VerslaggeverscolumnToine Heijmans in Olst

Een boer spuit gif naast een ecologische woonwijk, en wat er daarna gebeurde zal je verbazen

. Beeld .
.Beeld .

De meest ecologische woonwijk van het land, alles erop en eraan, ligt pal naast een akker waar de loonwerker z’n chemicaliën spuit. Dat werd ruzie uiteraard, maar interessanter is wat er daarna gebeurde.

We zitten rond de tafel in het aardehuis van Estella Franssen en Fransjan de Waard, gebouwd uit grond en autobanden volgens de earthship-methode, afgewerkt met leem, stro en hout: zelfvoorzienend, laag in de uitstoot en gasloos. Ze leven er sociocratisch met hun buren in de Aardewijk: bewuste mensen.

Luc Gubbels is de loonwerker die het akkerland beheert voor varkensboer Jan Stegeman. Het is gangbaar terrein, dit jaar komt er maïs. De tijd van zwaar landbouwgif is voorbij, zegt hij maar onkruidverdelgers zijn nog steeds noodzakelijk, ook glyfosaat, ‘zo werkt het systeem’.

Luc, Estella en Fransjan. Beeld Toine Heijmans
Luc, Estella en Fransjan.Beeld Toine Heijmans

De ruzie begon toen de smalle bufferstrook tussen wijk en akker verdween, en de ecologische bewoners schrokken van de gifspuit die tot de aardehuizen reikte. Gebeten formuleerden ze hun klachten, schreven mails, ‘er werd van alles op Twitter gegooid’, zegt Luc, ‘dat was niet leuk’.

Estella: ‘Toen werd het wat ongemakkelijk allemaal.’

Ook Fransjan stuurde ‘uit frustratie’ een tweet die hij meteen berouwde, ‘ik heb ‘m een dag later weggehaald’, maar de toon was gezet. De ecologische wijkbewoners haalden de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit erbij, op advies van de gemeente, ‘wel begrijpelijk’, zegt Luc, ‘maar je moet niet over keelpijn en hoofdpijn beginnen want dat effect hebben de moderne middelen niet. Dat overdrijven… het maakte me boos. Ik voelde me in principe aangevallen.’

Estella: ‘Heel vervelend, Luc. Maar het is wel echt de ervaring hier.’

Fransjan: ‘Er was gespoten, ik ben tegen gif en uitte mijn frustratie; ik had me niet bedacht dat dit ook bij Luc terecht zou komen. De toon moet anders, besloot ik toen, en dat begint bij mezelf.’

Maar de akker lag er nog, en daar zou opnieuw gespoten worden. Het idee om een stuk land uit te ruilen stuitte op een onwillige gemeente, deels eigenaar en niet van plan z’n ‘strategische grondpositie’ te offeren aan een burenruzie.

Dus verzon Luc een list.

Hij stelde een spuitvrije zone voor, vijftig meter breed, als schokbreker tussen ecodorp en akkerland. Misschien wilden de bewoners dat voor hem gifloos onderhouden? Nou graag: Aardewijk huurde een biologische akkerbouwer in, Herman Menkveld, die het land met vier werkgangen onkruidvrij zal houden. Omdat hij niet tussen de planten in kan komen, zullen de dorpelingen vervolgens zelf het kleine spul wegplukken uit de opgekomen maïs.

Mocht de onbespoten oogst tegenvallen, dan betalen de idealisten de loonwerker het verschil terug.

Mooi, want dan kun jij meteen zien of biologisch boeren werkt, zeg ik tegen Luc, die me onmiddellijk corrigeert: hij weet exáct hoe biologisch boeren werkt. In het loonbedrijf van zijn vader deden ze veel voor Natuurmonumenten, dat is niet het probleem. Het probleem is het systeem.

En Luc vertelt weer eens hoe het gekomen is dat Nederlandse boeren zo veel en goedkoop moeten produceren, in gang gehouden door ‘de grote lobbypartijen’ die je nooit ziet of hoort in dit soort discussies: banken, chemiereuzen, veevoergiganten, ‘die zijn zó machtig’. En ja, de mensen willen biologisch eten maar alleen voor dezelfde lage prijs.

Wat je hier ziet, op zijn akker, is daar de weerslag van. ‘We zitten met de kostprijs en hup, een middel spuiten is goedkoper. En je moet ook niet te idealistisch zijn met gif - als je er nu wereldwijd mee stopt, gaan er mensen dood van de honger.’

Fransjan knikt: ‘Dat wij kosten moeten maken om gifvrij te wonen ligt aan het systeem, niet aan de boer.’

Of hun deal werkt moet blijken – volgend seizoen komen aardappelen op het land en die kunnen minder gemakkelijk zonder middelen. Ze hopen alsnog dat de gemeente meewerkt aan een duurzame oplossing.

De grote raampartij van het ecohuis geeft vol zicht op de akker, die er nu stukken vriendelijker bij ligt dan een halfjaar geleden. Bijna zaaiklaar, de mest ligt erop. Luc gaat het zaaien en spuiten zelf doen, zodat hij persoonlijk rekening kan houden met de gevoeligheden, ‘het is een gebaar naar de bewoners’.

‘Een mooi gebaar’, zegt Fransjan.

‘Al dat zeer en die emoties’, zegt Estella, ‘je bent er echt overheen gestapt’.

Luc zegt: ‘Ruziemaken levert enkel verliezers op.’

Meer over