columnistenmarathon

De columnisten van de Volkskrant brengen een ode aan de democratie

Redactie
null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Het lot van de Volkskrant is sterk verbonden met het lot van de democratie. Het eerste exemplaar verscheen op 1 oktober 1919, drie ­dagen na de invoering van het algemeen kiesrecht, toen de Nederlandse democratie nog een breekbaar bloempje was. De oprichters van de krant wilden voor­komen dat de katholieke arbeiders zouden bezwijken voor de verlokkingen van het (nationaal-) socialisme.

Nu blijkt de democratie wereldwijd opnieuw fragiel. Het pijnlijkste nieuws kwam deze week uit Washington. De ­Republikeinse partij besloot twee Congres­leden, Liz Cheney en Adam Kinzinger, in de ban te doen, omdat ze de aanstichters van de bestorming van het Capitool willen vervolgen. Aanvankelijk werd die bestorming fel veroordeeld, ook door de voormannen van de Republikeinse partij. Inmiddels beschouwt dezelfde partij deze gewelddadige aanval op het symbool van de Amerikaanse democratie als een ‘legitiem politiek discours’.

Het is het zoveelste signaal dat de ­democratie in de VS serieus in gevaar is. Er is een reële kans dat de volgende verkiezingen gewonnen worden door de man die keer op keer laat zien dat hij het wezen van de democratie niet begrijpt of niet wil begrijpen en liever een voorbeeld neemt aan Vladimir Poetin, Xi Jinping en andere autocraten.

Maar ook in Europa staat de democratie onder druk, zoals in sommige Oost-Europese landen waar democratische instituten worden uitgehold.

Het is daarom niet voor niets dat er een buitengewone interesse is voor het interbellum, waarin de prille democratie al snel om zeep werd geholpen. Het is niet voor niets dat Het nationaal-socialisme als rancuneleer van Menno ter Braak weer wordt herdrukt. De samenleving dreigt ook nu weer uiteen te vallen in radicale vleugels, die niet langer met elkaar in gesprek willen en het eigen gelijk heilig verklaren.

Het wezenskenmerk van een democratie is de zoektocht naar een gedeelde werkelijkheid, waarin ook minderheidsstandpunten worden gerespecteerd. Tegenwoordig trekken steeds meer burgers zich terug in hun eigen waarheid, hun echokamer op sociale media, ook in ­Nederland.

Een belangrijk doel van een krant als de onze is om het gesprek gang te houden, om het onderlinge begrip aan te wakkeren en de samenleving en de democratie gezond te houden. Om dat te benadrukken hebben we al onze columnisten en cartoonisten gevraagd een ode te brengen aan de democratie. Alle bijdragen tezamen laten krachtig zien wat het belang van pluriformiteit is, hoe belangrijk het is dat veel verschillende stemmen worden gehoord en hoe geestdodend het is om alleen maar opvattingen van zielsverwanten tot je te nemen. Ik wens u veel lees­plezier.

Pieter Klok, hoofdredacteur

*

Het laatste spektakel

Vóór we de democratie bejubelen is het goed te vragen wát we eigenlijk bejubelen.

De Franse filosoof Claude Lefort meent dat democratie een symbolische aangelegenheid is. Of de gemeenschap, die ook wel ‘volk’ wordt genoemd, zich nu laat vertegenwoordigen door volksvertegenwoordigers of een president, volk en vertegenwoordigers vallen nooit helemaal samen, de soevereiniteit van het volk bestaat niet echt. Vandaar dat Lefort erop hamert dat de plaats van de macht leeg moet blijven. Het gaat erom in die halve fictie van democratie, in de symbolische orde van de politiek te geloven, erop te vertrouwen dat de gemeenschap, die natuurlijk uit talloze kleinere gemeenschappen bestaat, op die manier het beste wordt beschermd.

Democratie is daarmee onvermijdelijk theater. Wie naar de gunst van de kiezer dingt, is tot theatraliteit gedwongen. Een parlement is tevens theater. Geen reden tot cynisme. De vraag blijft echter: waarover moet je het met elkaar eens zijn voordat je deelneemt aan het theater?

De symbolische orde van de politiek kan alleen overleven als bepaalde taboes worden gerespecteerd, zoals het theater alleen kan overleven als de acteurs beseffen dat ze een eigen rol hebben maar samenwerken, en dat het in brand steken van het theater weliswaar spektakel oplevert, maar dat dat ook het laatste spektakel kan zijn.

Arnon Grunberg

null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Dré

Soms denk ik dat het met democratie net is als met liefde. Gelukkig zijn de mensen die haar mogen ervaren. Pas op als ze haar gaan benoemen. Ongeveer één keer in de maand blader ik bij de Chinees de Story door. Vaak heeft Dré Hazes dan net een ‘grote liefde’ gevonden. Sla ik een maand later weer de Story open, dan blijkt het met die liefde even slecht afgelopen als met de democratie in Hongarije. Het schoot een keer door me heen dat ‘Jeroen belooft Linda de liefde’ eigenlijk een equivalent is van ‘Poetin belooft Kazachstan democratie’.

Waar het goed zit met de liefde, hebben ze het er niet de hele tijd over. Waar het goed zit met de democratie, is het woord ‘democratisch’ niet nodig in de landsnaam. Vroeger had je twee Duitslanden, het niet-democratische heette de Duitse Democratische Republiek. Noord-Korea heet officieel de Democratische Volksrepubliek Korea. Mensen die in Nederland verklaren ‘voor de democratie te knokken’, bedoelen vaak iets anders. Een representant van een partij die zich Forum voor Democratie noemt, zinspeelde onlangs op tribunalen. In de minst aangename discussies die ik de laatste jaren hoorde, viel het woord ‘democratie’ het vaakst: ‘Ik neem niets terug, het is hier democratie!’ Soms denk ik dat democratie net als liefde onbenoemd moet blijven.

Olaf Tempelman

*

Stemkracht

Qua democratie heb ik een tijdje twee stemmen gehad, in plaats van één, maar nog langer nul.

Die dubbele stem verkreeg ik van Laetitia, mijn flatgenote in Enschede, die een kameleon hield en de gezamenlijke biobak aan de straat zette. Als wederdienst bracht ik haar stem uit, Tweede Kamer, Europa, gemeenteraad – ze gaf al aan goede doelen.

‘Nog voorkeuren?’, vroeg ik, biljetten in mijn binnenzak.

‘Nee hoor’, zei Laetitia, ‘kies maar wat je leuk vindt.’

Mooie tijd, ik had veel invloed, dat merk je meteen als je twee keer zoveel stemkracht hebt als de rest, je blaast zó iemand het Torentje in.

Als student was dat wel anders. Toen had Pröpper, een mijner jaarclubg’noten, het op zich genomen me democratisch ‘kalt te stellen’. Bij bepaalde leden wilde het bestuur de ‘subversieve angel’ eruit. Als ik PvdA stemde, stemde Pröppertje VVD, en andersom. Zou ik Centrum Democraten stemmen, die had je toen nog, een extreemrechts splintertje waar nu een stapel bielzen ligt, stemde hij Jan Marijnissen.

‘En andersom, Buwalda.’

‘Maar jullie weten helemaal niet wat ik stem.’

‘Jawel, Buwalda. Jij bent een arbeiderszoon. Voor jou is een gekookte aardappel, zoals je zelf altijd beweert, een gebakje. We weten genoeg, jongen.’

Peter Buwalda

null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Van jongs af aan

Fuck de democratie. Dat heb ik weleens gedacht. Nadat de demos in kwestie voor de ­zoveelste keer een serieleugenaar tot premier stemde, bijvoorbeeld. Of toen de fascisten de provincialestatenverkiezingen wonnen.

Daarna fluit ik mezelf terug. Want: wat is het alternatief? ‘Minder democratie’ is nooit het antwoord, zelfs niet als de vraag is hoe we er in snotfuckingvredesnaam voor zorgen dat mensen stoppen met stemmen op bedriegers en booswichten. Bovendien: waarschijnlijk is het probleem juist dat we te weinig democratie hebben.

Neem kinderen. We geven hun les over burgerschap, maar ze krijgen het zelf niet. Ze mogen niet stemmen, hebben nauwelijks inspraak, moeten voortdurend gehoorzamen aan autoriteit. Als ze staken of ­demonstreren, krijgen ze straf. Of werknemers. Zoals socioloog Willem Schinkel zei: ‘Heel de economie is autoritair georganiseerd. We prijzen onszelf gelukkig dat we in een vrije democratie leven, maar dan komen we op ons werk en dan zeggen we ‘ja baas’.’

Ik geloof dat we mensen van jongs af aan meer echte democratische macht moeten geven. En ik wil geloven dat ze dan betere keuzen zullen maken. Dat ze zullen ontdekken dat democratie meer is dan alleen stemmen, en dat je op meer kunt stemmen dan op klapharken, verlakkers en bruinhemden.

Asha ten Broeke

*

null Beeld Jan Rothuizen
Beeld Jan Rothuizen

Opstandig sterven

Ik ben één keer Chippendale geweest, twintig lentes jong en al net zo bang als nu, dus voor mij had het absoluut niet gehoeven, maar onze groep medewerkers van camping Bellevue had het thema van de feestavond nu eenmaal democratisch bepaald.

