de Éne Gordel te verbinden, wat ze een manier biedt om hun goederen over het land te vervoeren, in plaats van over twee oceanen zoals ze momenteel doen.

De door China geleide Aziatische Infrastructuur Investeringsbank (AIIB), waar de VS eerder dit jaar aan weigerden mee te doen, is gedeeltelijk ontworpen om Eén Gordel, Eén Weg te financieren. Maar de investeringsbenodigdheden van dit project zullen de middelen van de voorgestelde nieuwe institutie in de schaduw stellen.

Eén Gordel, Eén Weg symboliseert een opmerkelijke wending: voor het eerst wil China zijn ontwikkelingsmodel naar andere landen exporteren. Chinese bedrijven waren al zeer actief geworden in Latijns-Amerika en Afrika, waar ze investeerden in grondstoffen en de infrastructuur om deze naar China te verschepen. Maar het nieuwe doel is anders: industriële capaciteit en consumentenvraag ontwikkelen in landen buiten China. China wil zijn zware industrie naar minder ontwikkelde landen overbrengen, wat ze rijker zal maken en de vraag naar Chinese goederen zal aanwakkeren.

Amerikaanse economen verwerpen deze 'bouw-het-en-ze-zullen-komen'-benadering, vanwege zorgen over corruptie en voorkennis wanneer de staat zo diep betrokken is. De afgelopen jaren heeft de westerse ontwikkelingsstrategie zich gericht op grote investeringen in de zorg, vrouwenrechten, steun voor het maatschappelijke middenveld, en maatregelen tegen corruptie.

Hoe prijzenswaardig deze doelen ook zijn, er is nog nooit een land rijk van geworden. Volksgezondheid is een belangrijke vereiste voor groei, maar als een kliniek niet over elektriciteit of schoon water beschikt en er geen goede weg heen leidt, zal deze weinig kunnen presteren. De Chinese op infrastructuur gebaseerde strategie heeft in China zelf goed gewerkt, en is een belangrijk onderdeel geweest van de strategieën van andere Oost-Aziatische landen.

De grote vraag voor de toekomst van de wereldpolitiek is helder: wiens model zal winnen? Als Eén Gordel, Eén Weg aan de verwachtingen van de Chinese beleidsmakers zal voldoen, zal heel Eurazië, van Indonesië tot Polen, de komende generatie getransformeerd worden. Het Chinese model zal bloeien buiten China, wat de inkomens daar zal verhogen en daarmee de vraag naar Chinese producten. Ook vervuilende industrieën zullen worden verscheept naar andere delen van de wereld. In plaats van de periferie van de wereldeconomie te zijn, zal Centraal-Azië het centrum vormen. En de Chinese vorm van autoritair bestuur zal immens prestige verwerven, wat een groot negatief effect op de democratie wereldwijd impliceert.

Maar er zijn goede redenen om je af te vragen of Eén Gordel, Eén Weg zal slagen. Door infrastructuur geleide groei heeft in China goed gewerkt omdat de Chinese regering de politieke omgeving kon beïnvloeden. Dit zal in het buitenland niet het geval zijn, waardoor instabiliteit, conflict, en corruptie de Chinese plannen kunnen verstoren.

Toch kunnen westerse landen niet rustig afwachten tot China faalt. De strategie van grote infrastructuurontwikkeling is nog steeds cruciaal voor de mondiale groei. De VS hadden de AIIB mede moeten oprichten; zij hadden China zo kunnen vergezellen en beïnvloeden om mee te werken aan internationale milieu-, veiligheids- en arbeidsstandaarden.

Westerse landen moeten zich afvragen wat er zo moeilijk is geworden aan het bouwen van infrastructuur, in ontwikkelingslanden én aan het thuisfront. Anders riskeren ze de toekomst van Eurazië uit handen te geven aan China en zijn ontwikkelingsmodel.

Vertaling Melle Trap © Proj. Syndicate

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over