ColumnFloortje Smit

De nominatie van Emily in Paris laat zien hoe gevoelig de Golden Globes-jury is voor feestjes en smeergeld

Floortje Smit, filmrecensent, werpt haar blik op de hedendaagse beeldcultuur.

Emily in Paris Beeld
Emily in Paris

Op een doorsneewoensdagochtend in lockdown kreeg Deborah Copaken een telefoontje van haar moeder. Terwijl de scenarist van Emily in Paris bezig was met de keuze tussen yoga of slagroom eten bleek de tv-serie genomineerd voor twee Golden Globes.

‘Voor welke categorie?’, was haar verbijsterde reactie.

Zó absurd was het idee dat een zwaar bekritiseerd niemendalletje, over een verwend, rijk, wit, Amerikaans nest in cliché-Parijs, is genomineerd voor beste televisieserie van het jaar. En niet, wat Copaken woedend maakte, het schitterende I May Destroy You.

Zo hoort dat bij de bekendmaking van de nominaties voor de Golden Globes. De keuzen van de 87 leden van de Hollywood Foreign Press Association (HFPA) zijn zo regelmatig onnavolgbaar, dat niemand er écht van opkijkt.

Maar dit jaar is de Los Angeles Times eens lekker in financiële handel en wandel van de organisatie gedoken. Emily in Paris? Ach, laat dat nou nét de serie zijn waarvoor dertig leden naar Parijs zijn gevlogen voor interviews, om daar twee nachtjes gefêteerd te worden in het vijfsterrenhotel Peninsula Paris (kamers vanaf 1.400 dollar per nacht), inclusief een lunch in een privémuseum. ‘We werden behandeld als koningen en koninginnen.’

Dit is al jaren het narratief rondom de Golden Globes: het kartel-achtige eliteclubje dat de prijzen uitreikt is te koop, met feestjes, selfies met sterren en geld. Zo won actrice Pia Zadora in 1982, waarna duidelijk werd dat haar echtgenoot alle HFPA-leden had getrakteerd op een bezoek aan zijn casino in Las Vegas. In 1999 moesten de leden de opgestuurde horloges van ruim 400 dollar van de producent van The Muse teruggeven. ‘Het is heus niet zo dat The Tourist alleen maar is genomineerd omdat de leden dan konden rondhangen met Johnny Depp en Angelina Jolie’, grapte Globes-presentator Ricky Gervais in zijn opening in 2011. ‘Ze namen ook smeergeld aan.’

Het L.A. Times-stuk, dat ook gaat over de manier waarop de club journalisten die niet lid zijn dwarszit, en over schimmige financiële constructies, zou nu eindelijk eens écht vernietigend moeten zijn voor de Globes. Maar dat is het vast niet. Dat je slechts een kleine honderd mensen hoeft te paaien om een prestigieuze filmprijs te kunnen bemachtigen, is voor alle betrokken partijen veel te lucratief.

Nee, er zal maar één verliezer zijn: Emily in Paris. In ieder volgend ‘vernietigend verhaal’ over de Globes wordt deze bijgeschreven in de rij van stuitende voorbeelden.

Meer over