In doodsangst, in een zwarte string die ik van tante Leen van no36 had geleend, heb ik in de campingbar op de tafels gedanst tot ik bijna overdreven uitgleed in een plasje bier, even horizontaal in de lucht bleef hangen en vervolgens met geweld op omgevallen tafels en de plavuizen neerkletterde. Later, in een licht verduisterde kamer alleen gelaten, dacht ik grimmig: ik haat thema’s!

Het thema van vandaag is democratie, een verraderlijk onderwerp – in twee denkstappen sta je tot je liezen in de Weimarrepubliek. Democratie hangt aan de kracht van personen – een official die onder druk toch de juiste verkiezingsuitslagen bekrachtigt, een agent die gewelddadige demonstranten de verkeerde kant opstuurt.

We hebben sterke personen nodig. Met mensen die zich door de groep in een stringetje laten hijsen, komen we er niet. Laat ons op z’n minst opstandig sterven, zoals Albert Camus het ons heeft voorgezegd, en niet uit vrije wil. Bij de volgende columnistenmarathon stem ik in mijn dooie eentje het thema weg.

Peter Middendorp

null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Papkind

Als ze me komen halen voor de tribunalen, zal ik dan angstig piepen: ‘Neem Sheila Sitalsing, die is veel belangrijker?’ Ik hoop van niet, maar wie zal het zeggen? Journalisten die zichzelf heldenmoed toedichten zonder ooit op de proef te zijn gesteld, moet je niet vertrouwen.

Voor mij heeft het woord democratie nog dezelfde smaak die het had toen ik 18 was: iets zó vanzelfsprekends dat het vurig verdedigen ervan lachwekkend lijkt. Leve de democratie? Ja hoor, net als: leve volle melk, leve de plantsoenendienst, leve de dinsdag! Vanuit het veilige perspectief van een westers, naoorlogs papkind heb ik geregeld meegedaan met het schamperen over een systeem waarin Thierry Baudet een van de 150 vertegenwoordigers van 17 miljoen mensen kan worden.

Ik begrijp dat het anders is nu, dat de democratie bedreigd wordt. Ik lees erover en zie het op tv, maar voelen lukt nog niet. Diep van binnen ga ik ervan uit dat we weer normaal gaan doen als Sheila Sitalsing het tribunalen-gajes de oren heeft gewassen. Moet ik het Kamerlidmaatschap van iemand als Baudet nu vanuit mijn verstand of vanuit mijn gevoel bekijken? Erom huilen of lachen? Zolang ik daar niet over uit ben, zal ik geen grapjes meer maken over het allerbeste slechte systeem op aarde. Lang leve de democratisch gekozen volksvertegenwoordiger!

Sander Donkers

*

Scherf

In de auto laat ik het woord democratie vallen – het kan iets met deze editie van de krant te maken hebben, want zo vaak laat ik dat woord nou ook weer niet vallen.

Mijn zoon van 12, die achterin zit, zegt terwijl hij zijn blik strak op zijn telefoon gericht houdt – hij is Brawlstars aan het spelen: ‘De democratie is uitgevonden in Athene. Alle mannen boven de 18 mochten stemmen.’ Mijn zoon is een soort Siri.

‘O’, zeg ik. Ik weet bijna zeker dat hij dit uit de Donald Duck heeft, want daar heeft hij alles uit.

‘Ze mochten de naam van degene die ze niet in het bestuur wilden hebben, op een scherf schrijven. En die werd dan verbannen, om een tirannie te voorkomen.’

‘Wegstemmen, dus?’, zeg ik.

‘Ja’, zegt hij.

‘Net als bij Expeditie Robinson?’

‘Ja.’

‘Wat een goed idee’, zeg ik. ‘Mensen wegstemmen! Dat lijkt me nou echt fijn. Ja, dat is natuurlijk óók democratie’. zeg ik dromerig.

‘Misschien moet je dit nog even checken, ik weet niet helemaal zeker’, zegt hij nog, maar ik wil het helemaal niet checken. Ik ben om.

Aaf Brandt Corstius

*

null Beeld Peter de Wit
Beeld Peter de Wit

Wie wil beklijven, moet autocratisch zijn

Voor democraten is de geschiedenis kort. Dictators zijn er voor eeuwig, vooral als het ook nog veldheren zijn: Alexander de Grote, Julius Caesar en Napoleon. Zij worden na vele eeuwen nog herinnerd. Dat geldt ook voor de meest verschrikkelijke tirannen als Dzjengis Khan, Attila de Hun, Hitler en Stalin. Ze zijn in hun slechtheid oneindig fascinerend.

De grondlegger van de democratie is Cleisthenes van Athene, die in de 5de eeuw voor Christus leefde. Zelfs deelnemers aan Twee voor Twaalf zullen zijn naam waarschijnlijk moeten opzoeken, waarbij ze daarna ook nog zullen twijfelen of die met een C of een K begint. John Locke en Montesquieu, die de ideeën voor de huidige westerse democratieën hebben uitgewerkt, zijn slechts voetnoten in de geschiedenis.

In het jaar 2525 zullen de namen van Churchill, Roosevelt en Kennedy niet meer in de geschiedenisboekjes te vinden zijn. Of hoogstens als ijdeltuiten. Als Poetin en Xi Jinping willen dat hun namen in de historie beklijven, moeten ze autocratischer worden en een oorlog op hun naam hebben. Of de VS het deze eeuw uitzingen als democratie mag soms worden betwijfeld. In dit tijdperk van populisme zijn er te veel opportunisten die veel langer willen worden herinnerd. In de ontevredenheid vinden zij een goede voedingsbodem.

Peter de Waard

null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Geneeskunde is niet democratisch

Zo op het oog doe ik niet aan democratie; in mijn spreekkamer valt immers weinig te stemmen. Of een scan of laboratoriumonderzoek zinvol is, kun je niet met een meerderheid van stemmen bepalen. En met zijn tweetjes, mijn patiënt en ik, kunnen we dat ook niet.

Slimme onderzoekers moeten in grote groepen kijken of een scan of foto nuttig is (spoiler: vaak niet) en of antischurft- en malariapillen bij covid-19 daadwerkelijk gezondheidswinst opleveren. Als ze dat een beetje goed doen, luister ik daarnaar. Helpt het niet, dan doe ik het niet. Ook niet als covidontkennende dokters met veel aplomb die pillen promoten.

Gelukkig behoren die verdwaalde dokters tot een klein groepje complotmarmotten en hoeft niemand naar hen te luisteren. Geneeskunde is niet democratisch.

Ik doe dus niet aan stemmen, wel aan overleg. Want er zijn meer wegen die naar Rome leiden. Helemaal niet op pad gaan en gewoon niks doen, is er daar één van. De kunst van goede dokters is dat ze bij dat uitleggen achterhalen wat voor hun patiënten belangrijk is: minder pijn, langer leven, kunnen werken, minder moe zijn. Daar valt wat te kiezen en daardoor is de ontmoeting tussen dokter en patiënt toch hartstikke democratisch.

Joost Zaat

*

Lobbyisten

De democratie, zo leert iedereen op school, is gebaseerd op de trias politica. Daarnaast worden als vierde en vijfde macht ambtenarij en pers genoemd. Een zesde macht wordt meestal vergeten: het geïnstitutionaliseerde bedrijfsleven. Die is het minst onbaatzuchtig en beschikt over het meeste geld.

De corrumperende werking daarvan zagen we in Brussel: de machtige lobby’s die Facebook en Google wisten te mobiliseren teneinde wetgeving die hun macht tempert, te voorkomen. Of neem de moordende tabaksindustrie, die daar over tweehonderd lobbyisten beschikt. Een artsenorganisatie kan er net twee betalen. U mag raden wie díe strijd wint. De slager beslist nog steeds wie er wordt geslacht.

In Nederland: Schiphol, NAM en Tata Steel. Elk mag de normen altijd aanpassen en vervolgens ook negeren, zonder dat de overheid er veel tegen doet. Een natuurvergunning? Natuurlijk voor uw dakkapel. De KLM vliegt daar gewoon overheen.

Kortom: behalve democratische controle op de macht is ook democratische toegang tot de macht essentieel. Hoe doen we dat? Door voortaan alle bedrijfslobbyisten te laten verkiezen. Enige punt van discussie: of bij de NAM iedereen of alleen een Groninger stemrecht heeft.

Niet in het belang van de aandeelhouders, dat laatste, zegt u? Inderdaad.

Dat is ook precies de bedoeling.

Thomas von der Dunk

*

Columnistenmarathon - thema Leve de democratie Beeld Olivier Heiligers
Columnistenmarathon - thema Leve de democratieBeeld Olivier Heiligers

De afleidingsmanoeuvre

Dit jaar werd de kerstborrel van het Transitieteam afgelast. Uiteindelijk werd de kerstborrel een nieuwjaarsborrel via de Zoom. Speciaal voor alle medewerkers was er een tafelgoochelaar geregeld die vanuit een speciale studio zijn kunsten vertoonde. Op indrukwekkende wijze wist hij de medewerkers van het Transitieteam steeds weer voor de gek te houden. In de Q&A verklapte hij dat het bij illusionisme allemaal om de afleiding gaat.

Als een goochelaar naar zijn rechterhand kijkt, volgen we hem omdat we geconditioneerd zijn te kijken naar de hand waar de goochelaar zelf naar kijkt. Omdat we geleerd hebben om onze eigen ogen te geloven, die altijd de ogen van de goochelaar volgen, trappen we daar iedere keer weer in.

Na afloop legde de ad-interimassistent junior strategic management trainee van het Transitieteam uit dat democratische instanties precies die functie hebben voor de Transitie. Zolang iedereen naar de Tweede Kamer kijkt en gelooft dat daar de democratie zich afspeelt, kan het Transitieteam met de andere hand doen wat het wil.

