Columnmartin sommer

De dramatische krimp van de overheid is een fabeltje

null Beeld

Wat een verrassing. Ik was nog druk doende met uitscheuren van krantenberichten over het almaar achteruit boerende Nederland, blijkt het land er van de ene dag op de andere blakend voor te staan. Boven op mijn stapeltje depri berichten lag het persoonlijke blog van topambtenaar Bernard ter Haar, die schreef dat ‘de Nederlandse overheid deze eeuw nog niets substantieels tot stand heeft gebracht’. Het werd daarna gretig aangehaald. Maar zie, mede dankzij de steunpakketten van de niets presterende overheid is het land helemaal boven Jan. Momenteel breekt de politiek zich het hoofd over de invulling van een herstelplan dat door het snelle herstel overbodig is geworden. Deine Sorgen möchte ich haben.

Peter Hein van Mulligen van het CBS waagde het eerder een paar keer te zeggen dat Nederland er helemaal niet zo slecht voor staat. Hij kreeg geweldig op zijn falie. Zo gemakkelijk laten we ons het uitzicht op de ondergang niet afnemen. Het sleutelwoord voor het onheilsdenken is neoliberalisme. De samenleving is verpest door het marktdenken, de overheid incluis. Je kunt geen meningenpagina opslaan, of het neoliberalisme krijgt de schuld. Van het klimaat, omdat het de bedrijven niks kan schelen. Van de corona, omdat de techbedrijven en de besteldiensten baat hebben bij ons thuisblijven. Van de tekorten in de zorg, omdat Sywert er met de centen vandoor is gegaan. En meer in het algemeen omdat er zo verschrikkelijk bezuinigd is dat de overheid er als een kasplant bijstaat.

Topambtenaar Bernard ter Haar schreef in zijn blog dat ‘de Nederlandse overheid deze eeuw nog niets substantieels tot stand heeft gebracht’. Beeld Martijn Beekman
Topambtenaar Bernard ter Haar schreef in zijn blog dat ‘de Nederlandse overheid deze eeuw nog niets substantieels tot stand heeft gebracht’.Beeld Martijn Beekman

Het overheersende idee, dat zelfs tot in de VVD is doorgedrongen, is dat we meer overheid nodig hebben, en minder markt. Terwijl een paar vraagtekens best gepast zijn. Om te beginnen is het óók een breed gedeeld idee dat de overheid er niks van bakt, zoals Bernard ter Haar al had vastgesteld. Drie weken geleden kreeg het ministerie van Hugo de Jonge het oordeel ‘compleet door zijn hoeven gezakt’ van de Algemene Rekenkamer. Andere ministeries presteerden weinig beter. In de kindertoeslagenaffaire kregen de collega’s van Financiën de rode kaart. Desondanks klinkt het uit vele kelen dat de overheid terug moet, dat de overheid meer geld moet krijgen en dat de overheid het moet regelen.

Kijk je naar de rijksbegroting, dan valt het met die verwaarloosde overheid reuze mee. In zijn recente boek Het land moet bestuurd worden laat Wim Voermans zien dat de staat de afgelopen halve eeuw steeds verder in de haarvaten van de samenleving is gekropen. Het Rijk stuurt met vijf keer zoveel middelen als eind jaren zestig. De begroting beloopt dit jaar 366 miljard; van elke euro die omgaat, wordt 40 cent uitgegeven via de overheid. Dat kun je met de beste wil van de wereld geen neoliberale staat noemen.

Peter Hein van Mulligen van het CBS waagde het een paar keer te zeggen dat Nederland er helemaal niet zo slecht voor staat. Hij kreeg geweldig op zijn falie. Beeld ANP
Peter Hein van Mulligen van het CBS waagde het een paar keer te zeggen dat Nederland er helemaal niet zo slecht voor staat. Hij kreeg geweldig op zijn falie.Beeld ANP

Om van zo’n omvangrijke overheidsbemoeienis toch tot de slotsom te komen van een wegkwijnende staat, is de stelling van Voermans dat er drastisch op de ambtenarij is bezuinigd. Steeds meer werk in verband met die maatschappelijke haarvaten moet door steeds minder ambtenaren worden gedaan. Ik ben een fan van Voermans, er zijn beslist rare experimenten uitgehaald met een computergestuurde verzorgingsstaat en de zucht naar efficiency is her en der zeker doorgeschoten. Maar die dramatische krimp van het aantal ambtenaren is voor zover ik kan beoordelen een fabeltje.

Voermans levert bij zijn stelling een mooie grafiek. Maar als je achter in zijn boek kijkt, houden de gegevens over de omvang van de ambtenarij vijf jaar geleden op. De meest recente bron is het Trendrapport van Binnenlandse Zaken uit 2016. Sedertdien is er niet meer zo’n rapport verschenen. Dat is wellicht toeval, maar mijn slechte inborst geeft in dat het ministerie ook minder aanleiding had om de trend sinds 2016 te etaleren. De meest recente cijfers, te vinden in de Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2020, geven een heel ander beeld. Sinds het aantreden van het laatste kabinet-Rutte is het aantal rijksambtenaren uitbundig gegroeid.

Alleen al vorig jaar nam hun aantal met 5 procent toe. De afgelopen vijf jaar groeide het Rijk van bijna 110 duizend naar ruim 125 duizend fte. Daar moet je de extern ingehuurde krachten nog bij optellen, nu 12 procent, terwijl het bij motie van toenmalig Kamerlid Emile Roemer (SP) de 10 procent niet mocht overstijgen. De overheid is niet klein en verwaarloosd, maar een koekoeksjong in een merelsnest.

Mark Rutte sloeg zich vanaf zijn aantreden in 2010 op de borst met het voornemen om Haagse ambtenarentorens leeg te maken. Daar is niets van terechtgekomen. Beeld ANP
Mark Rutte sloeg zich vanaf zijn aantreden in 2010 op de borst met het voornemen om Haagse ambtenarentorens leeg te maken. Daar is niets van terechtgekomen.Beeld ANP

Een vervolgvraag is dan waarom de sombermansen nog altijd de overhand houden in de veronderstelling dat het aantal rijksdienaren driftig is afgeknepen. Hier vallen een aantal belangen samen. Zoals bekend sloeg Mark Rutte zich vanaf zijn aantreden in 2010 op de borst met het voornemen om Haagse ambtenarentorens leeg te maken. Daar is niets van terechtgekomen, maar de politicus die zijn eigen mislukkingen uitvent moet nog geboren worden.

Ruttes tegenstrevers hebben hier verrassend genoeg precies hetzelfde belang als hij, namelijk stilhouden dat de overheid alweer jaren feestelijk uitdijt. De zaakwaarnemers, hun eigenbelang in de cadeauverpakking van het algemeen belang, lopen de deur bij Mariëtte Hamer plat. Burgemeesters zijn de meest bedreven doemdenkende lobbyisten. Of het nu de jeugdzorg betreft dan wel de ‘kwetsbare stedelijke gebieden’, zij weten een luisterend oor te vinden met de suggestie dat Nederland erbij ligt als The Bronx. Het gaat slecht, er moet geld bij, en dus ambtenaren. Het heeft ze al flink wat miljarden opgeleverd. Dit leert de parabel over het ogenschijnlijk achteruit kachelende Nederland: het gaat niet om de feiten maar om de meningen. Wie de meningen beheerst, heeft de macht.

Meer over