InterviewJonathan Holslag

‘De Russische macht hebben wij zelf gecreëerd’

Jonathan Holslag Beeld Aurélie Geurts
Jonathan HolslagBeeld Aurélie Geurts

Het Westen heeft zijn geopolitieke tegenstanders groot gemaakt, schrijft hoogleraar Jonathan Holslag in zijn boek Van muur tot muur. Dus wat er ook aan de Oekraïense grens gebeurt, feit blijft: Europa kan niet zonder Russisch gas. Tijd om dus korte metten te maken met ‘doen-alsofpolitiek’.

Peter Giesen

‘Wij hebben Rusland sterk gemaakt. Rusland verdient ongeveer 100 miljard euro per jaar aan de uitvoer van energie naar Europa. De Russische macht hebben wij zelf gecreëerd’, zegt Jonathan Holslag (40), hoogleraar internationale politiek aan de Vrije Universiteit Brussel en voormalig speciaal adviseur van eurocommissaris Frans Timmermans.

De kwetsbaarheid van Europa is deze weken voelbaar, nu Vladimir Poetin honderdduizend militairen heeft samengetrokken aan de grens met Oekraïne. Tijdens de coronapandemie kwam onze afhankelijkheid van China aan het licht: toen de aanvoerlijnen stokten, bleken we nog maar weinig zelf te produceren.

Het Westen heeft zijn geopolitieke tegenstanders groot gemaakt, schrijft Holslag in zijn vorig jaar verschenen boek Van muur tot muur. Na de val van de Berlijnse Muur in 1989 bevond het Westen zich op het toppunt van zijn macht, maar het verwaarloosde zijn geopolitieke belangen door een fixatie op geld en kortetermijnwinst. Europa maakte zich afhankelijk van Russisch gas. Zowel Europa als Amerika verzuimden hun industrie te innoveren en verduurzamen. Liever lieten ze producten zo goedkoop mogelijk produceren in China, zonder zich al te veel te bekommeren om milieu, mensenrechten en arbeidsomstandigheden.

Door zijn opportunisme maakte het Westen zijn rivalen rijk, schrijft Holslag: ‘Een van de belangrijkste wapenfeiten van drie decennia liberalisme is dat het autoritarisme erdoor is versterkt.’

Ondertussen werd het mondiale Zuiden verwaarloosd, vooral Afrika, waardoor Europa wordt geconfronteerd met groeiende migratiestromen. In het Westen zelf nam de sociale cohesie af; de sociale ongelijkheid werd groter en in de cultus van geld en succes voelen de verliezers zich miskend. Op alle fronten betaalt het Westen de prijs van zijn ‘roekeloze consumentisme’, zoals Holslag het noemt. Ruim dertig jaar na de val van de Muur zijn we rijk, maar bang. Overal verrijzen nieuwe muren om de buitenwereld tegen te houden, van de Verenigde Staten tot Griekenland.

In een bijtende analyse aanschouwt Holslag de wereld als een panorama van bedreigingen. ‘Ik vond het moeilijk dit boek te schrijven’, zegt hij, in restaurant Eerste Klas in station Amsterdam Centraal. ‘Je houdt het Westen een spiegel voor, maar je maakt zelf ook deel uit van de westerse samenleving. Als je dan die meedogenloze balans moet opmaken, dat is niet prettig.’

De crisis in Oekraïne confronteert ons met onze onmacht. Wat kunnen we doen als Rusland aanvalt?

‘Het Westen zal financiële sancties treffen, de Russen zullen uit het internationale betalingssysteem Swift gezet worden, en er zullen techembargo’s worden getroffen. Een aantal Russische bedrijven gaat heel hard afzien, de Russische economie zal flink worden getroffen. Feit blijft: Europa kan niet zonder Russisch gas. De import van Russisch gas zal misschien minder worden, maar het verdienmodel voor Poetin zal worden behouden.

‘Het gevolg daarvan is een groeiende kloof tussen West- en Oost-Europa. De Oost-Europeanen zullen zich afvragen waarom we niet verder gaan met sancties en militaire maatregelen. Ook tussen de Verenigde Staten en Europa zal het wantrouwen toenemen. In dat opzicht heeft Poetin zijn buit al binnen: het Westen is verzwakt.’