Micha Wertheim

*

De autocratie en haar voordelen

Het heeft grote voordelen om ervaringen op te doen met gemankeerde democratieën, of met democratieën die wel zo heten, maar het niet zijn. Omdat je er goed van leert rekenen in schaarste: er loopt een rechte weg van ongecontroleerde macht in een regeringspaleis waar men baadt in overdaad, naar een volk dat uren in de rij moet staan voor twee uien die elk kwartier in prijs stijgen.

Omdat je van nabij ziet hoe snel gemeenschapszin verdampt als er overleefd moet worden, en hoe slecht sociale verbanden bestand zijn tegen druk – je leert het ook niemand kwalijk nemen.

Omdat je bedreven wordt in het ruiken van machtswellust, in het herkennen van heldenmoed, en in het afvinken bij wie je in het uur U zou durven aankloppen en bij wie onder geen beding.

Omdat je intense waardering leert opdoen voor meerlaags wc-papier, verkiezingen, een supermarkt vol uien en een premier die weliswaar jokt en fabuleert, maar nooit zijn appeltje zou inruilen voor een uzi.

Omdat je permanent plezier beleeft aan de ontsteltenis die mensen in een rijk en goed bestuurd land kan overvallen wanneer een stoeptegel verkeerd ligt, een bus te laat is of zich een andere burgerrechtenschending voltrekt.

Omdat je leert dat mensen soms zomaar niet meer thuis komen.

Sheila Sitalsing

null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Kinderstemmen

‘Juf, we moeten nog stemmen.’ 22 jongensogen kijken mij verwachtingsvol aan. Dagelijks, na het Jeugdjournaal, stemmen we over een stelling. Van ‘tijd voor een vrouwelijke minister-president’ tot meer aardse kwesties, zoals vandaag: ‘Wil jij later een dure auto?’

Directe democratie in de klas. Als kind van de jaren zeventig is het me met de paplepel ingegoten. Op onze kleine dorpsschool mochten wij zelfs onze leraar kiezen. Iets wat nu vrijwel ondenkbaar is. Terwijl juist nu ingrijpende toekomstkeuzen voor kinderen worden gemaakt.

Tijd voor het referendum dus. ‘Welke dure auto’s kennen jullie?’, vraag ik.

‘Bentley! Porsche! Ferrari!’ Moeiteloos sommen ze onbetaalbare bolides op.

Daarop volgen de nadelen: ‘Slecht voor het milieu; mensen willen hem stelen; repareren kost heel veel geld.’ Voordelen zijn er ook: ‘Je kunt er hard mee rijden.’ Nou ja, niet in Nederland. Zelfs de iPad in de Tesla blijkt niet doorslaggevend. Kortom, meer nadelen dan voordelen.

‘Dus wie wil er later een dure auto?’, vraag ik tevreden. Alle elf vingers schieten de lucht in.

‘Maar’, sputter ik. ‘De nadelen waren toch groter dan de voordelen?’

‘Juf, kom op. Een dure auto is gewoon heel cool.’

Verbouwereerd kijk ik hen aan. Emotie wint het weer eens van de ratio. Ook bij een kinderreferendum.

Merel van Vroonhoven

*

Schreeuwmeningen

Zouden de oude Grieken tevreden knikken als ze een dagje op Twitter, Facebook of Instagram konden verpozen? Misschien wel, omdat sociale media op radicale wijze hun democratische idealen mogelijk maken, al waren die 25 eeuwen terug nadrukkelijk alleen bedoeld voor vrije burgers. Waarschijnlijker is dat ze zich te pletter zouden schrikken.

Inmiddels zijn we allemaal vrij: ieder mag zijn opinie geven. De megafonen van de techbedrijven die de democratie zeggen te faciliteren, versterken de grootste monden. De belofte van eind vorige eeuw dat internet de democratie zou versterken door allerlei nieuwe verbindingen en (virtuele) ontmoetingsplaatsen te creëren, is niet uitgekomen. In plaats daarvan somberen kritische denkers over sociale media als een radicaliseringsmachine pur sang die wetenschap, democratie en zelfs de waarheid hard onderuit probeert te halen.

Hoe nu verder? We zitten niet met een techniekprobleem, maar met een mensenprobleem, schrijft filosoof Hans Schnitzler in zijn recente boek Wij nihilisten: wat is onze eigen verantwoordelijkheid voor het vergiftigde leefklimaat van de digitoop? Alleen als we ons kritisch bezinnen op onze relatie met onze telefoons en de sociale media waar we gebruik van maken, kunnen we uit de deprimerende kluwen van schreeuwmeningen en post-truth ontsnappen. De bal ligt dus bij ons, vrije burgers.

Laurens Verhagen

*

null Beeld Jan Rothuizen
Beeld Jan Rothuizen

Ingezonden

Geachte wetenschapsredactie van de Volkskrant,

Het is stuitend dat jullie na twee jaar coronacrisis nog NUL aandacht besteedden aan een preventief middel dat geweldig beschermt tegen het virus. Ik heb het natuurlijk over linksdraaiende kurkuma. Tibetaanse monniken weten dit allang. Bovendien publiceerde een zeer gerespecteerde wetenschapper erover in The Journal of Alternative Medicine For Healthy Aging. Twaalf hamsters kregen linksdraaiende kurkuma en werden een maand lang in hun gezicht gehoest door coronapatiënten. Deze hamsters maakten het na afloop UITSTEKEND. (Zie foto appendix III). De controlegroep kreeg rechtsdraaiende kurkuma en daar stierf één hamster een VERSCHRIKKELIJKE DOOD. (Zie foto appendix IV).

Er moet me nog iets van het hart. Bij een persconferentie zag ik ‘gezondheidsminister’ Ernst Kuipers een diagram tonen waaruit zou moeten blijken dat vaccins en boosters mensen uit het ziekenhuis houden. Kassa voor meneer Pfizer, met z’n dna-manipulatie! Ik daag u uit om op de covidafdeling van het ziekenhuis patiënten te vragen of zij de afgelopen maand dagelijks drie eetlepels linksdraaiende kurkuma hebben gesnoven. Wedden dat niemand van hen dat heeft gedaan – anders hadden ze daar niet gelegen. Ik hoop dat u deze brief afdrukt zodat uw lezers eindelijk correct geïnformeerd worden, maar dat doet u vast niet, daar bij de wetenschapsredactie van de MAIN STREAM MEDIA.

Hoogachtend,

K. Wakzalver, Den Helder

Tonie Mudde, chef wetenschap, de Volkskrant

null Beeld Olivier Heiligers
Beeld Olivier Heiligers

Cynische gastenlijst

Op zijn eerste persconferentie als president, zei Joe Biden dat hij het als zijn belangrijkste taak zag om te bewijzen dat democratieën superieur zijn aan autocratieën. Hij wees in dat verband specifiek naar China. Biden heeft gelijk als hij zegt dat de groeiende macht van het autoritaire China een uitdaging vormt voor de democratische wereld. Biden heeft de Amerikanen beloofd dat China tijdens zijn presidentschap niet het belangrijkste, rijkste of machtigste land ter wereld zal worden.

Afgelopen december organiseerde de regering-Biden een virtuele ‘top voor de democratie’. Daarmee werd uitvoering gegeven aan een plan dat de huidige minister van Buitenlandse Zaken, Antony Blinken, en de neoconservatieve denker Robert Kagan in 2019 lanceerden. Zij pleitten voor een ‘federatie van democratieën’ om tegenwicht aan China te bieden. Maar onder de genodigden bevond zich onder meer de Filipijnse president Rodrigo Duterte, naar wie het Internationaal Strafhof in Den Haag een onderzoek heeft ingesteld vanwege vermoedelijke misdaden tegen de mensheid. In plaats van een federatie van democratieën, leek de gastenlijst vooral een cynische calculatie van de internationale belangen van de VS.

Heleen Mees

*

null Beeld Bas van der Schot
Beeld Bas van der Schot

De politieke orde is omvergeworpen

Het kon op geen slechter moment komen. Leve de democratie, verzoekt de hoofdredacteur zijn columnisten te schrijven. Zo’n verzoek weigeren, zou onbeleefd zijn.

Het moment is zo ongelukkig gekozen, vanwege de nieuwe coalitie. Het coalitieakkoord heeft mijn vertrouwen geschokt, en daar ben ik nog lang niet van hersteld.

Nederland is decennialang (best) goed geregeerd onder leiding van centrum-coalities, nu eens over links, dan weer over rechts. Coalities gebouwd op feitelijkheid, redelijkheid, compromisbereidheid ten opzichte van de eigen verkiezingsprogramma’s – en politieke machtsverhoudingen uiteraard, blijkend uit de uitslag van Kamerverkiezingen. Degelijk. Inhoudelijke gekkigheid en mafkezerij was er in de politiek volop – en steeds meer –, maar (vooral) aan de flanken.

Maar met dit coalitieakkoord is de gekkigheid en mafkezerij plots aan de macht gekomen. De ‘degelijke’ middenpartijen smijten met belastinggeld, en kondigen trots en met vrome woorden een even ondoeltreffend als ondoelmatig beleid aan. Beleid, trouwens, dat in geen van de verkiezingsprogramma’s van de vier coalitiepartijen is terug te vinden. De politieke orde is omvergeworpen – zo kijk ik ernaar.

