CommentaarSander van Walsum

De FDF heeft bijgedragen aan een klimaat waarin volksvertegenwoordigers worden belaagd vanwege het simpele feit dat ze politicus zijn

Boeren verzamelen op de Koekamp in Den Haag.Beeld ANP

Een avondlijke actie van boeren bij de voordeur van een politicus is per definitie niet ludiek.

Het zou er gemoedelijk aan toe zijn gegaan, dinsdagavond bij het huis van Rob Jetten, fractievoorzitter van D66 in de Tweede Kamer. Vijf boeren, getooid met het logo van de Farmers Defence Force (FDF), boden Jetten - die na een positieve coronatest in quarantaine zit - een doos met ‘gezonde producten’ aan. Een ‘ludieke actie’, meenden de gulle gevers. En ook Jetten wilde best aannemen dat ze ‘geen kwaad in de zin’ hadden.

Toch zal ‘het dubbele gevoel’ waarmee zij hem achterlieten door velen worden gedeeld. Want ludiek, goedbedoeld, vriendelijk of niet: het privédomein van een volksvertegenwoordiger was het toneel van een politieke actie. Die actie had ook nog eens betrekking op een thema (de sanering van de agrarische sector) dat veel emoties oproept. De boeren mochten dan op persoonlijke titel bij Jetten op ziekenbezoek zijn geweest, de organisatie waarvan zij het logo voerden, heeft in korte tijd een kwalijke reputatie opgebouwd met botte, intimiderende acties waarmee zij zich buiten het Nederlandse overlegmodel heeft geplaatst. Tegen die achtergrond gaat van een actie bij de voordeur van een volksvertegenwoordiger meer grimmigheid uit dan de betrokken boeren mogelijk hebben beoogd.

De FDF heeft bijgedragen aan een klimaat waarin volksvertegenwoordigers niet alleen worden belaagd vanwege standpunten waarmee betogers het oneens zijn, maar ook vanwege het simpele feit dat ze politicus zijn. Zij worden aangemerkt als vertegenwoordigers van een kaste of een systeem waarmee radicale betogers zich kennelijk in oorlog wanen. Onderscheid tussen de persoon en diens standpunt wordt daarbij niet meer gemaakt.

Vooralsnog oogsten radicale actievoerders maar zelden bijval van het grote publiek. Ze brengen de democratische rechtsstaat echter onberekenbare schade toe. Wie gehoord wil worden, meent zich van grensverleggende actiemiddelen te moeten bedienen. Op het Plein en het Binnenhof, het veronderstelde machtscentrum, gaan alle remmen los. En de politici die worden geacht in gesprek te gaan met de burger, zullen steeds meer de neiging krijgen zich van de burger af te schermen. Gesteld dat zij überhaupt nog in de politiek of het openbaar bestuur werkzaam willen zijn.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Meer over