Is Europa nu wakker geworden? Je ziet de geesten wel veranderen. In Brussel praat iedereen over ‘strategische autonomie’, die Europa minder afhankelijk van anderen moet maken.

‘Waar ik me zorgen over maak, als ik me af en toe in de debatten in de Brusselse bubbel meng, is dat de uitdagingen wel worden erkend, maar dat het antwoord vaak heel beperkt is, als gevolg van een gebrek aan consensus. Het is één ding om de problemen te erkennen, het is iets anders om ernaar te handelen als je de repercussies ervan moet dragen.

‘We spreken al sinds ik in Brussel rondloop over een realistischere energiestrategie. Desalniettemin zijn we, ondanks heel veel waarschuwingen, doorgegaan met het vergroten van onze afhankelijkheid van geopolitieke concurrenten als Rusland. Zelfs nu we met de neus op de feiten worden gedrukt, zie je een aantal landen talmen. Duitsland wil nog steeds niet zeggen dat het werkelijk gedaan is met de gaspijplijn Nord Stream als er iets in Oekraïne gebeurt.’

U pakt ons wel hard aan. Europa bestaat nog altijd uit succesvolle landen waar het goed leven is.

‘Daar ben ik het helemaal mee eens. Ik denk dat we ons in de mooist mogelijke regio bevinden. Dat is ook de reden dat ik hier nog ben, ik heb kansen genoeg gehad om in Amerika of Azië te werken. Maar ik houd van Europa. Kijk alleen naar deze prachtige bistro waar we nu zitten. Ik ben verknocht aan het Europees project, aan de Euro-Atlantische waarden. Maar je kunt niet ontkennen dat het project sterk onder druk staat. Ik citeer regelmatig Livius: in tijden van voorspoed is het heel moeilijk om die stap terug te zetten en je af te vragen hoe solide die voorspoed is.’

We moeten minder aan geld denken en meer aan onze belangen.

‘Ik ben heel erg voor de vrije markt, maar zoals Adam Smith schreef in The Theory of Moral Sentiments: die markt moet wel functioneren vanuit een zekere moraal. Als wij willen dat Europa zo’n mooie plek blijft als nu, dan moet die markt een stukje van onze waarden en idealen weerspiegelen. De manier waarop je geld verdient, moet bijdragen aan een betere, sterkere en menswaardiger samenleving. Dat hebben we de voorbije dertig jaar heel erg nagelaten.

Jonathan Holslag Beeld Aurélie Geurts
Jonathan HolslagBeeld Aurélie Geurts

In Van muur tot muur deinst Holslag niet terug voor moralisme. Het Westen zit in een ‘decadentieval’, schrijft hij: ‘Het heeft zich gespecialiseerd in consumptie, in juristen, in restaurants en winkels, heeft onvoldoende geïnvesteerd in productiviteit en de schulden laten oplopen.’

Is er een uitweg? Hoe moet het Westen zijn positie in de wereld versterken? Er zijn geen gemakkelijke oplossingen, zegt Holslag: ‘De maakbaarheid van de samenleving is redelijk beperkt, die van de wereldpolitiek nog veel beperkter.’ Europa moet zijn defensie versterken en zijn afhankelijkheid van Russisch gas verminderen door ‘een slim netwerk van zon in het Zuiden, wind in het Noorden en kerncentrales’, zegt Holslag.

Met Rusland en China kan worden samengewerkt, maar minder opportunistisch en kortzichtig dan de afgelopen dertig jaar is gebeurd, zegt Holslag: ‘Dan accepteer je dat zulke landen niet van vandaag op morgen veranderen. Maar je kijkt wel: zetten ze stapjes in de juiste richting? En vooral: is de samenwerking evenwichtig? Halen we er allebei evenveel uit, ook op de lange termijn? Hoe beïnvloedt de samenwerking de machtsbalans?’

De beste verdediging tegen machtige concurrenten als China is de versterking van de eigen samenleving, stelt hij. Investeren in innovatie en productie, in een ‘economie van waardigheid’ die duurzaam is, die kennis en hoogwaardige productie in het Westen houdt, burgers goede banen biedt en de sociale cohesie bevordert.

Met de Green Deal probeert de Europese Unie zo’n duurzame, hoogwaardige economie tot stand te brengen. Aan de grens moet een koolstofheffing komen, waardoor minder duurzame import uit China en andere landen duurder wordt, om te voorkomen dat schonere Europese producenten worden weggeconcurreerd door goedkope, meer vervuilende import. De heffing geldt voor een aantal sectoren, zoals voor de staal-, aluminium- en kunstmestsector.