Om op zo’n moment te komen vragen om een lofzang op de democratie is eigenlijk teveel gevraagd.

Frank Kalshoven

*

Democratie zonder grondrechten is een lege huls

De vingers van de vrouw voor mij bij de kassa trillen als ze haar pincode intikt. De kleine meid aan haar broekspijpen heeft een pakje rijstwafels al open gegrist en schrokt er vrolijk op los. Er zitten twee appels, een pak macaroni en een kaas in hun boodschappenmandje. De moeder schudt haar hoofd en prevelt excuses.

Ik pin de boodschappen voor haar. Ik heb zelf ook weleens radeloos voor de kassa gestaan. Het flitst door mijn hoofd dat de moeder, als ze een bijstandsuitkering heeft, de regels nu overtreedt. Maar voor hetzelfde geld is ze zoals zovelen in mijn buurt werkend arm met een veel te hoge huur.

Een leefbaar vangnet is voor steeds minder mensen vanzelfsprekend. De verzorgingsstaat was te duur, maar we betalen nog wel voor een ingewikkelde, door discriminerende logaritmen gestuurde ‘wantrouw-de-kwetsbare-burger-bureaucratie’. Mocht er iemand van een sociaal wijkteam constateren dat deze moeder haar kind niet te eten kan geven, dan bestaat de kans dat het voor veel gemeenschapsgeld onder toezicht wordt gesteld. Goedkoper en menselijker: help zo’n gezin met regelmaat aan een volle boodschappentas.

Een democratie zonder sociale grondrechten is een lege huls. En armoede is een voedingsbodem voor allerlei extremisme dat de democratie bedreigt.

Harriët Duurvoort

null Beeld Jos Collignon
Beeld Jos Collignon

De toekomst en de opstand van Eva

De Atheense leider Perikles bracht lang voor Christus een ode aan democratie, eiste de rol van de uitvinders van democratie voor de Grieken op, sloeg zich bij iedere nieuwe zin harder op de borst en bewees daarmee dat mannen leugenaars zijn. Maar de waarheid heeft veel kenmerken en een ervan is dat die vroeg of laat haar gezicht laat zien.

Het is tijd om de tweeënhalfduizend jaar verstopte waarheid uit te spreken. Hier komt die en wel in een nieuwe, voor de waarheid gereserveerde alinea.

De uitvinder van democratie is Eva. Die liet zich niet gek maken door verhalen dat ze gemaakt is van de rib van die gast bij haar. Een dijk van een vrouw die het dictatoriale regime dat uit de hemelen kwam niet meer kon verdragen en de allereerste democratische woorden uitspraak: ‘Adam, luister, alle gekkigheid op een stokje, moeten we niet eens praten over die appel die de hele tijd naar ons lonkt…’

Democratie is de opstand van Eva tegen de dictators en de tirannen die haar de appel en de

levensvreugde wilden ontnemen. Maak je je zorgen om de toekomst van democratie, kijk om je heen, zie de kleindochters van Eva en wees gerust.

Erdal Balci

*

null Beeld Gummbah
Beeld Gummbah

Schrijf erover!

Af en toe bezoek ik een bijeenkomst van Forum voor Democratie, en telkens bekruipt me dezelfde aarzeling. Schrijf er niet over, hoor ik van mezelf en anderen, ze zijn het niet waard. Elke letter van elke column hijst ze hoger op hun schouwtoneel.

Wat valt er ook te schrijven over een maandagavond in Scherpenzeel, waar Tweede Kamerlid Van Houwelingen nerveus begon aan zijn powerpointpresentatie. Het partycentrum was vrijwel uitverkocht, van overal waren de fans gekomen, van Doetinchem en Leeuwarden en Maastricht. Daaromheen dartelde goedgeklede partijjeugd, die enthousiast aan elkaar zat te plukken.

Van Houwelingen vertelde als een verlegen wetenschapper, verbaasd over zichzelf en de wereld, overeind gehouden door zijn lengte. Hij zei niets alarmerends. Niets dat de bedoelingen blootlegde van de antidemocratie waarvan hij boegbeeld is. Niets nieuws.

Zijn gehoor stelde vragen, vaak vermomde meningen die Van Houwelingen beaamde en waarop hij telkens hetzelfde antwoord gaf. Niemand in de Tweede Kamer luistert naar mij, zei hij. Steeds weer. ‘Ze luisteren niet.’ Zijn wangen gloeiden en hij haalde een verborgen woede tevoorschijn, begon over eigen scholen en een eigen munt, en kreeg applaus dat hem nog meer deed blozen.

Handig jongleerde hij met zijn populariteit, deelde handtekeningen uit. Twee maanden later begon hij in de Tweede Kamer over tribunalen.

Antidemocraten bestaan ook zonder columnisten. Schrijf erover, zeg ik mezelf. Schrijf erover!

Toine Heijmans

*

Gelijkheidsprincipe

Bij een voorgaande columnistenmarathon had ik een meningsverschilletje met de eindredactie. Mijn column was langer dan de voorgeschreven tweehonderd woorden – en dat mocht niet. ‘Past hij daadwerkelijk niet?’, informeerde ik bij de dienstdoende eindredacteur. Ik wist namelijk dat ik gemiddeld kortere woorden gebruik dan talloze collega’s, zeker omdat ik veelvuldig priemgetallen en cijfercombinaties opsom. Zowel ‘7’, ‘arbeidsongeschiktheidsverzekering’ als ‘meervoudigepersoonlijkheidsstoornis’ tellen als één woord. Mijn tegenargumenten werden gediskwalificeerd: ‘Alle columnisten zijn gelijk en hebben recht op tweehonderd woorden.’

Deze controlemaniak kortte mijn columnistenmarathoncolumn genadeloos in. Vervolgens verscheen die naast een column van tweehonderd woorden die anderhalf keer zo lang was als mijn verhandelingetje. Ik wenste mijn breedsprakige collega en zijn ellenlange, opgezwollen, bombastische woorden een enkele reis richting Gasselterboerveenschemond. (Ik wilde eerst Llanfairpwllgwyngyllgogerychwyrndrobwllllantysiliogogogoch schrijven, maar ik moet deze column ook hardop voordragen bij de columnistenmarathon.)

Ook oneerlijk: Aaf Brandt Corstius en Sander Schimmelpenninck pakken met hun namen veel meer ruimte dan Eva Hoeke en Joost Zaat. Tijd voor represaillemaatregelen! Bij deze gelegenheidscolumn buitte ik mijn tweehonderd woorden superpietepeuterig uit met een bovengemiddelde hoeveelheid zeslettergrepige samenstellingen.

Zo gaat het ook in een democratie. Gelijkheidsprincipes zijn prachtig, maar als je iedereen dezelfde rechten geeft, betekent dat nog niet dat iedereen ook hetzelfde krijgt.

Ionica Smeets

*

Altijd de belofte van effectieve tegenmacht

Drie hoeraatjes voor de democratie? Vergeet dat maar. Haar grootste succes én handicap is haar banaliteit: ze is zo gewoon geworden dat we haar voor lief nemen. Klagen mag, prijzen niet. Over democratie schrijven is ook lastig. Het begrip heeft elke sensualiteit verloren, zoals zoveel woorden die volgens schrijver Pascal Mercier door de media tot doodse en steriele formules zijn gemaakt.

Laten we de democratie weer tot leven wekken. Zij kan intens zijn. De Britten leverden een hartstochtelijk en krankzinnig gevecht van vier lange jaren over de Brexit. Gekmakend zei ik toen, mooi zeg ik nu. Zo’n ingrijpend besluit was geen oekaze, maar moest een lange democratische survivaltocht afleggen met de epische schoonheid van Napoleons zwaarbevochten oversteek van de Berezina.

Democratie vormt nooit de gemakkelijkste weg, ze is rommelig, druist in tegen je inwendige dictator die orde en controle wil, ze kan gevaarlijk worden (Trump), ze kan ontaarden in schandalen. Maar altijd is er de mogelijkheid van correctie, vertrouw daarop, wil niet meteen van alles verbieden als het rauw en ruig wordt. Autocratieën pletten burgers onder het loden gewicht van de machteloosheid. Democratie daarentegen draagt altijd de belofte van effectieve tegenmacht in zich. Ze is daarom beter dan al haar alternatieven. Hoera (1x).

Arie Elshout

*

null Beeld Jip van den Toorn
Beeld Jip van den Toorn

Een nogal domme lul

Ik las een mening op internet. En ik moet zeggen: ik was het er niet mee eens. De mening werd verkondigd door een nogal domme lul. Zijn argumenten waren zwak en bovendien lelijk opgeschreven. Wat een domme lul. Moet je ’s opletten hoe eloquent ik hem op z’n plek ga zetten. Metafoortje hier, analogietje daar, relativerend grapje erbij en op internet ermee. Schaakmat, domme lul. Elk hartje voor mij betekent een middelvingertje naar hem, ik hoop dat-ie dat doorheeft.

Maar wacht, sommige mensen zijn het met die domme lul eens? Sorry, maar waar slaat dat op? Als je moet kiezen tussen mij en die domme lul, dan weet je ’t toch wel? Of ik wel weet dat er ook goede argumenten bestaan voor de mening van die domme lul? Euh, ja Gerda, dat weet ik. Maar heb je gelezen hoe hard ik ’m aanpak? Dat is toch schitterend! Je wil toch niet in het kamp van zo’n domme lul zitten?

