CommentaarRaoul du Pré

De lat ligt hoog voor Hoekstra

null Beeld EPA
Beeld EPA

CDA’ers die nu al hun kaarten op Wopke Hoekstra zetten, zullen eerst eens bij zichzelf moeten beginnen.

Het CDA mag de handjes dichtknijpen nu Wopke Hoekstra zich zo snel bereid heeft verklaard om het aanvoerderschap over te nemen. Een kandidaat van ‘Lubberiaanse statuur’, klinkt het zelfs, waarmee de lat meteen hoog is gelegd. Nooit was het CDA dominanter in het landsbestuur dan in de Lubbersjaren.

In die typering van de nieuwe lijsttrekker ligt politieke frustratie besloten: het CDA snakt naar machtsherstel en meende vorig jaar rond deze tijd zeker te weten dat VVD-leider Rutte na tien jaar in het Torentje kwetsbaar zou worden. Op zeker moment willen de kiezers immers een ander gezicht, leert de ervaring. Met een goede tegenkandidaat moet de VVD-hegemonie te doorbreken zijn, is dan ook de overtuiging onder CDA’ers. Het probleem is alleen dat er nog niets van is gebleken.

Met Hoekstra hoopt de partij alsnog de juiste man te presenteren. Inderdaad heeft hij veel mee: hij kent de partij als zijn broekzak, hij schreef in 2016 al het verkiezingsprogramma en hij is de enige bewindsman die zich in de waarderingscijfers kan meten met Rutte. Anders dan Hugo de Jonge hoeft hij in de coronacrisis geen impopulaire beslissingen te nemen. Het VVD-campagneteam, onlangs nog blij verrast met de implosie van Forum voor Democratie, zal er dit keer niet helemaal gerust op zijn.

Toch begint Hoekstra nu op grote achterstand aan de campagne. Dat heeft hij in de eerste plaats aan zichzelf te danken: als hij in het voorjaar niet had gedoken, was het CDA veel ellende bespaard gebleven. In de tweede plaats mag hij zich zorgen maken over zijn partij. Als Hoekstra over zijn schouder kijkt, ziet hij een leger in windsels en op krukken. Het CDA kampt nu al een decennium met de steeds opnieuw oplaaiende richtingenstrijd tussen het conservatieve en het progressieve deel.

De chaotische lijsttrekkersverkiezing en het anonieme gezaag aan Hugo de Jonges stoelpoten hebben nieuwe wonden geslagen. Het partijbestuur wekte nooit de indruk dat het de situatie meester was. Dromen van de Lubbersjaren is rijkelijk voorbarig zolang Hoekstra het moet doen met een partij die zo weinig weg heeft van de geoliede machtsmachine die ze destijds was.

Meer over