Onze gids dit weekeinde

‘Mijn werk moet een beetje schuren, dat maakt het van nu’

De Duitse grafisch ontwerper Eike König is een begrip in de wereld van design en reclame. Waar loopt deze creatieve geest zelf zoal warm voor?

Jeroen Junte
Eike König Beeld Marcel Wogram
Eike KönigBeeld Marcel Wogram

‘Dit is mijn privéhoekje. Hier leef ik me uit met materialen en ambachtelijke technieken als sjablonen snijden of kleuren met verfrollers. Allesbehalve computers’, zegt de Duitse grafisch ontwerper Eike König (53), terwijl hij een gordijn achter zich opentrekt. In diepe stellingkasten liggen stapels karton en tientallen houten frames. Op de grond liggen papierkokers. Het is het archief van Eike König Editions, een collectie typografische illustraties van puntige oneliners op rafelig papier of professioneel schildercanvas. Op een poster veranderen de zwarte letters van ‘jetset’ in een rood ‘jetlag’. Van het woord ‘truth’ is een optische illusie geschilderd. Het lijken memes uit een tijdperk dat sociale media nog niet bestonden. ‘Diep vanbinnen ben ik altijd een analoge kerel gebleven.’

Eike König – in eigen land en de wereld van design en reclame is zijn naam een begrip. Maar ook de doorsnee mediaconsument in Nederland heeft wel een reclame of illustratie gezien van Hort, zoals zijn ontwerpstudio heet. Met een draai van zijn laptop toont hij de oude sigarenfabriek in de Berlijnse wijk Kreuzberg met zoemende Macs, opengeslagen kunstboeken op de grond, stijlvolle posters op witte muren en een racefiets die achteloos tegen een bureau leunt. Precies wat je verwacht van een hip ontwerpbureau in Berlijn. Hier bedenkt König (baardje, tattoos, muts) met zijn team campagnes voor multinationals als Microsoft en IBM. Ook voor de Pride en modehuis Chanel trouwens. Of een huisstijl voor het statige Bauhaus, de historische kunstacademie die tegenwoordig een museum en onderzoeksinstituut is. ‘Je zou het misschien niet zeggen, maar ik ben erg kieskeurig. Ik werk altijd mét een klant, nooit voor een klant.’

Ook dat commerciële werk heeft iets analoogs. Soms is het een rauwe hiphopflavour, zoals een Nike-campagne met dikke stiftletters en felrealistische fotografie. Dan weer zijn de letters kleurrijk en met de zwierige contouren van Marvel-strips (de campagne voor het onafhankelijke persbureau The Intercept). Of juist een punk-achtige collage van zwart-witfoto’s en gestencilde letters. Maar altijd hangt er een geur van inkt en papier om zijn werk. ‘In een wereld die steeds gladder en perfecter wordt, denk aan Instagram, neemt de behoefte aan imperfectie juist toe. Daarom moet mijn werk een beetje schuren, dat maakt het van nu.’

König is een vormgever van de tijdgeest. Niet gek voor een gesjeesde student. ‘Ik was zó ongelukkig op het hiërarchische designonderwijs in Duitsland, waar je altijd moest nadoen wat oude mannen al tien of twintig jaar eerder hadden gedaan.’ Als hij in 1992 aan de slag kan als artdirector van platenmaatschappij Logic van danceduo Snap (I got the power) verlaat hij zijn studie. ‘De prille technoscene had geen visuele kenmerken. Ik kon me helemaal uitleven. Elke platenhoes of flyer was een nieuw visitekaartje.’ Toch zoekt hij na een paar jaar nieuwe creatieve uitdagingen en begint ontwerpbureau Hort. ‘Dat is Duits voor naschoolse opvang. Dit moest mijn speelplaats zijn. Maar ik wil ook bij elk nieuw project iets leren. Dat is tot nu toe gelukt.’

