Er zijn veel mensen die je maar beter geen broekzak-smsje kunt sturen

Zonder te weten had ik een bericht gestuurd: 'Uh uh uhu uh uh uh uhu uh uhu uh uh.'

Peter Buwalda
null Beeld Thinkstock / Devenorr
Beeld Thinkstock / Devenorr

Een handige tool op mijn hondstrouwe Alcatel OneTouch stupidphone van 15 euro was de klep. Na het bellen duwde je de machine - 'clacque' - dicht als een brandkast van de firma Lips. No way dat je er per ongeluk mee belde of sms'te. Maar tegenwoordig heb ik een smartphone, en daarmee kan alles.

Van de week viste ik het ding uit mijn broekzak om te sms'en, en wat zag ik, zonder het te weten hád ik al een bericht verstuurd, namelijk: 'Uh uh uhu uh uh uh uhu uh uhu uh uh.'

Smart, zeg. Bravo. Er zijn er voor minder op staande voet ontslagen. De bedenkelijke mededeling was er om half één 's nachts volstrekt at random uitgegaan, zag ik, aan een lukraak iemand ergens halverwege mijn berichtenlijst.

Het betrof mijn provider, T-Mobile, van wie ik in Kut op Vis (Kroatië) een vriendelijke welkomstboodschap had ontvangen. En nu, ruim twee weken later pas, antwoordde ik: 'Uh uh uhu uh uh uh uhu uh uhu uh uh.'

Lullig. T-Mobile zal wel denken.

Afijn, besloot ik, had erger gekund. Een stuk erger, zelfs. Uiteraard dacht ik terug aan de Teek, wiens e-mailtje ik, toen ik nog bij UT-Nieuws werkte, per ongeluk retourneerde. De bedoeling was: doorsturen aan B. Groenman, mijn ouwe chef. Wij waren van de krant, en de Teek werkte, samen met de Pelikaan, zogezegd een duo, voor Voorlichting, onze natuurlijke vijand. De Pelikaan dankte zijn bijnaam aan zijn verzameling onderkinnen, bij de Teek, een klein mannetje met een fraaie stropdas van de universiteit, lagen de zaken diepzinniger: je kwam namelijk niet meer van hem af als hij eenmaal tegen je begon aan te ouwehoeren.

Maar goed, ik had dus een mail van de Teek ontvangen en die probeerde ik door te zetten aan B. Groenman, met als onderwerp: TEEKMAIL, en erin: 'Bert? Heb jij een pincet?' Maar ik stuurde hem dus terug.

Is nooit meer goed gekomen.

Misschien juist vanwege dit schrikbeeld, of gewoon voor de sport, begon ik te bedenken aan wie ik 'Uh uh uhu uh uh uh uhu uh uhu uh uh' zéker niet had willen sturen.

Eens even kijken, keuze te over. De koper van mijn huis in Haarlem, ja, dat was wel een bijzonder onwenselijke. De koop verliep vooralsnog niet heel vlotjes; allerlei bureaucratische rompslomp, gedoe, verborgen gebreken, uitstel van passeerdata. Ze twijfelde inmiddels. Kwam ik aan, om half één 's nachts: 'Uh uh uhu uh uh uh uhu uh uhu uh uh.'

Ook een fijne: mijn Tsjechische vertaler. Ik had al eens een lullig stukje over haar vertaling geschreven, waarin ik haar 'oma' noemde, en schreef dat ze een snor had. Twee jaar later, uit het niks, 'ping', Peter Buwalda met zijn, euh... tja, wat waren het eigenlijk? Uh uh uhu uh uh uh uhu uh uhu uh uh?

Neukgeluiden.

Ja, als je het zo bekeek, wat ook helemáál niet goed zou zijn: Eus, mijn buurman, die veteraan is, en die om half één net lekker onder de klamboe ligt. Of Janine Jansen, de violist, die ik inzake research graag eens wil interviewen, d'r nummer heb ik al, nu nog moed verzamelen.

Meer over