autotestTest

Model Y van Tesla lijkt van binnen net een leeggeroofde interieurzaak van Jan des Bouvrie

Het binnenwerk van de SUV lijkt nauwelijks op dat van een auto, maar de Tesla Model Y Long Range AWD blijkt een prima vervoermiddel voor langere afstanden.

Theo Stielstra
Tesla Model Y. Beeld Tesla
Tesla Model Y.Beeld Tesla

Tesla Model Y Long Range AWD

Prijs € 65.018

Vermogen 351 pk/ 258 kW

Actieradius 507 km (WLTP)

LxBxH 475x192x162 cm

Accu 75 kWh

Gewicht 1.950 kilo

Liefhebbers van een minimalistisch interieur voelen zich ogenblikkelijk thuis in de Model Y, de nieuweling van Tesla. De middelgrote SUV (Blik zegt: flinke bak) is gebouwd op basis van de populaire Model 3. De auto is iets hoger en langer en heeft een hogere zitpositie dan de Model 3 en de neus is helemaal gesloten, waardoor de indruk van een gladde aal kan ontstaan. Binnenin valt op dat hij nauwelijks op een auto lijkt. Het is net een leeggeroofde interieurzaak van Jan des Bouvrie: wit, ruimtelijk en kaal. Het dashboard is een lange balk waaruit het stuur met daarachter de richtingaanwijzer uitsteekt en waaraan een buitenmodel tablet is bevestigd. De ogen zoeken tevergeefs ventilatieroosters, een klepje, een schakelpook of desnoods een usb-poort. Niets van dat alles. In de deur zitten knoppen (!) om het portier en de ramen te openen, op het stuur liggen twee ronde knoppen en dat was het wel, qua autogevoel.

De bestuurder heeft zijn of haar komst al aangekondigd met de smartphone in tas of broekzak, de auto zet de stoelen en het stuur alvast op de ingestelde stand, en rijden maar.

Voorin: royaal ruimte. Achterin: het is er geen balzaal, maar ook lange benen vinden ruimte onder de hoge voorstoelen. Dankzij het glazen dak is ook de binnenruimte voor de langere medemens voldoende. Over ruimte gesproken: voorin zit de frunk, combinatie van front en trunk. Achterin en onder de vloer stikt het van de bagageruimte. Een mountainbike of twee kunnen gerust mee achterin deze SUV.

De lange medemens de achterin zit kan zijn of haar benen onder de voorstoelen kwijt. Beeld Tesla
De lange medemens de achterin zit kan zijn of haar benen onder de voorstoelen kwijt.Beeld Tesla

De interface, het laagje tussen mens en auto, bevindt zich vrijwel volledig op het platte scherm in het midden van de auto. De plek in het midden went snel, maar o, wat zouden we graag een paar knopjes hebben: zo zochten we de grootlichtbediening, toen bleek dat we de rest van de wereld aan het verblinden waren, en de ruitenwissersnelheid toen de miezerregen de computer in opperste staat van opwinding bracht, en wie buiten (in de regen) staat en de achterklep wil openen, moet eerst naar binnen om dit via het scherm te realiseren. Best armoedig (nee, zegt meneer Tesla: het kan ook via de app. Ook armoedig, zegt Blik).

Wie onderweg de warme luchtstroom wil doen afbuigen, zoekt, tijdens het rijden, het plaatje met de rookpluimen uit de dashboardbalk en manipuleert op de iPad-manier, met twee vingers, de luchtstroom tot tevredenheid. Ondertussen moet Tesla’s fameuze autopilot maar een oogje in het zeil houden.

Zelfs de navigatie, uw Blik-redacteur ligt er geregeld mee in de clinch, is intuïtief te bedienen. Jammer hooguit van dat ongeïnteresseerde, lijzige stemmetje, en die taalfout: ‘Over 2 kilometers...’ Sorry Elon, het moet toch echt zijn: ‘over 2 kilometer...’, enkelvoud. En de Papentorenvest heeft niks met ‘pap’ te maken: ‘Pap-en-torenvest’. Suf.