De internationale doorbraak van Hort volgt in 2005 met de opdracht van Nike voor de verpakking van de gymschoen van basketballer LeBron James. ‘Ons ontwerp werkte ook voor posters, winkeldisplays en zo. Doe dat dan ook meteen maar, zeiden ze bij Nike.’ Inmiddels heeft Hort voor diverse Nike-collecties het stijlboek ontworpen dat de basis is voor alle reclame-uitingen. Maar weer jeukt er iets en sinds 2014 maakt hij gesigneerd en genummerd drukwerk onder de noemer Eike König Editions. Met evenveel succes als zijn reclamewerk. ‘Juist als merkstrateeg is het cruciaal om kritisch te blijven. Je bent toch een cover-up voor bedrijven. Mijn vrije werken zijn advertenties voor sociale vraagstukken als klimaatverandering of het verschijnsel nepnieuws.’

Muziek:

Sleep – Max Richter

‘Ik ben een muzikale veelvraat. Ik luister naar punk en speedmetal, maar ook folk en mijn oude liefde techno. Als ik dan één muziekstuk moet kiezen, is het Sleep van Max Richter. Het is een acht uur durende ambient-compositie, net zo lang als een nacht slaap. De klanken zijn gebaseerd op de neurologische werking van slaap. Het is ook gemaakt om ’s nachts te luisteren. Maar ik koester vooral de herinneringen die deze muziek oproept, zoals de ontmoeting met mijn vrouw. Ik beleef ook zo weer de live-uitvoering die ik zag in een kasteel in Engeland. En het voelt allemaal als gisteren. Muziek kan de tijd buigen. Daarom is het voor mij de allerhoogste kunstvorm.’

Platenhoes:

The Dark Side of the Moon – Pink Floyd

null Beeld

‘Mijn grote leermeester is Neville Brody, de legendarische ontwerper van het jarennegentigtijdschrift The Face en tal van iconische platenhoezen. Ook het artwork van Peter Saville voor Factory Records is onovertroffen. Maar het kwartje dat er een diepe connectie is tussen vormgeving en muziek viel al eerder, bij het ontwerp van The Dark Side of the Moon van Pink Floyd. Hier zag ik letterlijk dat één beeld exact de sfeer van de muziek kan verbeelden of zelfs versterken, in dit geval de mysterieuze en ietwat duistere muziek en een platenhoes waarop een bundel licht door een glazen driehoek uiteenspat in een kleurenprisma. Die lens, dat is het ontwerpcollectief Hipgnosis waar de muziek doorheen stroomt en wordt vertaald in vorm en kleur. Dat maakt het nog cooler, dat dit ontwerp een teamprestatie is. Dat is precies hoe ik ook werk. Ik heb geen personeel, maar vorm met mijn team een coöperatie waarin iedereen een gelijkwaardig lid is.’

Architectuur:

Tadao Ando

null Beeld Gamma-Rapho via Getty Images
Beeld Gamma-Rapho via Getty Images

‘Mijn vader was een architect, zijn grote held was Le Corbusier, die tijdloze gebouwen wilde ontwerpen zonder enige vorm van decoratie of levensvreugde. Mijn hele puberteit heb ik tegen mijn vader gevochten. Hij was zo streng, ik haatte hem. Daarom had ik een ingewikkelde relatie met architectuur. Dat veranderde op Naoshima, een eilandje voor de kust van Japan vol kunstinstallaties en musea. Daar zag ik een gebouw van architect Tadao Ando, die meestal kale gebouwen van beton ontwerpt. Maar dit is een klein minimalistisch huisje van hout, helemaal zwart van buiten én binnen. Als je binnenkomt sta je eerst tien minuten in het donker. Dan opeens is er licht, dat steeds feller wordt, zonder dat je kunt zien waar het vandaan komt. Het is er gewoon. Het lichtkunstwerk is van de Amerikaanse kunstenaar James Turrell. Dit was voor het eerst dat architectuur een fysieke impact had. Maar het was ook een transcendente ervaring. Ik ben geen spiritueel mens, verre van zelfs. Maar hier voelde ik een diepe connectie met het leven op aarde. Met de kosmos zelfs.’

