Behoud de collectie

Het zou eeuwig zonde zijn als de Scheringa-collectie en het nieuwe museum verloren zouden gaan.

Dirk en Baukje Scheringa en Belia van der Giessen

Het leeghalen van het Scheringa Museum voor Realisme kreeg vorige week veel aandacht in de media. Wij willen het hier niet hebben over de omstandigheden waaronder dat gebeurde, maar over de vraag wat er met de collectie moet gebeuren: die moet behouden blijven.

De kracht van de collectie van het Scheringa Museum voor Realisme ligt besloten in de unieke samenhang van het geheel. De collectie bestaat immers niet alleen uit een aantal topstukken en enkele kunstenaars die nergens in Nederland te zien zijn (zoals Katz, Freud en Schrimpf), maar bestrijkt de gehele ontwikkeling van het realisme in de 20ste en 21ste eeuw.

Bredere context
In de collectie zijn niet alleen werken van Nederlandse kunstenaars opgenomen, maar ook van internationale tijdgenoten. Daarmee worden de werken direct in hun bredere context gezet.

Dat is belangrijk, want een Magritte wint aan kracht als deze te zien is naast werken van Delvaux, De Lempicka en Dalí. De Zeppelin van Willink krijgt meer betekenis als hij naast het werk van zijn grote inspirator Giorgio de Chirico te zien is. De kwaliteit van Pat Andrea wordt verdiept wanneer die niet alleen te zien is in samenhang met het werk van zijn leermeester Westerik, maar ook nog eens gerelateerd wordt aan het werk van een jong Zuid-Amerikaans talent als Gino Rupert. De recente aankoop van het beeld van de Amerikaanse kunstenaar Duane Hanson opent deuren voor herinterpretatie van reeds in de collectie opgenomen werken.

Het museum heeft de afgelopen 12,5jaar de museale taak zeer serieus genomen en niet alleen gebouwd aan de collectie, maar ook aan kennis, onderzoek, archief, documentatie en tentoonstellingen die de collectie onderbouwen en versterken.
Brieven van onder andere Pyke Koch en Dick Ket in de museumverzameling verschaffen inzicht in de werkwijze van deze schilders. Films over de magisch realisten becommentarieerd door kenners als Carel Blotkamp, Rik Fernhout en Alied Ottevanger, zijn waardevolle documenten waaraan uitgebreid kunsthistorisch onderzoek ten grondslag ligt.

Uitbreiden
Er bestonden plannen om de collectie uit te breiden richting verschillende disciplines als fotografie, videokunst en installatiekunst. In de zomer van 2010 zou een ruime selectie van de collectie te zien zijn in het nieuwe museumgebouw dat Herman Zeinstra hiervoor ontwierp.

Dat nieuwe museum in Opmeer was de perfecte jas voor de collectie. De samenhang en dwarsverbanden van de collectie zouden hier nog beter tot hun recht komen. We moeten niet vergeten dat er vooralsnog wordt gesproken over een collectie die relatief weinig mensen echt goed kennen.

Tot nu toe was slechts 8procent ervan in het museum te zien. De oproep van Martijn Sanders, voorzitter van de Vereniging Rembrandt (Kunst en Boeken, 23 oktober) om met hulp van het ministerie van OCW tijd te winnen om onderzoek te doen naar behoud van de collectie, steunen wij derhalve van harte.

Lef
Als we de huidige status van de collectie bekijken, zien we iets bijzonders en unieks, dat nergens in Nederland of daarbuiten in een dergelijke samenhang wordt gepresenteerd. Er is met lef aangekocht in een tijd dat het realisme nauwelijks waardering genoot in de kunstwereld.

Tegenwoordig hebben alle musea de Realisten uit het Interbellum uit het depot afgestoft en op zaal gehangen, en zijn ze enthousiast over de vele recente aankopen van jong talent die wij hebben kunnen doen. Het zou eeuwig zonde zijn wanneer de collectie en het nieuwe museum verloren zouden gaan.

Oproep
De steun voor het museum nam in de loop der jaren niet alleen toe in de kunstsector, maar ook onder het publiek. Het museum trekt inmiddels rond de 55.000 bezoekers per jaar. Het deed ons dan ook goed dat minister Plasterk in Pauw & Witteman een oproep deed om de collectie als geheel te redden. Zonder financiële steun is dit uiteraard niet mogelijk.

Achter de schermen wordt hard gewerkt om de collectie en het nieuwe museumgebouw te redden. Het mag duidelijk zijn dat onze hoop is dat de collectie niet uiteenvalt. Wij hopen dan ook snel aan tafel te zitten met de Vereniging Rembrandt en eventueel nog nader te benoemen experts.

null Beeld
Meer over