CommentaarRaoul du Pré

De notulen zijn een aansporing om het anders te gaan doen, maar welke partijen durven het aan?

De notulen van de ministerraden tonen aan: rolverwisseling ligt voortdurend op de loer op het Binnenhof. Welke partijen helpen dat op te lossen?

Wopke Hoekstra (CDA) nadat hij de notulen van de gesprekken met de verkenners in heeft gezien. Beeld Freek van den Bergh
Wopke Hoekstra (CDA) nadat hij de notulen van de gesprekken met de verkenners in heeft gezien.Beeld Freek van den Bergh

Wie de toeslagenaffaire van iets grotere afstand volgt, zal zich wellicht afvragen wat nu precies het nieuws is uit de vrijgegeven notulen van de ministerraden. We wisten al dat een rigide Belastingdienst, gesterkt door een even rigide reeks rechterlijke uitspraken, het spoor bijster raakte in het toeslagenstelsel en duizenden ouders in financiële problemen stortte. We wisten ook dat de ministerraad eerst niet en daarna zeer traag reageerde op de signalen.

De toegevoegde waarde van de notulen, met dank aan RTL Nieuws, is het inkijkje in de machinekamer van de macht. We hebben opeens het script van een film waarvan we de afloop al kenden. En eens temeer roept dat script de vraag op waarom anno 2021 de zaak voor veel ouders nog steeds niet is afgewikkeld. Toenmalig staatssecretaris Snel had de analyse van het probleem in juni 2019 immers al paraat, nog voor alle onderzoekscommissies aan het werk gingen: ‘De wetgeving lijkt uit te gaan van de wil om te frauderen’, vertelde hij aan zijn collega’s. ‘Het lijkt erop dat de getroffen mensen onterecht in de hoek zijn geplaatst op basis van verdachtmakingen en dat de Belastingdienst meer dan zes jaar lang is doorgedenderd op hetzelfde pad.’

Waarna hij vaststelde, toen al, dat hij zijn eigen informatie niet op orde had. ‘Deze ouders is iets ernstigs aangedaan en zij lopen daar al acht jaar mee rond (...) Ondertussen krijgen de getroffen mensen geen kinderopvangtoeslag, is de menselijke maat verloren en is de Tweede Kamer niet volledig ingelicht.’

Dat was goed gezien. En het had kunnen leiden tot een eensgezind voornemen om de schandvlek uit te wissen, maar het ontaardde in de ministerraad in een zoektocht om de publicitaire en politieke schade te beperken.

Veel aandacht gaat nu uit naar de litanie aan klachten van ministers over Kamerleden die wél oprecht nieuwsgierig waren, maar ook valt op hoe nauw het contact tussen kabinet en de coalitiepartijen vaak was: de ministerraad ziet zichzelf als een ‘team’ en rekent de eigen coalitiepartijen daar ook toe. Wie niet in de pas loopt, is niet loyaal.

Dat denken zit diep ingebakken in onze politieke cultuur en deels ook in ons stelsel: kabinetten komen nou eenmaal direct voort uit de Tweede Kamer. Daar zit maar een dun wandje tussen. Rolverwisseling ligt op de loer. Ministers vinden al snel dat Kamerleden hinderlijk in de weg lopen, maar andersom gedragen Kamerleden van coalitiepartijen zich vaak alsof ze met één been in het kabinet staan. En dat is allemaal nog niet eens zo erg, zolang het de controlerende taak van de Kamer niet belemmert. En juist dat is in de afgelopen jaren wel te vaak gebeurd.

Die patronen zijn niet makkelijk uit te bannen. Het gaat meer om gedrag dan om regels. Maar het nieuwe kabinet, dat er toch ooit moet komen, kan natuurlijk wel afspreken dat het de openbaarheid van bestuur veel serieuzer gaat nemen. De eerste aanzetten liggen klaar. En het kan ook echt helpen om nu eens een dun regeerakkoord te maken zonder de ambitie om alles voor jaren vast te leggen met de gegarandeerde steun van een parlementaire meerderheid.

In dat geval komt er misschien toch nog iets goeds voort uit de toeslagenaffaire. Want het land zal toch geregeerd moeten worden. Partijen als GroenLinks, PvdA, ChristenUnie en SP kunnen nu natuurlijk blijven zeggen dat ze met de bestuurscultuur van VVD, CDA en D66 niks te maken willen hebben. Dan krijgen we binnenkort weer verkiezingen. Of ze beslissen dat ze er in een nieuwe regering van binnenuit wat aan gaan doen. Sinds deze week weten we: De Trêveszaal is daarvoor de aangewezen plek.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Meer over