ColumnElma Drayer

Bij D66 zullen ze geen seconde wakker liggen van Ton Visser

Voor D66-leden moet het een verdrietige dag zijn geweest. Konden zelfs CDA’ers onlangs kiezen uit vier kandidaten voor het lijsttrekkerschap, gisteren bleek dat er zich bij D66 welgeteld twéé hebben aangemeld. Niet dat je zegt een indrukwekkende oogst voor een partij die zich van oudsher laat voorstaan op haar democratische inborst.

Bovendien zal, anders dan bij het CDA, de verkiezingsstrijd zo slaapverwekkend verlopen als in mijn jeugd een dia-avondje bij de buren. Althans, zo ziet het er nu naar uit.

Kandidaat Sigrid Kaag, de huidige minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, heeft de warme steun van de partijtop. Aan publiciteit geen gebrek. Ze had haar kandidatuur in juni nauwelijks bekendgemaakt of ze mocht aanschuiven bij Op1. Tegenkandidaat Ton Visser uit Oisterwijk, van huis uit jurist, was taxichauffeur en is nu docent Engels. Hij moest het tot nog toe doen met wat aandacht in de regionale pers. Niet onbelangrijk is verder dat volgens een recente peiling vanEenVandaag ruim driekwart van de D66-sympathisanten de tijd rijp acht voor een vrouw op de eerste plaats.

Relatief bekende vrouwelijke partijlieveling uit de Randstad versus relatief onbekende man uit Oisterwijk – de uitslag lijkt me niet heel lastig te raden.

Maar intrigerend genoeg was juist deze scheve startpositie voor Visser reden om zich kandidaat te stellen. (Trouwens niet voor het eerst; ook in 2002 en in 2016 deed hij een poging.) In een handgeschreven brief liet hij ‘lieve Sigrid’ op 22 juni weten: ‘Het is mijn vrijheid als Nederlander en als D66’er aan een verkiezing mee te doen die niet te winnen valt. Ik ben vrij te durven verliezen.’ En: ‘Je hoeft geen grote naam te zijn of een indrukwekkende reputatie te hebben om mee te mogen doen. Je hoeft alleen maar je vinger op te steken en dan te laten zien wat je waardig bent.’ Vandaar dat hij zich aanmeldde zodat ‘heel Nederland ziet dat het geen holle woorden zijn als we zeggen dat iedereen mee kan doen, zelfs een nobody als ik.’

Hoe waar ook, bij D66 zullen ze geen seconde wakker liggen van Vissers gooi naar het lijsttrekkerschap. Ergens is dat jammer. Uit het proza dat de man regelmatig de wereld in stuurt blijkt hij namelijk, o wonder, niet alleen te beschikken over de zelfspot die bij zijn politieke geestverwanten dikwijls ontbreekt. Hij heeft ook nog eens een visie op de partij die je gerust verfrissend mag noemen. Zo schreef hij in een open brief op 1 februari: ‘Wij zijn een club van elitaire betweters. (...) Te vaak stralen wij dedain uit naar mensen waarvan wij impliciet vinden dat ze niet zo slim zijn als wij. Soms zelfs niet eens impliciet. Met die neerbuigende houding doen wij mensen onrecht, en die mensen voelen dat intuïtief heel goed aan.’ Vandaar, analyseerde hij, dat D66 nog nooit werkelijk doorbrak.

Goed, Visser zal het in september niet redden tegen Kaag. Maar misschien kan de partij wél zo ruimhartig zijn hem op de lijst voor de Tweede Kamer te zetten?

Elke zichzelf respecterende organisatie is tegenwoordig naarstig op zoek naar critical friends: lieden die je scherp houden door je op gezette tijden streng doch liefdevol op je blinde vlekken te wijzen. D66 heeft er al eentje in huis.

Globetrotter Ton Visser gaat de strijd aan met Kaag: ‘Bij D66 zal in ieder geval niemand me beroven’
Hij was chauffeur voor Alexander Pechtold, sliep op bankjes in New York en ziet als leraar in China nu hoe belangrijk het democratische proces is: Ton Visser (56). Als enige neemt hij het op tegen Sigrid Kaag, de gedoodverfde favoriet om de volgende lijsttrekker van D66 te worden.

Meer over