columnJean-Pierre Geelen

Blackface bij Opzij? Als je goed las, zag je de groene zeep op de nieuwsvloer liggen

Jean Pierre GeelenBeeld De Volkskrant

De Opzij, dat was lang geleden. Ooit las ik, mannenzwijn, het ‘feministisch maanblad’ stiekem over de schouder van vaste abonnee mevrouw Geelen. Ik vermaakte me met de rubriek ‘Het haantje van de maand’, waarin een ‘seksistische’ reclame of uitspraak vrolijk werd beschimpt. Of met de interviewreeks ‘Langs de feministische meetlat’, waarin hoofdredacteur Cisca Dresselhuys een Bekende Man pijnigde met de vraag wie thuis de lakens uitdeelde en wie ze waste.

Het blad noemt zich nu ‘Glopinie’ over ‘Feminisme 4.0’, en vult allang geen leemte meer. Maandag was het even terug in de branding. Vanwege een mooi omslag met dr Abbie Vandivere. De conservator van het Mauritshuis haalde onlangs de wereldpers met ontdekkingen rond het Meisje met de parel van Vermeer. Nu stond ze op de Opzij als het Meisje. Net als op de website van het Mauritshuis, maar de uitvoering van Opzij is beter.

Het beeld: een prachtige vrouw ‘van kleur’, met rood gestifte lippen. Mag niet op Facebook. Althans: het sociale platform weigerde een advertentie voor het nieuwe nummer van het blad. De cover ‘zou in strijd zijn met’ de kersverse richtlijnen tegen ‘Blackface’, racisme en discriminatie, meldde het maandblad.

‘Volkomen ridicuul’, vond de baas van Opzij. ‘Stuitend’. Gelijk heeft ze. Als ze gelijk had. Dat was nog maar de vraag. Als je goed las, zag je op de nieuwsvloer de groene zeep al liggen in het woordje ‘zou’. Het is het smeermiddel van de feitenvrije journalistiek, om de #ophef alvast de vrije loop te geven. Zo gebeurde: Twitter lag nog na te smeulen onder een dikke laag zigeunersaus, toen deze verse smulkwestie al weer werd opgediend.

Op het eigen Facebook-account van Opzij stond maandag de foto van de cover nog volop, tot in de eigen profielfoto aan toe. Zo heet werd de soep kennelijk niet gegeten. Tenzij er blinde vinken bij Facebook werken, dat mag je ook niet uitsluiten.

Even later kwam de nuancering, met een reactie van Facebook via het ANP. De weigering had niets te maken met de nieuwe regels, al was ook niet duidelijk waarmee dan wel. Mogelijk de grote hoeveelheid tekst in de advertentie. Gaan we nog horen. Hoe dan ook: ‘Het vorige week aangekondigde blackface-beleid is nog niet van kracht’, zei een zegsvrouw van Facebook.

Zouden ze bij Opzij niet stiekem ook genoten hebben van deze gratis reclame? (Voor deze stuur ik nog een factuurtje.) Er misschien zelfs op hebben aangestuurd? Ze hadden immers ook even kunnen wachten met ronkende publiciteit totdat Facebook een duidelijke reden had gegeven voor de weigering.

Maandag was het hek al snel van de dam. Er werd op sociale media vrijuit geschaterd om de rigide regeldrang van Facebook. Ook ik sprong in die modus. Wanneer in de loden ernst van inclusiviteit en antiracisme geen enkele ruimte meer is voor subtiliteit, nuance of humor, zijn we ver van huis. Ik zag hoe het medium zich met dit verbod precies schuldig maakte aan wat het zegt te willen bestrijden: racisme. Een zuiver gevalletje tunnelvisie, waarin de patiënt alleen nog maar waarneemt wat die wil zien.

Na de reactie van Facebook wist ik het niet meer. Niet wat gebeurd was, en niet wat erger is: een ‘sociaal medium’ dat spoken ziet in een gekleurde vrouw, of een feministisch ‘glopinie’-blad dat met datzelfde spook door de straten trekt.

Als ik vrouw ‘van kleur’ was, schopte ik ze allebei opzij.

Meer over