Test

De Citroën ë-C4 is een heel luxe, verzorgde en gave auto met iets te veel easter eggs

Met de ë-C4 introduceert Citroën zijn eerste elektrische personenauto. Sommige applicaties getuigen van de Franse slag, daar kun je boos om worden. Maar: je kunt ook genieten van de gerieflijke stoelen, het rijcomfort en de comfortabele, stille cockpit.

De Citroën ë-C4 Beeld
De Citroën ë-C4

Waarop elke verkoper van een Tesla u waarschijnlijk opmerkzaam zal maken, zijn de zogeheten easter eggs. Die zitten verstopt inderdaad, alleen zijn het geen eitjes maar grapjes, op elektronisch gebied. Zo kun je van je navigatiescherm een marslandschap maken en kun je een schetenkussen actief maken. Flauw? Ja, maar ook leuk en typerend voor de jonge techcultuur waaruit Tesla stamt.

Uit een heel andere cultuur afkomstig en van een heel andere leeftijd is Citroën. De Franse automaker is al ruim boven de 100 en lijkt moeite te hebben met de overstap naar elektrisch – en toch zitten er al dan niet met opzet easter eggs in hun eerste elektrische personenauto. Na een best geslaagde hybride (C5 Aircross) en drie elektrische bedrijfswagens (Spacetourer, Jumpy en Berlingo) is er nu de C4. Die komt als nieuw model met drie aandrijflijnen: een benzine-, diesel- en elektrische motor. Hybride slaat Citroën over.

Bijzonder fraai: het led-design van de achterlichten, links en rechts zijn verbonden door een glanzend zwart paneel. Beeld
Bijzonder fraai: het led-design van de achterlichten, links en rechts zijn verbonden door een glanzend zwart paneel.

Gereden
Citroën ë-C4 Shine

Prijs
€ 40.740 (v.a. € 36.090)

Gewicht
1.516 kg

Afmetingen
LxBxH 436 x 180 x 136 cm

Accu
50 kWh

Vermogen
100 kW (136 pk)

Actieradius
350 km (opgave) / 300 (test)

Verbruik
16 kWh / 100 km (opgave) / 21 kWh /100 km (test)

Eerst even de buitenkant (en dan de paaseitjes). De nieuwe C4 verschijnt naast de C4 Cactus (waarvan de productie al na zes jaar is gestaakt) en twee C4 Spacetourers, een kleine en grotere ouderwetse MPV. De nieuwe C4 lijkt net zomin op die andere drie als die andere drie op elkaar. Welbeschouwd lijkt hij meer op een Toyota (de C-HR, om precies te zijn). Geen belediging, want dat is een opvallende en ravissante verschijning op de weg, maar vergelijken met de DS, de Eend en de Cactus, die ooit min of meer revolutionair waren, kun je deze C4 niet. Citroën gebruikt marketingtermen als 'generous and muscular shape’. Die volle en gespierde vorm komt ogenschijnlijk door slimme knikken in de achterportieren en wat opgepompte wielkassen achter, maar het blijft allemaal zeer beschaafd – achterspoiler of niet. In de elektrische uitvoering hebben de luchtgaten blauwe randen (want blauw = elektrisch), maar verder is deze versie uiterlijk identiek aan zijn fossielebrandstofbroers.

Ook de voorkant mag er zijn: de chevrons van het logo lopen mooi uit in de over twee niveaus verdeelde led-verlichting. Beeld
Ook de voorkant mag er zijn: de chevrons van het logo lopen mooi uit in de over twee niveaus verdeelde led-verlichting.

Beschaafd is ook het woord voor de binnenkant. In zijn prijsklasse (beetje zwevend tussen B- en C-segment) is de nieuwe C4 zeer fraai uitgevoerd. Goeie stevige materialen, keurig afgewerkt en voorzien van veel digitale informatie, zoals we die kennen uit eigenlijk alle andere auto's. Maar wel met een Citroën-touche. En daar komen de paaseitjes. Want wat doet toch dat gevarendriehoekje op het display waarop zo nu en dan een hoofdje verschijnt, gepaard met een geluidssignaal? Is dat de detectie van voetgangers? Nee, want het stak ook weleens zijn kop op als er geen voetganger te bespeuren viel. We hebben twee keer zowel de brochure als het instructieboekje doorploegd, maar vonden het niet. Grapje of toch weer zo’n Frans slordige applicatie?

