ColumnJean-Pierre Geelen

De begrijpelijke bokkigheid van Johan Remkes zal olie op het vuur zijn

null Beeld

Is het hier oorlog? Ja dus. Dit frontbericht is onder het bureau geschreven, bij het aanzwellende geluid van sirenes en gebrom van de politiehelikopter boven de conflictzone Duindorp – luttele voetstappen van mijn schrijfplek vandaan. Zonder kleerscheuren heb ik een voedselpakket kunnen inslaan bij de supermarkt. In de zone zelf geldt de noodtoestand, de schermutselingen kunnen volgens waarnemers de hele maand voortduren.

Den Haag, je tikt ertegen en het ontploft. Tussenstand: dertien aanhoudingen, huiszoekingen, de kerstboomverkoper heeft zijn biezen gepakt, de kinderopvang sloot de deuren vroeger, uit angst voor de avondklok.

De brandhaard is de erfenis van Pauline Krikke. Hoe zou het met haar zijn? Online is ze in rook opgegaan: haar laatste tweet dateert van tweeënhalf jaar geleden, haar Instagram-account is opgeheven. Ze zit er ongetwijfeld warmpjes bij met welverdiend wachtgeld – tegen dat affakkelrisico was de Haagse burgemeester in elk geval prima verzekerd.

Had zij vorig jaar niet weggekeken en wel tijdig ingegrepen, dan was Scheveningen niet maar net aan een ramp ontsnapt. Had zij daags na het inferno empathie met de geschrokken bevolking getoond, dan had ze het smeulende ongenoegen kunnen blussen. Had zij eerder conclusies durven trekken, dan hadden Duindorpers en Scheveningers nu misschien wél aan de strengere veiligheidseisen kunnen voldoen. Ze wachtte tot haar onhoudbaarheid, en verspilde zo kostbare tijd die de oorlog had kunnen voorkomen.

Tot zover het tribunaal. Gaat de Duindorper dan vrijuit? Natuurlijk niet. Een uithoek is het wijkje altijd geweest. Begonnen als vissersdorp, kort na de oorlog een interneringskamp voor NSB’ers en ander geboefte, nu een ‘witte enclave’ die draait om het jaarlijkse vreugdevuur. Doof het, en de vlammen laaien op. De begrijpelijke bokkigheid van Johan Remkes zal olie op het vuur zijn.

Sociaal historicus Marlou Schrover schetste acht jaar geleden in deze krant hoe Scheveningse ‘straatbengels’ al in 1905 trams bestormden. In de jaren vijftig werd het ‘agentje pesten’, daarna werd het alleen maar erger. Verveling, volgens Schrover. Ook deze dagen ‘verklaarden’ buurtwerkers en bewoners de onvrede uit werkloosheid en afgenomen wijkvoorzieningen.

Verveling? Duindorp is een aangespoelde parel. Vóór je de horizon, de zee, z’n betoverende luchten, de duinen (een beschermd Natura 2000-gebied) en in zonniger tijden strandtenten op loopafstand. Achter je de stad – niet de meest swingende, wel met (bijna) alle stadse geneugten. Verveling is je eigen onvermogen jezelf te vermaken in het paradijs. Een extra jeugdhonk of voetbalkooi lijkt me daar niet de grootste nood, noch het bluswater voor het hellevuur.

Opmerkelijk: in de roemruchte Haagse zomerrellen van 1979 was de jongste arrestant een 9-jarige jongen. In Duindorp hield de politie deze week een leeftijdgenoot aan met een molotovcocktail in zijn handjes. Het heilige vuur brandt al vroeg. Het smeult van generatie op generatie.

Pappen en nathouden: na decennia van rellen waren gecontroleerde vreugdevuren het redelijk werkende compromis – tot de controle faalde. Collectief fikkie stoken en oorlogje spelen tussen twee wijken om ‘wie de grootste heeft’ – dan ben je nooit uit Freuds fallische fase gekomen.

Het AD sprak een buurtwerker. Hij zei: ‘Ook ouders moeten tegen hun kinderen zeggen dat dit niet kan.’ Wat een goed idee. De 9-jarigen van nu hebben ouders nodig. Geen vuurspuwers die zelf kind zijn gebleven.

Meer over