ColumnAleid Truijens

De plaag van slechte, gretig aangehangen onderwijsideeën

null Beeld

Twee weken geleden was er in Den Haag een gezellig onderonsje, een ‘onderwijsontbijt’ met de woordvoerders onderwijs van de Tweede Kamer. De Kamerleden werden uitgenodigd door ‘profielorganisaties’ van het basis- en voortgezet onderwijs, zoals de Vereniging voor katholiek en christelijk onderwijs, de Vereniging voor openbare en algemeen toegankelijke scholen en de Vereniging van algemeen bijzondere scholen. De bijeenkomst was bedoeld om elkaar te ‘inspireren’ – uiteraard. De inspirators waren schoolbestuurders, leden van colleges van bestuur en een ‘opleidingsmanager’ van een pabo. Geen leraar ter inspiratie te bekennen.

De profielorganisaties brachten samen een ‘politiek manifest’ naar buiten, waarvan de kernzin luidt: ‘Geef ruimte aan scholen om vanuit diversiteit en eigenheid goed onderwijs te geven.’ Goh, verrassend. Bemoei je er niet mee. Laat alles maar aan ons ‘scholen’ (jargon voor schoolbestuurders) over, dan komt het goed.

Als er nu één beroepsgroep is die al decennialang alle ruimte heeft om zijn eigen gang te gaan, dan zijn het de schoolbestuurders. Meer dan in welk ander land ook. Grote bestuurlijke, inhoudelijke en financiële vrijheid, terwijl het ministerie van Onderwijs – ‘Wij gaan er niet over’ – toekijkt hoe de kwaliteit van het onderwijs aan onze kinderen gestaag keldert. Hoe ‘scholen’ falen.

Er wordt een nieuw kabinet geformeerd. In theorie een kritiek moment. Wie niet cynisch of ontgoocheld is, ziet hier een kans op verbetering, op een weg omhoog. Hebben de onderwijswoordvoerders niets beters te doen dan een bammetje eten met de voornaamste veroorzakers van de crisis in het onderwijs?

Er is genoeg zinnigs te lezen, op de valreep. Deze week verscheen online een belangrijke, scherpe analyse van de onderwijscrisis, door twee onderwijsonderzoekers, Jaap Scheerens en Paul Kirschner. Beiden zijn emeritus hoogleraar en lid van het Team Red het Onderwijs, dat een brug wil slaan tussen de wetenschap en de praktijk. Titel van hun stuk: Zwartboek over de Last van Slechte Ideeën voor het Funderende Onderwijs.

Ik vat de volgens hen slechte en gretig aangehangen ideeën in eigen woorden samen: het romantische geloof in onderwijsmethoden als gepersonaliseerd en ontdekkend leren; de aversie tegen kennis en kennisverwerving; het geklets over 21ste-eeuwse vaardigheden en soft skills, het leidend verklaren van wensen van leerlingen, en de lage verwachtingen en lage schooladviezen bij kinderen uit lage sociale milieus.

Laten die eerste vier nu net de favorieten zijn van veel schoolbestuurders en lerarenopleiders. Met als gevolg het laatste, verdrietig makende en beschamende punt. Onderwijsvernieuwing pakt zelden gunstig uit voor minder kansrijke kinderen. Onderwijs ‘verheft’ niet meer, maar kloont de ouders.

Er staat meer in dit indrukwekkende stuk, te veel om hier te noemen. De schrijvers hekelen terecht het gebrek aan ambitie om prestaties te verbeteren, de obsessie met het ‘maatwerkdiploma’, het oeverloze curriculum.nu, de ineffectieve lesinstructie, de ‘pedagogisering’ van het onderwijs en de ‘ontspoorde’ lerarenopleiding. Adviezen om uit het dal te komen hebben ze ook, waarvan de voornaamste is: focus op prestatieverbetering. Kinderen moeten meer leren.

Ook ‘veranderingen in de bestuurlijke verhoudingen’ is een actiepunt, het laatste. Het bungelt er een beetje bij. Ik denk dat het als oorzaak achter al het andere spookt. Zolang schoolbesturen autonoom zijn, komt er geen focus op kennis, prestaties en kwaliteit. Lesgeven blijft onaantrekkelijk. Universitair geschoolde leraren, die kritisch zijn en evidence based willen lesgeven, verdwijnen. We houden het geloof in modieuze kletspraat en de onderwijskansen voor kinderen blijven milieugebonden.

Lees dit stuk. Hoog tijd om in te grijpen. Je verbetert het onderwijs niet door te polderen met belanghebbenden.

Meer over