De C4 biedt twintig veiligheids- en rijhulpsystemen (niet allemaal standaard geleverd) en daarmee meten de Fransen zich met geduchte Japanse, Duitse en Zweeds-Chinese concurrentie, maar een aantal ervan functioneert dus niet naar behoren, want ook de automatische snelheidsregelaar is schokkeriger dan we van de, toegegeven veel duurdere, concurrenten kennen. Iets meer bescheidenheid en dan wel een perfecte uitvoering had ook gekund.

Wie met de rijstandschakelaar het regeneratieve pedaal wil activeren (de B-stand), grijpt mis. Daarvoor moet een apart knopje worden ingedrukt. Beeld
Wie met de rijstandschakelaar het regeneratieve pedaal wil activeren (de B-stand), grijpt mis. Daarvoor moet een apart knopje worden ingedrukt.

Ander paaseitje: het centrale display heeft een, zoals makers dat graag noemen, intuïtieve bediening. Dat klopt. Fraai, sober en duidelijk, op een 10" widescreen aanraakscherm met een tactiele thuisknop. Niets aan de hand. Totdat opeens een scherm verscheen dat later heel moeilijk nog een keer was op te roepen: dat met de informatie over het elektrisch rijden. Bleek dat we daartoe per ongeluk een knopje hadden beroerd op de middenconsole van de auto. Aha, deze elektrische Citroën is dus echt in alles een kopie van zijn fossielebrandstofbroers, met één extra functionaliteit op het infotainmentsysteem dat met een apart knopje (‘Help,waar laten we dat?’ Doe maar op het middenconsole, daar is nog plek’) moet worden opgeroepen. En dan de informatie die erop wordt vertoond: staafdiagrammen, kilometeraantallen, de kleuren groen en blauw, een plus- en een minknopje dat je kunt aanraken waarna de diagrammetjes verspringen? Geslaagd easter egg (volgens Citroën ‘een overzicht van uw elektrische verbruik om u te helpen nog zuiniger te rijden’).

Het easter egg-achtige scherm. 'Een overzicht van uw elektrische verbruik om u te helpen nog zuiniger te rijden', aldus Citroën. Na een stadsritje stond de teller op 26,6 kWh/ 100 km. In de folder van Citroën staat op die plek 8,5 kWh/ 100 km. Beeld
Het easter egg-achtige scherm. 'Een overzicht van uw elektrische verbruik om u te helpen nog zuiniger te rijden', aldus Citroën. Na een stadsritje stond de teller op 26,6 kWh/ 100 km. In de folder van Citroën staat op die plek 8,5 kWh/ 100 km.

Ach, je kunt, als je toevallig net in een elektrische BMW en Mercedes hebt gereden (beide twee keer zo duur), boos worden over die Franse slag, maar je kunt ook glimlachen om die hautaine slordigheid, plaatsnemen in de gerieflijke stoelen, het rijcomfort voelen (het innovatieve veringsysteem dat met de Cactus zijn intrede deed, is hier nog wat verder geperfectioneerd), genieten van de stilte in de comfortabele cockpit, je verbazen over de ruimte achterin (die behoorlijk is voor zo'n afgeschuind model), respect hebben voor de manier waarop de Fransen de Aziaten achter zich laten en denken: wow, dit is voor dat geld toch wel een heel luxe, verzorgde en gave auto. Totaal geen Toyota.

Citroën C4 (links) en Toyota C-HR Beeld
Citroën C4 (links) en Toyota C-HR

Anachronisme

De Citroën ëC4 wil modern zijn. Toch is er ergens gedurende het ontwerp- en productieproces iemand op het idee gekomen boven het handschoenenkastje een opbergplek voor een tablet te plaatsen, met daarin een houder die je op een uitschuifbare standaard kunt plaatsen. Die houder heeft een folie dat voorkomt dat de bestuurder kan meekijken. Top. Alleen: wie heeft er nog een iPad?

Meer over