ColumnSheila Sitalsing

De democratie is gediend bij het serieus nemen van VN-rapporteur Melzer

null Beeld
Sheila Sitalsing

Van alle opmerkelijke passages in het interview met Nils Melzer, VN-rapporteur voor martelingen, dat de Volkskrant maandag publiceerde, ging de misschien wel alleropmerkelijkste over de communicatie. Melzer had op 3 januari een filmpje waarop Nederlandse politieagenten een coronademonstrant neerknuppelen rondgetwitterd, voorzien van opgewonden commentaar met bijvoeglijke naamwoorden (‘een van de walgelijkste voorbeelden van politiegeweld sinds George Floyd’), veel uitroeptekens (vier in vier zinnetjes) en een hoop kapitalen (‘DEZE WREEDHEID MOET HIER & NU STOPPEN’).

Donald Trump bestuurde een heel land via Twitter, maar de VN-rapporteur ontmoette vooral verbazing. Waarom niet gewoon even gebeld of een briefje gestuurd, had de Nederlandse ambassadeur in Melzers standplaats Zwitserland geïnformeerd. Omdat, zei Melzer, hij ‘uit ervaring weet dat het heel lang duurt als ik iets formeel aankaart. Een staat krijgt twee maanden om te reageren en stuurt uiteindelijk iets als: ‘Wij hebben uw beschuldiging ontvangen en doorgestuurd naar een onderzoekscommissie, die het zorgvuldig aan het bekijken is.’

Dat klinkt aannemelijk. Ook hier wemelt het van de commissies en taskforces voor het langparkeren van vervelende problemen, ook hier bekijken we de dingen graag ‘zorgvuldig’, en ook hier is corresponderen met de overheid een aangelegenheid die vele lange jaren in beslag kan nemen. Op Twitter had Melzer binnen een dag het halve land in rep en roer.

Het zegt misschien iets over de formele macht van de VN-rapporteur: nul divisies, geen sanctiemogelijkheden, de niet-bindende adviezen eindigen veelal in een bureaulade. En het zegt misschien iets over de nieuwe manier van informele macht uitoefenen: genereer divisies online en je omzeilt de bureaulade.

Kritiek uit het buitenland ligt altijd gevoelig, want de klassieke rolverdeling is dat wij degenen zijn die de waarschuwingen uitdelen aan regimes die minder intelligent, verlicht en/of zorgvuldig opereren dan wij. Die noemen we nuffig ‘failed states’.

Externe kritiek is ook gezond. Want vreedzaam demonstreren is een groot goed, rumoer maken een mensenrecht, het mogen uiten van ongenoegen is een fundamenteel democratisch principe. Er is geen wet die verplicht dat dit altijd smaakvol moet gebeuren, met wetenschappelijke publicaties en voetnoten onderbouwd, stilletjes en beschaafd, op verantwoorde sandalen, met louter gezellige leuzen op de bordjes, en alleen voor vooraf correct bevonden doelen.

Intimidatie, vernedering en geweld door demonstranten vragen uiteraard om een antwoord van de politie – de in elkaar geslagen man zou met een startkabel hebben gezwaaid. Zeker: het waterkanon erover als ze gaan dreigen. Maar het is volslagen logisch dat een externe rapporteur, die met medeweten en goedvinden van VN-lidstaat Nederland is aangesteld, langs wil komen om informatie in te winnen wanneer het erop lijkt dat er harder dan noodzakelijk is geslagen. Ook als het Openbaar Ministerie al is ingeschakeld.

Je hoort tegenwoordig veel over het fascisme dat op een terugkeer zou zinnen, en over de democratie die kapot gemaakt zou worden door complotdenkers, en over allerhande zwaarbevochten waarden die onder vuur zouden liggen. Het bepleiten van meer repressie, is precies het verkeerde antwoord op die zorgen. Net als het toejuichen dat verwarde complottypes worden neergeknuppeld.

De grootste dienst die we aan de democratie kunnen bewijzen, is de VN-rapporteur met open armen ontvangen.

Meer over