Product:

iPhone

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

‘De iPhone heeft van de computer een zakapparaatje gemaakt, en dat in een tijdsbestek van amper vijftien jaar. Het gebruik is bovendien zo intuïtief dat je geen gebruiksaanwijzing hoeft te lezen. Mijn zoontje van 3 jaar kan ermee overweg. Tegelijkertijd opent het nieuwe werelden. Je kunt ermee winkelen, gamen, videobellen, daten. In mijn studio worden er zelfs filmpjes op geëdit. Daarvoor heb je alleen je duim nodig, hetzelfde lichaamsdeel waarmee we dingen pakken. We gaan dus ook een intensieve fysieke relatie aan met dit apparaat. Als het apparaat uitstaat is het niets, een zwarte doos zonder betekenis. Maar eenmaal aan ziet elke iPhone er anders uit, omdat iedereen er andere dingen mee doet. Goede technologie gaat niet over innovatie, maar over mensen. Al zit er inmiddels ook een donkere kant aan deze technologie, waarbij het vernuft van design wordt ingezet om ons te verslaafd te maken. Ontwerpers zouden daar meer bij moeten stilstaan.’

Kunstenaar:

Refik Anadol

‘Ik ben gefascineerd door de videowerken van de Turkse kunstenaar Refik Anadol. Zijn meest recente werk is gegenereerd door zelflerende algoritmen. Het is een dromerig natuurlandschap dat pulseert en beweegt alsof het leeft. Tegelijkertijd ziet het er overduidelijk digitaal uit, met zichtbare pixels. Kunst als een symbiose van mens en machine. Toch is het niet de esthetiek die mij intrigeert, maar de vraag of kunstmatige intelligentie ook creatief kan zijn. Zo ja, hoe ziet dat er dan uit? Zien wij het verschil met wat mensen maken? We staan voor een nieuwe digitale revolutie. Neem ook de nieuwe manier waarop dit soort digitale kunstwerken wordt verkocht, waarbij wordt betaald met cryptovaluta en alles wordt vastgelegd in een blockchain. Het doet me denken aan het begin van de jaren negentig, met de opkomst van computermuziek en de eerste e-mails en websites. Ik zag dit werk in de König Galerie in Berlijn, een fantastische plek in een oude kerk die op zich al een bezoek waard is. De eigenaar Johann König – geen familie jammer genoeg – ontregelt de kunstwereld door grote kunstbeurzen als Art Basel te negeren en kunstwerken te verkopen als NFT’s (de eerdergenoemde nieuwe manier waarop digitale kunstwerken worden verkocht, red.). Hij bereikt ook een nieuw publiek. Bij de expositie van Anadol stond een rij van een uur voor de deur met niet alleen kunstliefhebbers, maar ook technerds, wetenschappers en start-up-ondernemers.’

Stad:

Berlijn

Sammlung Boros Beeld ullstein bild via Getty Images
Sammlung BorosBeeld ullstein bild via Getty Images

‘Misschien nog wel interessanter voor kunstliefhebbers dan de König Galerie in Berlijn is de Sammlung Boros, een topcollectie van hedendaagse kunst van een verzamelaar in een reusachtige voormalige nazibunker die helemaal bovengronds is. Hij staat midden in de stad, om de hoek van de Reichstag. Je moet weken van tevoren reserveren, want je mag alleen naar binnen met een officiële rondleiding in groepjes van tien. In de DDR werd deze bunker gebruikt als een soort reusachtige koelkast, omdat het er altijd koud en donker is. Berlijn heeft veel van dit soort historische gebouwen die nu een andere functie hebben. Mijn favoriet is Flughafen Tempelhof, een luchthaven uit de nazitijd die feitelijk onaangetast is. De hangars, de landingsbanen, alles ligt er nog. Het is een open ruimte zonder verkeer, die Berlijners zich hebben toe-geëigend met picknicks, dansen, vliegeren of gewoon een avondwandeling. Er zijn al veel plannen geweest om het terrein te bebouwen, maar telkens wordt daar een stokje voor gestoken, omdat iedereen de waarde inziet van zo’n plek die van niemand en tegelijkertijd van iedereen is. Zeker nu met lockdowns en covid is zo’n plek onmisbaar.’