O, nu ontwijk ík de vraag? Nu heb ik het opeens gedaan? Het moet toch niet gekker worden? Nou ja, blijkbaar raak ik een gevoelige snaar. Het houdt de gemoederen bezig. Ik heb het onderwerp toch maar mooi bespreekbaar gemaakt.

Leve de democratie!

Thomas Hogeling, de flexibele opiniemaker

*

In het Torentje (de toespraak die de minister-president volgende week zal houden)

Landgenoten,

Nederland is in de greep van een pandemie. Een pandemie van antidemocratische gebeurtenissen is uitgebroken. Burgers wier leven wordt vernield door een meedogenloze overheid. Een overheid die burgers vernedert door hen in lange rijen te laten wachten voor een loterij om schadeclaims. Partijen die een nieuwe bestuurscultuur prediken en intussen met de ruggen naar elkaar staan. Een formatie die zich in dichte mist voltrekt: een onbegrijpelijk proces met onverklaarbare uitkomst.

Een parlement waar fatsoen ten grave is gedragen. Dat alleen nog dienst doet als opnamestudio voor promotiefilmpjes die de waarheid misvormen. Met politici die niet in staat zijn over hun eigen schaduw heen te stappen en blind en doof zijn voor signalen uit de samenleving; ik noem hier geen namen, ook niet die van mezelf.

Landgenoten, houd moed. Tegen deze pandemie van antidemocratische gebeurtenissen zetten wij het middel in van groepsimmuniteit. Overigens zonder dit woord ooit te gebruiken, of er ook maar aan gedacht te hebben. Voor nu wil ik zeggen: pas als iedereen voldoende immuniteit heeft opgebouwd tegen gebeurtenissen die onze democratie bedreigen, is onze missie geslaagd.

Landgenoten, samen krijgen we de antidemocratische gebeurtenissen eronder. Leve de democratie!

Ariejan Korteweg

*

Aanstellers

Toen we met zijn allen het minst mochten, om samen het virus te beteugelen, wisten we het thuis in onze mini-democratie gelukkig perfect te vertellen.

En niet alleen wij. Zeventien miljoen virologen, als variatie op zeventien miljoen bondscoaches. Het was best spannend, onze verhouding tot de democratie. Vaak dacht ik, als iemand zijn plekje opeiste in het publieke domein: die heeft een punt, maar wat een aansteller. Doe eens even rustig.

Zelf liet ik me meedrijven op de coronagolven. Die lockdowns? Lekker rustig. Geen café, geen theater. Jammer, al viel het gemis me reuze mee. Maar dat de amateursport min of meer verdween, wekte mijn woede en ongenoegen. Dat Rutte dacht dat onderlinge partijtjes voetbal ook leuk waren voor kinderen. Dat spelers in onze oudemannenploeg kilo’s aankwamen. Dat we alleen met tweetallen mochten trainen buiten. Dat we met zijn alle naar de bouwmarkt konden, zelfs met twee linkerhanden, maar geen balletje mochten trappen tegen een ander stadje. Dat supermarkten niets van hun megawinst hoefden af te staan aan de gemeenschappelijke pot van inkomstenderving. Dat mensen in de zorg geen salarisverhoging van minimaal 20 procent kregen. Dat allemaal trok ik moeilijk. Al vond ik mezelf ook wel een aansteller, soms.

Willem Vissers

*

Leve de lente!

Leve de lente! Als we in stralend licht weer verbroederen op terrassen. Met bitterballen. Leve bitterballen!

Leve de zon die onze kille lockdownhuid verwarmt. Leve bloesem, leve gekabbel van gebabbel in de lucht. Leve koud bier. Leve serveersters. Leve een man die voorbij fietst en lacht alsof hij net iemand voorzichtig heeft gekust. Knappe man trouwens.

Leve hoop! Leve voorspoed. Leve ons geluk in de wereld. Leve onze gezondheid, ons inkomen, onze kinderen, en dat ze weer mogen blaken van plezier. Hè, gezellig hier!

Wat zijn we toch leuk en geestig en slim en goed gelukt met ons allen.

Leve alles van ons! Leve ons!

Leve de lente! Leve de lente! Het beste jaargetijde, toch? Dat weet iedereen, du-uh.

Episch dom dus dat ze in sommige landen krankzinnig lange winters hebben. Rusland! Niet te geloven!

Onze lente is superieur. Leve onze manier! Wij zijn gewoon de beste. Weg met achterlijke winters en wie daar leven.

Leve de lente! In andere jaargetijden begrijpen ze dit niet. Leve de lente! Leve ons!

En wie er anders over denkt, is een wappie.

Margriet Oostveen

*

De 70-jaar-dip

Weer deinen we mee op de seizoenen van de democratie. Zoals een eeuw geleden, toen de eerste Volkskrant verscheen in het decor van de wereldrevolutie die aanstaande leek. De Communistische Internationale veroverde terrein, maar de pacificatie van 1917 had het vuur uit de strijd gehaald. De Oranjes bleven, al waren de Romanovs onthoofd.

De 7 jaar-dip van het huwelijk treft de democratie elke zeventig jaar. 1917 was zo’n zeventig jaar na 1848 en daar zitten wij dan, dik zeventig jaar na de laatste oorlog. Je zou soms vrezen dat pas nadat er weer zeeën van gebeurtenissen door ons zijn heen gespoeld, de democratie weer fris en nieuw kan zijn. Maar dat is somberte onder minder zonlicht.

Het is tijd voor een nieuwe pacificatie, een waarin de krant in het hart van de democratie staat. Nieuwe vormen van vertegenwoordiging zijn broodnodig. Niet door referenda; de misinformatie die uitliep op de Brexit gaat als lesmateriaal de geschiedenis in. Burgers moeten direct invloed krijgen op het bestuur. Meedoen aan een burgerberaad op basis van objectieve informatie gebaseerd op feiten. Al roepen rechtspopulisten jankend de winter aan, steun voor burgerfora groeit. De Franse Republiek gaat in hoop voorop. President Macron geeft burgers inspraak in zijn klimaatbeleid. En wie zo uitziet naar het voorjaar, put graag hoop.

Marcia Luyten

*

Mark Rutte (32)

Het gebeurde op een

Kwieke zondagmiddag

Nadat hij een Mariakaakje

In de rooibosthee had gedoopt

En zijn koekje in stukken

Uiteen was gevallen

Hij voelde een staatkundige

Siddering in de lendenen

Zo zou hij gaan regeren

Als hij de baas van ‘t land was

Je presenteert iets hards en

Laat de natte brokjes aan het volk.

Johnny Ceres jr.

*

Mond open en aan de bel trekken

‘Wat kunnen we doen om onze democratie sterk te houden?’, vroeg de redacteur. Hier een gepaste quote uit de Nederlandse Oudheid: ‘Trek je mond open. Wacht niet. Wees niet bang, wees niet angstig. Je moet je mond opentrekken, want alleen dan kunnen we je helpen.’

Tja, wie had ooit gedacht dat John de Mols statement zo multi-inzetbaar zou zijn dat het niet alleen dé oplossing bleek voor grensoverschrijdend gedrag jegens vrouwen, maar ook een antwoord is op onze wankele democratie. ‘Trek gewoon je mond open joh, waar ben je nou precies bang voor?’ Nou, vooral voor de stijvepikdrift van die ene enge producent, voor de man die mij vorige maand uitschold voor nigger, voor Erica Meiland met d’r hidjab-angst als lijstduwer en voor de eerste keer poepen bij een nieuwe geliefde. Maar verder ben ik oké.

Afijn, die wankele democratie moet weer in evenwicht. Zouden De Mols woorden toch nog houvast bieden? Of blijkt ‘aan de bel trekken’ lang niet zo gemakkelijk als het je ontbreekt aan middelen om die onnodig hoog opgehangen bel te bereiken? En als iedereen alleen maar vaker z’n mond open gaat trekken, horen we dan die vergeten bel van onze onderburen nog wel?

Joy Delima

*

Er zijn grenzen

O doorluchtige Pieter Klok, onze leider,

Veel dank voor de uitnodiging deel te nemen aan deze columnistenmarathon. Een uitzonderlijke eer. Helaas moet ik mij, wat aan de late kant misschien, afmelden. Het grootste deel van mij was er graag bij geweest, maar een coalitie van tijdgebrek en angst verhindert mijn deelname.

Er zijn meer bezwaren. Die zal ik hier noemen, al realiseer ik me dat de macht niet graag wordt uitgedaagd. De keuze voor het thema is buiten mij om gemaakt – anders was mijn stem zeker op een ánder onderwerp gevallen. Helaas weten we, sinds The Voice, dat je stem soms minder belangrijk is dan je denkt.

Daarnaast zijn ook de volgorde van de sprekers, de plaats van handeling en het maximumaantal woorden op volstrekt ondemocratische wijze tot stand gekomen. Uiterst griezelig. Zeg ik daarmee dat de Volkskrant een dictatuur is? Nee. Maar laat ik het zo formuleren: zelfs de Fifa zou een WK op de Jacob Bontiusplaats waar de Volkskrant kantoor houdt nooit toestaan. Er zijn grenzen.

Tot slot protesteer ik, met alle risico’s van dien, tegen het woord Columnistenmarathon, aangezien het hier een Columnistenestafette betreft.

De marathon loopt de lezer – elke dag opnieuw.

In afwachting van mijn onverklaarbare vermissing wens ik jullie een heerlijke middag.

Groetjes!

