stijlpastoor

Het sloganshirt steekt weer zijn kop op, zelfs op onverwachte plekken

Nu maatschappelijk activisme een piek beleeft, duikt het sloganshirt weer op, signaleert stijlpastoor Arno Kantelberg. Ook op plekken waar je het niet zou verwachten.

Arno Kantelberg

F. Scott Fitzgerald laat in This Side of Paradise zijn jonge protagonist naar Princeton afreizen met een goedgevulde garderobe. Deze Amory Blaine, overduidelijk geboetseerd naar Fitzgerald zelf, sjouwt zes zomerpakken en zes winterpakken mee, maar ook ‘one sweater or T-shirt’. Het was de eerste keer dat de term T-shirt zwart op wit stond.

In het jaar dat Fitzgeralds debuutroman verscheen, 1920, fungeerde het T-shirt nog als onderkleding. Na de Tweede Wereldoorlog promoveerde het tot buitenkleding, waarna het in de jaren vijftig evolueerde tot uithangbord. De druktechnieken in de jaren zestig waren vervolgens zo vergevorderd dat er grote hoeveelheden T-shirts met spreuk, logo of beeltenis geproduceerd konden worden. Het kledingstuk dat voorheen gedragen werd door rebels without a cause, was zelf een rebel wíth a cause geworden, een ideaal stukje canvas om je favoriete rockband dan wel Che Guevara te pluggen.

Als de Engelse ontwerper Katharine Hamnett in het voorjaar van 1984 Downing Street 10 betreedt voor een receptie bij Margaret Thatcher, is dat textiele activisme op een laag pitje komen te staan. Maar daar gaat Hamnett verandering in brengen. Vlak voor haar ontmoeting met de premier trekt ze haar jas uit en openbaart voor het oog van een bataljon fotografen een T-shirt met tekst die refereert aan het politieke besluit om Amerikaanse Pershing-raketten te stationeren op Britse bodem (58 procent van de Europeanen had daar geen trek in). Het witte T-shirt met blokletters is het handelsmerk van Hamnett, die varianten bedenkt voor popbands als Wham (‘Choose Life’) en Frankie goes to Hollywood (‘Frankie says relax’).

Katharine Hamnett. Beeld Alamy Stock Photo
Katharine Hamnett.Beeld Alamy Stock Photo
Sebastian Vettel. Beeld Getty Images
Sebastian Vettel.Beeld Getty Images

Maatschappelijk activisme komt met pieken en dalen. We zitten nu weer in een hoogconjunctuur waarbij millennials en Gen Z’s als vanouds de barricaden beklimmen, misschien ook omdat het de sociaal wenselijke drift is. ‘Protest is the new brunch’, las ik ergens. Hoe dan ook steekt het sloganshirt zijn kop weer op, zelfs op plekken waar je het niet verwacht, zoals op het Formule 1-circuit. Kleding wordt daar normaal gesproken alleen met sponsornamen beplakt, maar de Duitser Sebastian Vettel is uit ander hout gesneden. De thema’s die hij aansnijdt weerspiegelen het huidige temperament. Ging het in de jaren tachtig over oorlog en vrede, bij Vettel gaat het over duurzaamheid en homorechten. Het regenboogshirt droeg hij voor aanvang van de Grand Prix in Hongarije, als protest tegen de antihomowet van Viktor Orbán. Hier wordt kleding gekozen uit solidariteit – al zijn het ook gewoon mooie kleuren.

Meer over