Literatuur:

Detransition, Baby – Torrey Peters

null Beeld .
Beeld .

‘Ik lees nu dit aangrijpende boek over een man die zich niet thuis voelt in zijn lichaam en daarom in transitie gaat om van geslacht te veranderen. Maar haar nieuwe leven blijkt zo problematisch te zijn, de transitie is zo zwaar, dat zij weer terug transformeert naar een mannenlichaam. Ik heb inmiddels begrepen dat dit vaker gebeurt, wat enorm tragisch is. Het is een zeer realistisch verhaal, geschreven door een transgender persoon, en biedt een inkijk in de gedachten, emoties en de leefwereld van transgender personen, een wereld waar ik op geen enkele manier toegang toe had. Dat is wat literatuur kan doen. Het laat mij kennismaken met werelden en mensen die ik anders nooit had ontmoet. Ik lees het liefst van papier, uiteraard. Ook omdat ik voor mijn werk een fervent gebruiker van Instagram ben. Soms blader ik door een boek en begin dan op een onverwachte plek met lezen. Dat vind ik inspirerend: dat je niet alleen moet nadenken over wat er gaat gebeuren, maar ook over wat eraan vooraf is gegaan.’

Reclame:

KesselsKramer

null Beeld KesselsKramer
Beeld KesselsKramer

‘De besten in mijn vak. Punt. Humor speelt voor mij een grote rol in reclame. Het is een manier om mijn werk te relativeren, om mijn hele leven te relativeren trouwens. Als ik één campagne van KesselsKramer moet kiezen, is dat toch voor the shitty hotel.’ (König verwijst naar de anti-reclame die het Amsterdamse reclamebureau in de jaren negentig maakt voor het scharrige jeugdhostel Hans Brinker. Ook werd voor het eerst guerrilla advertising ingezet, zoals hondendrollen op straat waarin een vlaggetje werd gestoken met daarop ‘Now even more dogshit for our entrance’.) ‘Reclame is één grote leugen. KesselsKramer draaide het om, door een product niet mooier maar juist slechter af te spiegelen dan het in werkelijkheid is. In dit geval een hotel nog shittier maken. Deze eerlijkheid en totale overdrijving tartte alle wetten van de reclame. Tegenwoordig zou dat helemaal ondenkbaar zijn. Reclame gaat steeds meer over data en gepersonaliseerde boodschappen. Alle creativiteit wordt eruit geperst.’

CV Eike König

1968 Geboren in Hanau, West-Duitsland.

1989 Studie Grafisch Ontwerp aan Darmstad Universität (niet afgemaakt).

1992 Artdirector van het platenlabel Logic in Frankfurt.

1994 Start ontwerpstudio Hort.

1998 Campagne voor surf-/skateprogramma op sportzender ESPN.

2000-2005 Illustraties voor o.m. Wallpaper en The New York Times.

2005 Eerste opdracht Nike.

2007 Verhuizing naar Berlijn.

2011-heden Docent design aan de Universiteit van Offenbach.

2014 Lanceert Eike König Editions.

2022 Huisstijl voor Le19M, het nieuwe atelier en bezoekerscentrum van modehuis Chanel in Parijs.

Eike Koning woont in Berlijn met zijn vrouw en zoontje van 3 jaar.

Meer over