Het centrale scherm met onder meer navigatie en, onderaan, de meest gebruikte functies. Beeld Tesla
Het centrale scherm met onder meer navigatie en, onderaan, de meest gebruikte functies.Beeld Tesla

Opvallend is dat het rijcomfort best matig is. Natuurlijk, Tesla maakt nu eenmaal sportieve modellen (de Tesla-god houdt van flink doorrijden), maar de modellen met de extra grote 20-inchwielen bonken keihard op oneffen wegdek. Op de snelweg is daar mee te leven, maar we missen deerlijk de comfortinstellingen van de betere Duitse en Koreaanse auto’s.

Tesla's aan de Tesla-snellader. Beeld Tesla
Tesla's aan de Tesla-snellader.Beeld Tesla

Wat we allemaal in het testweekend niet hebben uitgeprobeerd? De luidsprekers aan de buitenkant bijvoorbeeld, voor degenen die op een Amerikaans achterkleppenfeest de blits willen maken; het automatisch inparkeren (hadden we beter wel kunnen doen); de apps van Spotify en YouTube; de racespelletjes waarbij je het echte stuur gebruikt om te spelen (uiteraard terwijl de auto in de P van parkeren staat, zoals tijdens het opladen); en ook het best vlotte opladen aan het eigen Supercharger-netwerk konden we helaas niet beproeven. Onze ritten naar de uithoeken van ons land bleven net binnen de range die officieel 507 kilometer bedraagt, maar in de praktijk, tijdens een herfstweekend ruim 450 kilometer telt.

Waar Blik wel van onder de indruk was, is de autopilot in combinatie met de navigatie: kies je bestemming en de auto rijdt er – we overdrijven sterk – zelf naar toe. Bij afslagen verzoekt de auto de bestuurder om zelf de richtingaanwijzer aan te zetten. De auto zoekt dan het juiste moment en voldoende ruimte om van baan te wisselen. Bij de rode verkeerslichten stopt hij, van voorliggers houdt hij veilige afstand en als het licht weer op groen springt, klinkt er een keurig seintje. Deze laatste voorziening is nog ‘in ontwikkeling’, maar blijkt een van de fijnste features van de auto te zijn.

Kan de auto alles zelf? Welnee. Zo blijft de auto gerust zonder noodzaak pal links rijden, en op gezette tijden raakt ook de zelfsturende auto de weg kwijt. Mini-rotondes, wegopbrekingen, een auto die hard van rechts komt invoegen, en te druk stadsverkeer: Tesla doet dan een beroep op het menselijke oog en de menselijke beoordeling van de chaos. Niettemin neemt de auto veel afwegingen zelf, en draaien er veel routinekilometers onder de banden door, zonder al te veel inspanning van de bestuurder, die daarvoor alleen wordt geacht met een zekere druk op het stuur te laten weten nog aanwezig te zijn.

Prijzen

Met 65.000 euro is de Model Y bepaald geen prijsvechter. De Performance-versie komt zelfs op 70.000 euro. De unieke autopilot en de optionele derde zitrij, waardoor 7 zitplaatsen ontstaan, zouden die prijzen kunnen rechtvaardigen, maar voorlopig is de Tesla de duurste in zijn klasse. De BMW iX3 en de Lexus UX 300e komen er nog het dichtst bij in de buurt met respectievelijk 63.500 en 52.800 euro. Maar de rest van het veld beweegt zich daar ver onder. Zoals de Polestar 2 (€ 44.900), de Peugeot e-2008 (€ 33.650) en de Hyundai Ioniq 5 (€ 43.500, binnenkort in Blik).

Correctie

In de bespreking van de Tesla Model Y staat dat de grootlichtschakelaar alleen te vinden was via het beeldscherm. Dat klopt niet: er zit er ook eentje achter het stuur. Dezelfde bewering over de knop voor de achterklep is niet correct: er zit ook een klepknop bij de kentekenplaatverlichting.

Meer over