VerslaggeverscolumnToine Heijmans in Breezanddijk

89 windturbines in een stervend IJsselmeer

Midden in het land was een plek met alleen maar water. Geen kustlijn te bekennen, geen schoorstenen of galerijflats of andere gevolgen van de menselijke economie. Hier was het IJsselmeer een petrischaal en het leek alsof je eraf kon vallen, alsof er verder niets bestond.

Nu komt daar een windmolenpark en de bouw gaat snel en de rondvaartboot die pers en ‘stakeholders’ langs alarmgele heipalen voert heeft tijd nodig eromheen te varen, zo groot is het gebied. Over de boeg slaat buiswater, korte golven, en ik stel me de draagwijdte voor van dit bouwproject. Vanuit Enkhuizen, Lelystad, Vlieland en misschien wel verder zul je de molens zien, ook ’s nachts: een massieve zeshoek van rode lichten, een fort.

Heipalen van 30 meter.Beeld Toine Heijmans

De rondvaartboot is vol groene bedoelingen, politieke daadkracht (gedeputeerde Sander de Rouwe) en ondernemerszin (projectdirecteur Anne de Groot) – toch ligt er een steen op mijn maag. Want in het gevecht om de ruimte raakt het IJsselmeer opnieuw gewond.

Terwijl we de Sarens Soccer Pitch naderen, een drijvend werkplatform, Hollands glorie, doemen twee boeken op die ik deze zomer las. Eens ging de zee hier tekeer van Eva Vriend, over het verdwijnen van de Zuiderzee, dat laat zien hoe de bouw van een civieltechnisch kunstwerk het leven van mensen dramatisch en voorgoed veranderde. En Doggerland van Ben Smith, een toekomstroman met de dode Noordzee als decor, volgestouwd met het roestend metaal van half functionerende substations en windmolens, ‘van sommige waren de bladen beschadigd; hun overblijvende ledematen zwierden rond in hortende slagen’.

Beetje somber voor zo’n mooie dag waarop de groene techniek wordt gevierd. 89 turbines, grootste windpark ter wereld in binnenwater, onderhoudsvrij, direct drive. 382,7 megawatt. 180 meter hoog. 145 kilometer stroomkabels. 27 hectare werk-natuureiland. Substation met kinetische gevel. Wieken zo groot dat ze niet meer over de weg kunnen vervoerd. Heipalen van 4,5 meter dik en 30 meter lang. Paalafstand van minstens 600 meter want ‘windturbines hebben last van elkaar’, zegt Anne.

Het IJsselmeer is natuurgebied, er was protest tot aan de Raad van State maar ook die vond het goed, en Sander vertelt trots hoe het hem lukte draagvlak te krijgen. De provincie betaalt dik honderd miljoen euro mee aan de molens en krijgt er zeggenschap voor terug plus rendement. Er komt een ‘omgevingsfonds’ voor mooie dingen in het kustgebied, 720 duizend euro per jaar, twintig jaar lang. Kustbewoners kunnen obligaties kopen vanaf 500 euro, ‘echt voor de gewone man’ en delen dus mee in de gegarandeerde winst – alle energie is al voor vijftien jaar verkocht.

Sander de Rouwe.Beeld Toine Heijmans

Trots: ‘Je ziet geen spandoeken hier maar vlaggen, dat beeld is echt gekanteld’ (hij bedoelt bedrijfsvlaggen).

Sander is van Bolsward hier vlakbij, een echte Fries die de Afsluitdijk een ‘grande dame’ noemt. De ondernemers die het windpark dragen noemt hij ‘de notabelen van nu’ – een vroege carrière als wasmachineverkoper leerde hem goed praten. In Friesland gaan de dingen anders, zegt hij, daar bouw je zo’n project op ‘mienskip’, gemeenschapszin. Andere windparken, zoals die in de Veenkoloniën, zijn ‘koud’ aangewezen door de minister, ‘het landschap en de bewoners zijn dan meestal sluitpost in de businesscase’.

Anne toog naar het café in Makkum waar hij luisterde naar degenen die hun uitzicht verliezen, om een grondoorlog zoals in de Veenkoloniën te voorkomen. Maar dit is dus water. ‘Op land’, zegt hij, heb je altijd het probleem van het geluid en van de slagschaduw. Dat speelt hier niet. Dit is ecologisch gezien de minst slechte plek.’

De menselijke weerstand is hier minimaal, met die maximale afstand tot de kust.

89 turbines.Beeld Visualisatie Windpark Fryslân

Anne is de zoon van een polderboer die in 1991 zijn eerste windmolen plantte, ‘dat fascineerde me als kind enorm’. Hij was 13. Zijn windmolenbedrijf Ventolines is nu goed voor miljoenen, misschien wel een miljard. In de tijd dat hij dit plan bedacht, 2008, kwam hij naar Sander in Den Haag, die CDA-Kamerlid was. ‘Ik zei tegen Anne: jij wil een windpark, maar ik wil de verkiezingen winnen. Nou: hij heeft zijn windpark, en ik win de verkiezingen.’

Een prachtig rendement.

Het IJsselmeer noemt hij ‘dood water’, dat moet gerevitaliseerd. Maar economisch is het interessant. Er is een ‘initiatievenkaart’ met alle plannen, waarop je de longen van het land dicht ziet groeien.

De Zuiderzee verdween trager dan verwacht, schrijft Eva Vriend – de vissers en de vissen hielden lang stand. Nog trager verdwijnt het IJsselmeer, in stukjes, in een zee van ambitie, ruimtegebrek, groeizucht, groenzucht, Hollands glorie, geld.

Nooit meer zal er in Nederland een plek zijn zonder kust.

Sarens Soccer Pitch.Beeld Toine Heijmans
Meer over