Frank Heinen

*

Uit: Democratie, ik hou van je, van Hugo De Jonge (2026, uitgeverij Cloaca, 846 blz.)

Dan kom ik nu bij de vraag: wat ís democratie dan eigenlijk? Het lastige daarbij is natuurlijk dat een complex en meerduidig begrip als democratie niet met een schaartje te knippen is. Dan kun je zeggen, neem een ander instrument, maar als je dat dan doet, bij wijze van gedachte-experiment, en je probeert het begrip democratie te knippen met laten we zeggen een betonschaar, of een heggenschaar of een kartelschaar, of je gaat het te lijf met een snijbrander of zelfs een thermische lans, of zo’n hydraulische schaar waarmee ze mensen uit autowrakken knippen, wat ik altijd een enorm dramatisch gezicht vindt, omdat je je dan realiseert dat ook dát democratie is, dat, dus, maar – enfin.

Raadplegen wij het woordenboek, dan zien wij dat daar ont-zet-tend veel woorden in staan! Democratie is er daar maar één van! Of zoals ik weleens zeg: je kunt de democratie uit de mensen halen, maar de mensen niet uit de democratie. De democratie gaat niet op vakantie, de democratie heeft geen adres, de democratie heeft geen jas aan, geen pet op en geen sjaal om. Wij vergeten dat weleens, dus het is goed om onszelf daaraan te herinneren.

Mensen vragen mij soms: waarom heb je als minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening eigenlijk vierhonderdduizend woningen gesloopt, in plaats van gebouwd? Het lijkt met elkaar in tegenspraak, maar dat is het niet. Want ook dát is democratie! In het volgende hoofdstuk zal ik dat uitleggen.

Jan Kuitenbrouwer

*

The voice of Holland

Democratie, je hoort er wel eens goede geluiden over. Ik weet het zo net nog niet. Waar het volk regeert, gebeuren de ergste ongelukken.

Voor je het weet wordt de stem van het volk verheven tot The voice of Holland, en baar je een monsterlijk gedrocht dat enkel wanklanken produceert. We weten allemaal tot welke verschrikkingen dat in de recente geschiedenis heeft geleid.

Wie luistert naar de stem van het volk, plempt voor je het weet de televisie vol met voetballers, slechts afgewisseld door Ab Osterhaus en Angela de Jong. Schuiven verpleegsters Natasja Froger, Rachel Hazes en Caroline van der Plas een po onder je reet voor een SBS-serie over ‘BN’ers in de zorg’ en wordt dit schrijnende gevolg van de bezuinigingen op de verslavingszorg voor aandachtsjunkies elke avond nabesproken met de Meilandjes, met hun net uitgebrachte biografieën prominent in beeld.

Voor je het weet, vindt het volk iets op andere platforms, waar het met onwelriekende adem z’n onverteerbare boerenbaksels uitbraakt. Soms schrik ik zwetend wakker van de valse geluiden, eindeloos echoënd tegen de betonnen wanden van het riool. Dat krijg je ervan, als je denkt dat The voice of Holland ook maar iets met muziek te maken heeft.

Jean-Pierre Geelen

Disasterdemocratie

Mijn complottheorie is veel plausibeler dan al die andere. Hoe het echt zit met het coronavirus: het is bedacht op de klimaattop. Dat ging als volgt: onze wereldleiders waren aan het babbelen over het milieu en iedereen was het erover eens dat het tijd was voor actie. Al die jaren van beloften, handdrukken en afspraken hebben immers bar weinig uitgehaald voor het klimaat.

Democratisch valt zoiets niet op te lossen, moeten ze geconcludeerd hebben, want als straks de aarde goeddeels onbewoonbaar is geworden door hitte en stijgende zeespiegels, is rustig stemmen wie de laatste stukjes bewoonbare planeet krijgen, er natuurlijk niet bij. Het wordt gewoon een ren-je-rot-en-red-jezelfcircus; een mens is immers ook maar een dier met zoveel decorum als de situatie toelaat.

Maar die wereldleiders zijn niet zo dom als ze zich voordoen, dus die dachten: we zullen harde keuzen moeten maken, maar hoe laten we het volk wennen aan een niet-democratische bestuursvorm zonder een volksopstand teweeg te brengen? Juist, we introduceren een virus, om te oefenen. Het volk went dan middels rigoureuze beleidskeuzen – allemaal een mondkapje! Alle winkels dicht! Iedereen om 20.00 uur binnen! – geleidelijk aan de catastrofocratie en zo komt straks, als Nederland onderloopt, alles toch nog goed.

Rinske van de Goor

*

De scherven lijken onlijmbaar

Van de hoofdredactie begreep ik dat in de begindagen van de Volkskrant de angst bestond dat de katholieke arbeiders zouden bezwijken voor de verleidingen van het communisme, en daarmee de democratie zou sneuvelen. Die angst is lange tijd weggeweest, om nu weer volledig terug te zijn. Al heet de autoritaire verleiding nu anders. De grote vraag is: waren de welvarende 75 jaar na de Tweede Wereldoorlog nu de regel of de uitzondering?

Vóór de Tweede Wereldoorlog was er immers een tijd waarin revoluties, sterke leiders, propaganda en polarisatie de norm waren. Daarna was er in de media en politiek daarna een gedeelde waarheid en consensus over de liberale democratie, rechtsstaat en Westerse Waarden. Er was één nationaal debat.

Dat debat is er niet meer; door de ontwrichtende sociale media zijn argumenten, feiten en realiteiten gefragmenteerd geraakt. De scherven lijken onlijmbaar. Voor ons Nederlanders nieuw en angstaanjagend, net als het nihilisme van de nieuwe antidemocraten. Liberale democratieën vergen onderhoud en investeringen, en een geduldige uitleg van de complexiteit van de wereld. Die verantwoordelijkheid gold toen, en geldt nu (weer). De technologische ontwikkelingen maken echter dat we een stuk minder pretenties kunnen koesteren over onze invloed op een goede afloop dan toen.

Sander Schimmelpenninck

*

Trollen

Terwijl op het Museumplein een politiehond een happie uit een wappie nam, viel mijn oog op iets anders: een hap die mediabedrijf Twitter uit mijn tijdlijn had genomen. Ik had ontdekt dat een van de demonstranten een nepfoto verspreidde en uitgelegd waaraan je dat kon zien. Waarna Twitter besloot de foto te verwijderen. Met als gevolg dat mijn uitleg verwees naar een grote, gapende, lege plek.

Mooi is dat. Hoe moet ik nou op corona-onzin wijzen als Twitter onzin weghaalt? Ooit zullen onze nakomelingen denken dat Donald Trump niet aan sociale media deed, dat Willem Engel gewoon een dansleraar was en dat Thierry Baudet alleen twitterde over kunst en literatuur. Ze zullen zeggen: desinformatie, nepfoto’s? Allemaal verzinsels, van MSM-types zoals die Keulemans.

Zouden die jongens in Silicon Valley – het zijn altijd jongens – wel snappen dat de vrije uitwisseling van ideeën, ook die van totaalmalloten uit het sprookjesbos, de zuurstof is van een democratie? En dat het wegjorissen van berichten het wonderpokon is waarop populisme gedijt: zie je nou wel, één grote samenzwering, we worden gecanceld?

En wij ons maar opwinden over China en Rusland. De echte trollen komen uit Silicon Valley, en kijken allang over onze schouder mee.

Maarten Keulemans

*

Levende democratie

Op een herfstige winterdag werd ik gebeld door Maurits van de Volkskrant. Of ik een korte column wilde schrijven over een specifiek thema. Dat thema, zo vertelde Maurits door de telefoon, luidde ‘Levende democratie’. Het waaide hard.

Ik vond het een goed gekozen thema, heel erg van deze tijd ook. Om ons heen zie je landen waar de democratie steeds verder afbrokkelt: Hongarije, Turkije, Rusland, Hongkong, India, ja zelfs de Verenigde Staten. Als eilanden van Kiribati zakken ze geleidelijk onder de zeespiegel van het vrije verstand.

Ik ging er altijd van uit dat democratie volgens een groeiende lijn ging, of op zijn minst een consistent rechte lijn, en niet een bergparabool waar al binnen één generatie de afdaling wordt ingezet, zoals in Oost-Europa. Maar in een rapport van de Amerikaanse ngo Freedom House las ik dat we in een ‘lange democratische recessie’ zitten. Die zag ik eerlijk gezegd niet aankomen. Maar goed, de Kiribati’s hadden waarschijnlijk ook nooit gedacht dat hun land in Atlantis zou veranderen.

De democratie moet zich op dit moment voelen als een covidpatiënt aan de beademing. Alles doet het nog, maar het gaat niet vanzelf. Nu maar afwachten hoe de patiënt er uitkomt.

P.s. Ik bleek Maurits verkeerd te hebben verstaan. Het thema was niet ‘Levende democratie’, maar ‘Leve de democratie’. Daar ben ik ook voor.

Arno Kantelberg

*

Dictatuur

Onze dochter Leah (4) is nogal talig, nog voor haar eerste verjaardag sprak ze in volzinnen. Dat is verder geen verdienste, de een kan dít en de ander kan dát en ook voor later zegt het niet veel, maar we hebben ons er wel altijd uitstekend mee geamuseerd. ‘Zeg eens democratie’, zeiden we dan, en dan zei ze dat, zonder de minste hapering, en het was juist het gapende gat tussen dat kleine meisje en dat grote woord dat het zo geestig maakte.