‘Daarmee bestrijkt die koolstofheffing slechts 4 procent van de Chinese invoer’, aldus Holslag. ‘Opnieuw zie je: we weten dat er een probleem is, we geven aan dat we ernaar zullen handelen, maar je ziet dat we niet door de zure appel heen willen bijten en geen offer willen brengen om dingen te corrigeren. En dat offer gaat groot zijn, of het nu gaat om Russische energie of Chinese import.

‘We hebben te veel ‘doen-alsofpolitiek’, waarin we doen alsof we aan het hervormen zijn, terwijl we alleen de symptomen bestrijden. Daar heb ik veel problemen mee. Ofwel je bent schunnig en zegt: het kan me geen zak schelen, ofwel je bent ernstig.’

Je kunt vinden dat de Green Deal niet ver genoeg gaat, maar een politicus als Frans Timmermans probeert Europa toch de goede kant op te sturen?

‘Ik heb als speciaal adviseur gewerkt voor Frans. Ik heb veel respect voor hem. Ik ben ook een groot voorstander van een Green Deal. Maar ik heb gezegd: de koolstofheffing aan de grens in deze vorm krijg ik niet verdedigd. Ik kan niet met mezelf in het reine komen als ik iets moet verdedigen dat niet werkt.

‘Hoe komt het dat de investeringen in de maakindustrie nauwelijks toenemen, hoewel we een gouden moment van goedkoop geld beleven? Omdat het toch goedkoper is om het in China te laten maken, waar je niet aan de milieuregels hoeft te voldoen, en het via Rotterdam of Antwerpen in te voeren. Ik vrees dat de Green Deal in belangrijke mate een slogan blijft zolang we niet tot een koppeling met de buitenlandse handel komen. We hebben de neiging om ons een beetje weg te stoppen achter slogans en ronkende verklaringen.’

Zonder goedkope import zal de koopkracht enorm dalen. In de jaren tachtig kostte een tv-toestel een maandsalaris.

‘We weten al twintig jaar dat de handel met China onevenwichtig is. Dat de Chinezen met hun staatskapitalisme allerlei onprettige dingen doen met het geld dat ze aan ons verdienen, dat ze een model overeind houden dat helemaal het onze niet is.

‘Maar het is heel moeilijk om die omslag te maken. Stel dat je zegt: we gaan een koolstofheffing toepassen op al onze invoer. Dus alle spulletjes die nu via Ali Express, Amazon en Bol.com bij ons binnenkomen, daar gaat 15 procent bovenop. Dan heb je een revolutie.’

De gele hesjes kwamen in opstand vanwege een verhoging van de accijns op diesel met 6,5 cent per liter.

‘Ik denk dat je alle kleuren van de regenboog aan hesjes zult zien. De transitie zal heel moeilijk zijn en het is belangrijk dat je de zwaksten helpt. Anderzijds dreigen we in een race to the bottom te geraken als we die kanteling niet maken. Als waardevolle activiteiten uit Europa verdwijnen, zullen de kwetsbaarsten ook geraakt worden. Niet vanwege de prijs van de spulletjes, maar vanwege een gebrek aan goede banen. Bovendien: als China zijn slag thuis haalt, tegen 2030 of 2040, zullen ze niet meer de behoefte voelen om onze spulletjes zo goedkoop mogelijk te produceren. Dan worden Chinese producten alsnog duurder.’

U schetst een somber beeld. Het is niet zo verwonderlijk dat sommige mensen zeggen: laat het Westen zich maar terugtrekken achter een muur.

‘Er is geen enkel rijk dat zich ooit staande heeft gehouden achter muren. Muren geven mensen een alibi om niks te doen. Extreem-rechts zegt: we maken een Fort Europa, en binnen dat fort blijven we lekker verder slapen. Dat is even nefast als dertig jaar neoliberaal beleid. De neoliberalen zeiden: consumeer maar op, en de markt zorgt dat het goed komt. Extreem-rechts zegt nu: consumeer maar op, en het fort zorgt wel dat het goed komt. Daarmee bestendigen ze de verzwakking van Europa.’

Meer over