Opinie

De orkaan Irma heeft de afgelopen weken meer schade veroorzaakt dan het blote oog kan waarnemen

Het gehannes rond Irma laat zien dat Nederland in de Antillen alsnog moet kiezen, betoogt Piet Emmer: dekolonisatie of incorporatie.

Piet Emmer
Een man herstelt schade die veroorzaakt is door de orkaan Irma, die Sint Maarten vorige week woensdag vol trof. Beeld ANP
Een man herstelt schade die veroorzaakt is door de orkaan Irma, die Sint Maarten vorige week woensdag vol trof.Beeld ANP

De orkaan Irma heeft de afgelopen weken meer schade veroorzaakt dan het blote oog kan waarnemen. Allereerst bleek dat de verbindingen tussen de delen van ons koninkrijk niet orkaanproof waren. Vlak nadat Irma haar verwoestende werk had gedaan, stond de demissionaire minister voor koninkrijkszaken, Ronald Plasterk, hulpeloos voor de camera van het journaal uit te leggen dat hij geen idee had hoe het er in zijn ambtsgebied voor stond. Dat is opmerkelijk, want in het Caribische deel van het koninkrijk komen orkanen met de regelmaat van de klok voor en als de koninkrijksbanden zo hecht zijn als sommigen ons willen doen geloven zou zelfs Irma daar geen invloed op mogen uitoefenen.

Maar niet alleen de techniek, ook de bestuurlijke verhoudingen lijken niet bestand tegen een orkaan. Zo komt de hulp in het Nederlandse deel van Sint Maarten veel trager op gang dan in het Franse deel, omdat het Nederlandse deel van het eiland een autonoom onderdeel van het koninkrijk is en het Franse Saint Martin een deel van Frankrijk. Voor de Franse schatkist is deze optie aanzienlijk duurder, maar Parijs heeft tenminste de garantie dat het bestuur aan de moederlandse maatstaven voldoet.

Waarom hebben we de band met de Antillen zo ingewikkeld gemaakt? Om de kool en de geit te sparen. Geen onafhankelijkheid, maar ook geen kolonialisme. Irma heeft aangetoond dat deze zelfbedachte constructie niet goed werkt. Ook in het verleden waren de banden met de Antillen nooit echt goed geregeld. Om onze gekrenkte trots bij het verlies van het ondankbare Indonesië te vergeten, bedachten we in 1954 het 'Statuut', dat Suriname en de Nederlandse Antillen niet alleen dwong tot in lengte van dagen lief en leed met Nederland te delen, maar ook om meteen maar gelijkwaardig aan het voormalige moederland te zijn.

Een kind kon zien dat dit een fictie was. In werkelijkheid heeft het statuut Nederland gedwongen de afgelopen vijftig jaar aanzienlijke bedragen over te maken naar gebieden die anders nooit in aanmerking zouden zijn gekomen voor onze hulp. Daarbij werden de criteria van armoedebestrijding en goed bestuur geslachtofferd aan de mythische band van de eeuwenoude lotsverbondenheid.

Alleen als het te erg werd met de corruptie, vriendjespolitiek en maffiapraktijken in de West had ook Den Haag even geen boodschap meer aan gelijkwaardigheid en stuurde Nederlandse ambtenaren in een poging om de boel in orde te brengen, uiteraard tot ongenoegen van de Antilliaanse politici.

Maar niet alleen overzee slurpen de Antillen veel belastinggeld, ook in Nederland liep en loopt de band met de Antillen in de papieren. Bijna de helft van de eilandenbewoners woont inmiddels hier en bij hun toelating wordt geen selectie toegepast, want iedere Antilliaan bezit een Nederlands paspoort. Dat kost geld, want de eerste en tweede generatie immigranten uit de Antillen hebben gemiddeld lagere inkomens en zijn vaker werkloos dan de autochtone Nederlanders. Vanwege de welvaartsstaat betalen Antilliaanse immigranten daardoor minder belasting en hebben ze recht op meer bijstandsuitkeringen en toeslagen dan gemiddeld. Bovendien blijken Antillianen samen met Nederlanders met een Marokkaanse achtergrond veel vaker verdacht te worden van (gewelds)misdrijven, zelfs gecorrigeerd naar inkomen en leeftijd.

In Groot-Brittannië - toch een zéér beschaafd land - zag men al deze problemen aankomen en in 1962 werd de immigratie uit de voormalige koloniën beperkt. Nederland bleef echter doordromen. Dat de Engelsen hun Caribische koloniën dekoloniseerden en dat Frankrijk ze tot overzeese departementen omvormde, leek in Den Haag nauwelijks te worden opgemerkt. Nederland koos voor een halfslachtige 'derde weg' uit schaamte voor zijn koloniaal verleden. Die schaamte vloeit voort uit de opvatting dat koloniseren een van de misdadigste activiteiten in de geschiedenis is geweest, waar we ons tot in lengte van dagen voor dienen te verontschuldigen. 'Er moet altijd geld bij om historisch leed te verzachten', verzuchtte de toenmalige GroenLinksleider Paul Rosenmöller al over de oncontroleerbare steun aan de Antillen in de Volkskrant van 25 augustus 2003.

Toch heeft Nederland in de koloniale wereld helemaal geen uitzonderingspositie ingenomen. Engeland, Frankrijk, Spanje, Portugal, Rusland, ja zelfs België, Denemarken en de VS hebben ook gekoloniseerd en er is geen enkele aanwijzing dat Nederland de koloniale onderdanen beter of slechter heeft behandeld dan de collega-kolonisatoren. Het is natuurlijk sympathiek je te generen voor sommige koloniale wandaden uit het verleden, maar meer dan vijftig jaar na de grote dekolonisatiegolf wordt het langzamerhand tijd om te erkennen dat de nieuwe elites in de derde wereld het er zeker niet beter hebben afgebracht. Er is dan ook geen reden om de voormalige koloniën als objecten voor eeuwige boetedoening te zien, want dat doet verder niemand in de wereld. Irma zou ons moeten dwingen alsnog te kiezen: dekolonisatie of incorporatie in Nederland.

Piet Emmer is de auteur van Het zwart-wit denken voorbij - Een bijdrage aan de discussie over kolonialisme, slavernij en migratie, dat eind 2017 zal verschijnen bij uitgeverij Nieuw Amsterdam.

Meer over