Ze wist uiteraard niet wat het betekent. Dat geldt voor wel meer mensen, niet alleen van haar leeftijd. Ik wil daar niet te nuffig over doen, want ik heb zelf ook lang gedacht dat democratie het equivalent is voor de-meeste-stemmen-gelden. Pas later begreep ik dat je het woord ‘meeste’ moet vervangen door alle. Dat weet Leah nu ook.

Bij ons thuis zijn we met zijn vijven, een meerderheid in het kinderkamp behalen is trouwens überhaupt niet mogelijk, want de vijfde is een baby. Maar dat hoeft dus ook niet. En dus draagt Leah glitternagellak en gaat ze soms toch op regenlaarzen aan naar school. Laatst heeft ze zelfs luidkeels de optie om alsnog naar Arnhem te verhuizen gevetood, we leren haar nu het woord dictatuur.

Eva Hoeke

*

Van Gaal, de leider

Over het leiderschap van voetbaltrainer Louis van Gaal is al veel gezegd, door Louis van Gaal in de eerste plaats. Hij praat graag over het onderwerp. En over zichzelf.

Als trainer gaat het om leiderschap en inzicht in het spel, zei hij vorig jaar. ‘Ik kan moeilijk zeggen dat ik die niet heb’, concludeerde hij. Nog een goeie: ‘Nederlanders denken het altijd beter te weten. Ik denk het ook beter te weten, maar ik heb er verstand van, dat is het verschil.’ Hij kiest voor ‘democratisch leiderschap’, wat erop neerkomt dat hij luistert naar zijn assistenten en spelers en vervolgens een besluit neemt – een goede volgorde.

De leider Van Gaal is van alle markten thuis. Voor een coronacrisis draait hij zijn hand niet om. In een analyse van de manier waarop de regering de pandemie probeert in te dammen, stelde hij vast dat premier Rutte er weinig van bakt, door een gebrek aan leiderschap. Hij zou het allemaal heel anders hebben gedaan, als leider.

De Groningse muzikant Meindert Talma bracht in zijn lied Ik ben Louis van Gaal de boodschap dat Louis van Gaal niet God is, maar Louis van Gaal. Dat is juist, maar hij is tenminste onder ons en je kunt nog met hem lachen ook.

Paul Onkenhout

*

Apie

Onze geschiedenisleraar had de bijnaam Apie. Bijnamen zijn vaak even genadeloos als raak, en dit was er zo een. Apie was behaard. Overal kwamen dikke, zwarte haren uit, zijn nek, zijn oren, zijn neusgaten, zijn vingerkootjes. Hij had een ingevallen gezicht en deed wel pogingen om zich te scheren, maar altijd tevergeefs.

Apie stak zijn stakerige armen de lucht in en riep met scherpe stem: ‘De boulè!’ Het was de eerste klas dus hij behandelde de Griekse democratie. De boulè was de ouderenvergadering.

Wij zaten in de klas omdat we in de klas moesten zitten. Aan de ouderenvergadering dachten we nooit. Het was 1968, de revolutie was niet ver meer, en ouderen moesten dood. Net als nu eigenlijk, al zeg ik erbij dat destijds iedereen die voorbij de 30 was, als oud gold.

Apie stond daar en riep: ‘De ekklesia!’ Dat was de vergadering van burgers. De hele klas keek glazig terug. Tot slot riep hij, armen omhoog: ‘Ostracisme!’ Schervengericht. Elke oude Griek kon op een potscherf de naam krassen van een andere oude Griek die hem niet beviel, met het doel die persoon te verbannen. De klas leefde op. Al snel gingen er briefjes rond met namen van leraren erop. Daar konden we wel wat mee, met die democratie.

Martin Sommer

*

Democratisch besloten!

Het was 1980. Ik liep stage op een hbo-opleiding voor sociaal en cultureel werk, om mijn lesbevoegdheid te halen. De school, bevolkt door jongens en meisjes uit de betere kringen, was gevestigd in enkele statige villa’s, omringd door een weelderige tuin.

Het waren lieve 17-jarigen, de eerstejaars. Ze droegen gescheurde kleren, paperclips door hun oortjes en boven hun blozende wangen met babyvet torenden paarse hanekammen. Ze probeerden dapper hun bekakte accent kwijt te raken, en oefenden zich in permanent boos kijken. De wereld ging naar de klote. De bom zou vallen. Zij zouden de ingedutte mens, met chips voor de tv, eens wakker schudden.

Bloednerveus begon ik aan mijn eerste les, van minuut tot minuut voorbereid. Iets over effectieve communicatie ofzo. Na vijf minuten stond een jongen op, hij had een voorstel. Het was mooi weer, we konden de les beter in de tuin voortzetten, bulderde hij. Alle handen gingen omhoog. ‘Voorstel democratisch aangenomen!’, sprak de leider. Juichend buitelden de kinderen naar buiten. Even later plopten de kurken van de bierflesjes en ging de joint rond, en lagen ze omstrengeld in het gras. Ik zat ertussen, stilgevallen. Ik voelde me 80. En ik had iets geleerd. Democratie, van alle systemen het meest wenselijke, betekent dat anderen beslissen wat jij vreest.

Aleid Truijens

*

Plato, Churchill en de oplossing

Een beschouwing over democratie in 200 woorden kan niet. Je moet beginnen met Plato en Churchill citeren. Ben je de helft van je quotum al kwijt en nog niet aan je eigen opvattingen toegekomen, waarvoor nog een woordje of tachtig resteren. Daarin moet je wijzen op de zwakten van de democratie, concluderen dat er grote gevaren aan kleven, dat psychopaten er zomaar mee aan de haal kunnen gaan (voorbeelden noemen) en dat de democratie een godsgeschenk is voor wie haar wil afschaffen (cynische opmerking ‘Leve de democratie!’, terugverwijzen naar Plato).

Waarna je met een oplossing zult moeten komen en er nog vijftien woorden resteren om een alternatief systeem te schetsen waarin genoemde gevaren met behoud van democratie worden ondervangen, want dat moet het uitgangspunt zijn (Churchill!) en waarin je niet ontkomt aan het woord ‘referendum’ en kunt refereren aan Van Reybroucks ideeën over nieuwe democratische vormen – kort, want je hebt nog maar zeven woorden.

Zeggen dat je een volgende keer terugkomt op de corrumperende invloed van lobby’s en geld. Even aanstippen dat groeiende kloof tussen haves en havenots én toenemend wantrouwen jegens overheid de democratie ondergraven, maar voor oplossing verwijzen naar voorgenomen serie ‘Leve de democratie!’ in Opinie.

Bert Wagendorp

*

Anderonderschatting

Je hebt mensen die graag kijken naar filmpjes van objecten onder een hydraulische pers. Bijvoorbeeld een kaars – onder druk verliest die zijn vorm, er ontstaan uitstulpingen, tot hij helemaal, maar dan ook helemaal, platgedrukt wordt.

Ik weet dat deze mensen bestaan, omdat ik zelf zo af en toe graag mag kijken naar dit soort filmpjes. Ik heb er ook nog voorkeuren in. Een meloen onder een pers vind ik niet leuk, maar winegums in verdrukking, daar kan ik van genieten. Dit is niet makkelijk om toe te geven, merk ik, maar nu heb ik het al gedaan.

Die filmpjes – ik weet niet precies wat ik er ‘uit krijg’, om het maar eens modern te zeggen. Het is niet dat ik zelf vernielzuchtig ben. Toch denk ik dat de andere fans van hydraulische-persfilmpjes heel goed seriemoordenaars zouden kunnen zijn, of sadistische dierenmishandelaars.

Iedereen overschat zichzelf en onderschat de ander. Ik denk dat ik daar minder last van heb dan andere mensen, maar ook dat is een vorm van zelfoverschatting.

Vanwege dit ingewikkelde en half-ontkende systeem van zelfoverschatting en anderonderschatting is het fijn te bedenken dat er momenten zijn dat je in een hokje een rondje rood mag kleuren en dat je daarbij weet dat jij niets meer waard bent dan een ander.

Paulien Cornelisse

*

Leve de gezelligheid!

Natuurlijk is democratie belangrijk. Het is doodeng wat er in Rusland en China gebeurt en ook in Amerika zijn ze niet helemaal fris bezig, maar eerlijk gezegd interesseert die hele democratie mij geen lor. Het is zó saai! Zelfs onze hoofdredacteur schreef in zijn opdracht voor deze bijlage: ‘Het is zeker niet de bedoeling dat jullie allemaal topzware beschouwingen produceren. Humor en zelfrelativering zijn in een democratie misschien wel het allerbelangrijkst.’ En ons dan met zo’n onderwerp opzadelen! Lekker, Klok.

Gezelligheid is veel belangrijker dan democratie. Dat we gewoon doen met z’n allen, en dat we het leuk houden. Dat we naast elkaar gaan staan, in plaats van tegenover elkaar. Dat we tegenstellingen niet uitvergroten, maar wegmasseren. Dat we niet klagen over discriminatie, maar onze stinkende best doen en ons invechten. Dat we niet protesteren als onze huizen instorten door gaswinning, maar lachen als Rutte onze provincie ook wel geschikt vindt voor een nieuwe kerncentrale. Dat we al die aandacht voor de Toeslagenaffaire overdreven vinden, omdat wij nooit toeslagen hebben ontvangen en we genieten van ons boomerhuis en ons boomerpensioen. Het leven is te kort voor politiek. Samen bier drinken en alles weglachen, dát is belangrijk! Niet zo moeilijk en ongezellig doen allemaal. Leve de gezelligheid, leve de democratie!

Teun van de Keuken

*

Bloemkool

Ik kook hier elke dag het eten. Heel af en toe weet ik niet wat ik nu weer eens koken zal. Dan vraag ik aan mijn huisgenoten: ‘Wat willen jullie vanavond eten?’ Mijn jongste zoon zegt dan ‘pizza’. Dat zal niet gaan, want mijn dochter heeft het pizza-oventje meegenomen toen ze uit huis ging.

Mijn middelste zoon antwoordt bijna altijd ‘tandoori-kip met pilav en sinaasappelsalade’. Dat is inderdaad lekker, alleen heb ik het inmiddels zo vaak gekookt en gegeten dat ik er geen zin meer in heb.

Aan huisgenoot P. heb ik ook niets. Hij kijkt wazig op uit zijn krant. Hij denkt heel diep na, of doet althans alsof. En dan antwoordt hij, altijd, zonder uitzondering, parmantig als iemand die het antwoord op een heel moeilijke quizvraag weet: ‘Bloemkool met een varkenshaasje.’

Wij eten nooit bloemkool met een varkenshaasje. Ik denk dat ik voor het laatst bloemkool met een varkenshaasje heb gegeten in de jaren zeventig, bij mijn oma. Ik heb, kortom, niets aan mijn huisgenoten. Maar aan de positieve kant: na hun waardeloze antwoorden komt er meestal vanzelf een gerecht in me op dat ik wél wil koken.

Zo heb je, langs een omweg, toch nog wel iets aan democratie.

Sylvia Witteman

*

Samengevat

Sheila Sitalsing (leuk stukje), Micha Wertheim (geestig stukje), Kustaw Bessems (goed stukje), Willem Vissers (leuk stukje, mooie metafoor), Peter de Waard (interessant stukje), Arie Elshout (taai stukje), Aaf Brandt Corstius (leuk, herkenbaar stukje), Sander Donkers (ook herkenbaar, ook wel leuk), Margriet Oostveen (apart stukje), Martin Sommer (niet erg herkenbaar stukje), Sylvia Witteman (handige winkel, leuk geschreven), Teun van de Keuken (terechte ergernis, doe gewoon normaal), Aleid Truijens (beetje makkelijk stukje), Max Pam (beetje vies stukje), Loes Reijmer (belachelijk inderdaad), Frank Heinen (mooi stukje), Peter Middendorp (ook mooi stukje), die huisarts met dat vrolijke shirt en die stethoscoop om z’n nek (leerzaam stukje), Asha ten Broeke (niet superleuk maar wel goed stukje), Paul Onkenhout (prima), Sander Schimmelpenninck (zal iedereen wel weer het allerbeste stukje vinden terwijl als wij zo’n stukje zouden schrijven dan hoor je niemand maar omdat hij heel knap is en van adel is, is het opeens van: oooh, wat een goed stukje), Bert Wagendorp (vintage bertstukje), Ariejan Korteweg (leuke naam), Eva Hoeke (niet helemaal gelezen maar stukje dat we gelezen hebben was heel leuk stukje), Maarten Keulemans (stukje van het jaar), Harriet Duurvoort (stukje), Toine Heijmans (stukje zeilen), Arno Kantelberg (leuk stukje, jammer van dat anderen de maat nemen).

De Betrouwbare Mannetjes

*

Uit het slop

Ik heb iets bedacht dat de democratie uit het slop kan halen.

Drie maanden van mijn leven heb ik in een bedrijf gewerkt, ik verscheen om 9:00 uur en vertrok om 17:00 uur. Daar heb ik ontdekt dat er twee soorten werknemers zijn. Je hebt de probleemoplossers. Je legt ze iets voor, ze staren even voor zich uit en beginnen te zoeken naar een oplossing. En je hebt de carrièremakers. Die houden de boot af, tot ze credit kunnen opeisen voor de oplossing van het probleem. Dat zijn de mensen die in alle sectoren van de samenleving komen bovendrijven. Maar vooral in de politiek.

Politici jongleren met belangen. Ze wegen belangen van het bedrijfsleven en van pressiegroepen tegen elkaar af, ze spelen ze tegen elkaar uit, ondertussen het belang van henzelf en hun partij in de gaten houdend. Je moet daarvoor talent hebben, maar geen kennis van zaken. In dit kabinet zitten er heel wat zonder benul van het ministerie dat ze leiden.

Mijn voorstel is: aan het hoofd van alle ministeries een tweemanschap van een vakbekwame probleemoplosser en een bedreven politicus. Ze sparren de hele dag, zitten naast elkaar op vergaderingen. Misschien moet er nog een derde bij die verstand heeft van uitvoering.

Hans Aarsman

*

Vergeten groep

Ze zijn een wat onzichtbare groep en ze verdienen meer aandacht. In ieders belang, want ze vormen een bedreiging voor de democratische rechtsstaat.

Zij dragen geen gele hesjes en staan ook niet op het Museumplein. Toch laten ze soms merken dat ze er zijn. Ze schrijven bijvoorbeeld in brieven aan de krant dat zij nooit met toeslagen te maken hebben. Of dat ze de redactie te zuur vinden. Onder Volkskrant-lezers lijken ze oververtegenwoordigd. En ze zijn een doorslaggevende factor bij verkiezingen.

Je kunt ze de maatschappelijk tevredenen noemen. Gekenmerkt door een overschot aan vertrouwen in de politiek, vooral de zittende macht. Ze zeggen dingen als ‘Rutte doet het toch maar’, zwaaien met boeken over deugende mensen en klappen in hun zachte handen voor protest tegen een vermeende afrekencultuur.

We moeten hen niet veroordelen of wegzetten. Dan zullen ze hun hakken meer in het zand zetten en ze zijn al zo behoudend. Ze zijn doorgaans welvarend, dus ze hebben weinig om naar te streven en veel te verliezen.

Dat deze groep moeilijk wordt bereikt en in een feitenvrije bubbel kan verkeren, moeten journalisten zich aanrekenen. Het is niet gelukt de werkelijkheid goed over te brengen of voldoende empathie te kweken. Hier ligt een forse opdracht.

Kustaw Bessems

*

Verkiesbaar

Vaak heb ik niet gehuild op de middelbare school, maar één huilbui herinner ik me levendig. We zitten in het geschiedenislokaal en een oefening in debatteren is uitgemond in een publieke ruzie met een vriendin. Zij heeft de armen over elkaar gevouwen, ik beantwoord haar bokkigheid met wat je ‘een emotionele debatstijl’ zou kunnen noemen.

Waar het over ging? Vermoedelijk iets als ‘gratis wasmachines voor bijstandsmoeders’, want dat was het begin- en eindpunt van mijn puberaal idealisme. Als ik destijds was gevraagd naar een oplossing voor de honger in Afrika, had ik ‘wasmachines voor bijstandsmoeders’ geantwoord.

Ik kwam uit een minimagezin, elke maand zat ik met het SP-partijblad De Tribune op schoot vlijtig mijn wereldbeeld bij elkaar te spellen. Zij kwam uit een ondernemersnest, De Telegraaf lag op de keukentafel. De rechtse mens: voordat we vriendinnen werden, kende ik die alleen van tv.

Sinds we de politiek iets te persoonlijk hadden laten worden, meden we het onderwerp. Ondanks, of misschien dankzij, dat stilzwijgen bleven we vriendinnen. Vijf jaar geleden was ik getuige op haar huwelijk, vier jaar geleden werd ze moeder van een zoon met zwaar autisme. Nu gaat het er weer wat vaker over. Over hoe zij als hardwerkende vrouw wordt verdrukt door een systeem dat ervan uitgaat dat ouders van zorgintensieve kinderen thuisblijven. En dat die ervaringen ertoe hebben geleid dat ze in maart verkiesbaar is voor de gemeenteraad in de stad waar we ooit huilend tegenover elkaar zaten.

Die vermaledijde vroem-vroempartij mag zich gelukkig prijzen.

Loes Reijmer

*

Liefde en de paukenslag

In tweehonderd woorden een ode brengen aan de democratie is zoiets als de liefde bezingen in één noot en een paukenslag. Aaa…boem!

Meer kan het niet zijn. Alleen de jongen die sneller klaar kwam dan Vestdijk schrijven kon, heeft het voor elkaar gekregen. Reeds Godfried Bomans heeft opgemerkt dat je in de liefde de daad moet vergelijken met de paukenslag. Zo zijn in een democratie de verkiezingen een klap op de vuurpijl. Als je wilt weten wat democratie vooral niet is, luister dan naar vadertje Stalin. Hij zei: ‘Zij die de stemmen uitbrengen, gaan nergens over. Zij die de stemmen tellen, gaan overal over.’

Soms zijn degenen die de stemmen tellen zo machtig dat uw stemmen niet eens geteld hoeven worden. U mag in Nederland uw staatshoofd, uw premier, uw burgemeester, uw politiechef, uw rechter, uw jurylid, uw commissaris der Koning, uw (vice)voorzitter van de Raad van State, uw hoofdredacteur, het schoolhoofd van uw kinderen en uw loodgieter ook niet zelf kiezen, dus wat zeurt u nou? Ja, uw echtgenoot of echtgenote mag u vrijelijk uitzoeken, maar als u van hem/haar af wilt, staat u weer tegenover een advocaat die u ook niet heeft gekozen. Toch mag je over de democratie niet cynisch zijn, net zo min als over de liefde.

Max Pam